Aan: De leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Hattem, 5 juli 2019
Geachte leden van de Eerste Kamer,
Mijn besluit om mij, als nieuwkomer, te kandideren voor het eerste ondervoorzitterschap
van de Eerste Kamer is mogelijk niet vanzelfsprekend. Misschien zelfs wel wat ongebruikelijk.
Daarom enige toelichting.
Een ondervoorzitter draagt medeverantwoordelijkheid voor het leiden van vergaderingen
van de Eerste Kamer, het representeren van de senaat, het leiding geven aan de organisatie
en – in deze periode – het managen van de renovatie en de verhuizing van de Eerste
Kamer.
Als ervaren leidinggevende en o.m. lid van de Raad van Bestuur van een beursgenoteerde
onderneming, bestuursfuncties bij verenigingen en stichtingen beschouw ik mijzelf
als een ervaren bestuurder.
Het leiden van vergaderingen waarin diverse belangen om het hardst roepen, gaat mij
goed af; golven gaan me zelden te hoog. Een zakelijke benadering en oog voor een ordelijk
proces die leiden tot een gedragen besluit, zijn voor mij richtinggevend.
Ik heb grote affiniteit met integriteitsvraagstukken en ervaring met het borgen van
integriteit. Bij een vorige werkgever heb ik de compliance-functie opgezet en als
compliance-officer gefunctioneerd, een gedragscode geïntroduceerd en integriteitssessies
georganiseerd. Een gedragscode alleen op papier werkt in de praktijk zelden. Aanvullende
acties zijn nodig om naleving van integriteitszaken te borgen. Ik zal hier graag,
samen met u, werk van maken.
Als hoofd Risicomanagement bij ProRail heb ik met de vele aspecten en facetten van
zeer kostbare bouw- en ICT-projecten te maken gehad. Ik ken de vele valkuilen die
dergelijke operaties met zich meebrengen. Het is belangrijk om er bovenop te zitten,
wat tijd en aandacht vereist. Ik heb naast mijn Eerste Kamerlidmaatschap geen andere
bezigheden, en daarom voldoende tijd om hier goed mee bezig te zijn.
Op één punt sluit mijn profiel niet naadloos aan bij dat wat door de Eerste Kamer
is opgesteld. Weliswaar heb ik tijdens mijn studies Politicologie en Beleid en Bestuur
in Internationale Organisaties aan de universiteiten in respectievelijk Leiden en
Groningen veel theoretische kennis opgedaan op het gebied van recht en bestuurskunde,
maar ik kan nog niet bogen op parlementaire ervaring.
Maakt mij dat als kandidaat ongeschikt? Ik vind van niet. Sterker: juist dat gebrek
aan parlementaire ervaring is mijn sterke punt. De verwondering die een nieuwe werkomgeving
met zich mee brengt, zorgt voor een onbevangen blik. Het out-side-in-perspectief waarvan
terecht wordt aangegeven dat dit gewenst en noodzakelijk is, krijgt u er met mij als
eerste ondervoorzitter bij. Ik kan niet anders.
Ik besef dat het hard werken wordt om met gebrek aan parlementaire ervaring snel op
stoom te komen. Maar wees ervan overtuigd dat ik die tekortkoming ruimschoots compenseer
met veel andere kennis en ervaring. Om het ondervoorzitterschap tot een succes te
maken, komt het neer op voor mij het belangrijkste: motivatie!
Mijn motivatie is gelegen in het Algemeen Belang, niet in overwegingen van persoonlijke
ambities, of mogelijkheden voor groei en ontwikkeling. Mijn motivatie is ook ingegeven
door de uitslag van de statenverkiezingen in maart jl. Meer dan een miljoen kiezers
gaven toen aan dat er wat hen betreft behoefte is aan een nieuw geluid in Den Haag,
dus ook in de Eerste Kamer. Dat signaal moet naar mijn stellige overtuiging een zichtbaar
vervolg krijgen. Niet alleen door verandering in de samenstelling van de Eerste Kamer,
ook door verandering in het bestuur van de Eerste Kamer.
Als eerste ondervoorzitter afkomstig uit de grootste fractie in de Eerste Kamer kan
ik op een geloofwaardige manier tegenwicht bieden aan, maar zeker ook samenwerken
met onze nieuwe voorzitter, lid van de grootste regeringspartij en deel uitmakend
van een van de partijen die al lange tijd verantwoordelijkheid dragen voor het besturen
van Nederland.
Het gaat om de juiste balans tussen goed bestuur van de Eerste Kamer en dito controle
van de macht. Het is daarom dat ik mij kandideer.
Met vriendelijke groet,
Rookmaker