Besluit van 28 januari 2015 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur betreffende een inkomensondersteuning aan personen die een uitkering ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet (Besluit inkomensondersteuning AOW-ers)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 14 november 2014, nr. 2014-0000170389;

Gelet op artikel 33a, vijfde lid, van de Algemene Ouderdomswet;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 3 december 2014, nr. W12.14.0426/III);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 28 januari 2015, nr. 2015-0000013859;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1. Begripsomschrijving

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder inkomensondersteuning: de inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 33a van de Algemene Ouderdomswet.

Artikel 2. Hoogte inkomensondersteuning

  • 1. De inkomensondersteuning bedraagt bruto € 25,35 per kalendermaand.

  • 2. Dit bedrag wordt jaarlijks met ingang van 1 januari aangepast overeenkomstig de tabelcorrectiefactor, bedoeld in artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001.

  • 3. Het aangepaste bedrag en de dag waarop de aanpassing plaatsvindt worden door of namens Onze Minister in de Staatscourant bekend gemaakt.

Artikel 3. Betaling inkomensondersteuning

De betaling van de inkomensondersteuning geschiedt tezamen met de betaling van het ouderdomspensioen, bedoeld in artikel 7 van de Algemene Ouderdomswet.

Artikel 4. Wijziging van besluiten

1. In de artikelen 2, tweede lid, onderdeel i, van het Besluit van 6 september 1949, tot uitvoering van artikel 11 der Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers (Stb. 1947, H 420) (Stb. 1985, 652), 2, tweede lid, onderdeel i, van het Besluit van 9 augustus 1948, tot uitvoering van artikel 12 der Wet buitengewoon pensioen 1940–1945 (Stb. 1948, I 362) en 5, onderdeel h, van het Kortingsbesluit WIV wordt «artikel 3 van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen» vervangen door: artikel 33a van de Algemene Ouderdomswet.

2. In de artikelen 6, derde lid, van het Remigratiebesluit en 11, eerste lid, onderdeel v, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 wordt «de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen» vervangen door: artikel 33a van de Algemene Ouderdomswet.

Artikel 5. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 28 januari 2015 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Wet financiering sociale verzekeringen, de Participatiewet en de Wet op de huurtoeslag in verband met het toekennen van een inkomensondersteuning aan personen die een uitkering ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet en intrekking van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen (Stb. 2015, 28) in werking treedt.

Artikel 6. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit inkomensondersteuning AOW-ers.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.histnoot

Wassenaar, 28 januari 2015

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma

Uitgegeven de dertigste januari 2015

De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten

NOTA VAN TOELICHTING

Algemeen

Bij artikel I van de wet van 28 januari 2015 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Wet financiering sociale verzekeringen, de Participatiewet en de Wet op de huurtoeslag in verband met het toekennen van een inkomensondersteuning aan personen die een uitkering ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet en intrekking van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen (Stb. 2015, 28) is in de Algemene Ouderdomswet (AOW) een nieuw artikel 33a ingevoegd. Dit artikel geeft degene die recht heeft op ouderdomspensioen en woonachtig is in Nederland of op het grondgebied van een van de andere lidstaten van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba of een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten, tevens recht op een inkomensondersteuning. In artikel 33a, vijfde lid, AOW is bepaald dat bij algemene maatregel van bestuur regels worden gesteld met betrekking tot de hoogte, de indexering en de wijze van betaling van de inkomensondersteuning. In dit besluit worden die regels gesteld.

Artikelsgewijs

Artikel 1

Artikel 33a AOW geeft recht op een inkomensondersteuning in aanvulling op het ouderdomspensioen aan degene die recht heeft op ouderdomspensioen en woonachtig is in Nederland of op het grondgebied van een van de andere lidstaten van de Europese Unie, in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, of in een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten. In dit besluit wordt met inkomensondersteuning gedoeld op de inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 33a AOW.

Artikel 2

De inkomensondersteuning wordt thans vastgesteld op een brutobedrag van € 25,35 per kalendermaand. De inkomensondersteuning komt daarmee overeen met het bedrag van de koopkrachttegemoetkoming op grond van artikel 3 van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen, zoals dat bedrag met ingang van 1 februari 2014 is vastgesteld1 en overeenkomstig artikel 1, tweede en derde lid, van het Uitvoeringsbesluit koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen per 1 januari 2015 zou zijn geïndexeerd. Daarnaast is geregeld dat het bedrag jaarlijks met ingang van 1 januari wordt geïndexeerd. In de regels over de indexering wordt verwezen naar de tabelcorrectiefactor, bedoeld in artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Deze tabelcorrectiefactor is de verhouding van het gemiddelde van de prijsindexcijfers van de achttiende tot en met de zevende aan het kalenderjaar voorafgaande maand, tot het gemiddelde van de prijsindexcijfers van de dertigste tot en met de negentiende aan het kalenderjaar voorafgaande maand. De prijsindexcijfers zijn de cijfers uit de «Consumentenprijsindex Alle Huishoudens, afgeleid» van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De gemiddelde prijsindexcijfers worden berekend uit de prijsindexcijfers vermeld in het nummer van het Statistisch Bulletin, waarin het indexcijfer van de zevende respectievelijk negentiende aan het kalenderjaar voorafgaande maand voor het eerst, al dan niet voorlopig, wordt gepubliceerd.

De jaarlijkse indexatie moet door of namens de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de Staatscourant worden bekend gemaakt.

Artikel 3

De inkomensondersteuning wordt door de Sociale verzekeringsbank betaald tezamen met het AOW-ouderdomspensioen. Op grond van artikel 19 van de AOW betaalt de SVB het ouderdomspensioen als regel maandelijks.

Artikel 4

Bij artikel V van de hiervoor genoemde wet van 28 januari 2015 is de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen ingetrokken. Voor de koopkrachttegemoetkoming op grond van die wet is de inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 33a van de AOW, in de plaats gekomen. In verband daarmee wordt de verwijzing in een aantal besluiten naar de tegemoetkoming, bedoeld in (artikel 3 van) de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen, vervangen door een verwijzing naar de inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 33a van de AOW.

Artikel 5

Het besluit treedt in werking op het zelfde tijdstip als de wet waarmee artikel 33a in de AOW is ingevoegd.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma


X Noot
1

Zie Besluit van 22 januari 2014, houdende wijziging van het bedrag, genoemd in artikel 1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen (Stb. 37).

XHistnoot
histnoot

Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, omdat het zonder meer instemmend luidt.

Naar boven