De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel I, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 3:267m, eerste lid, na
de eerste zin een zin ingevoegd, luidende: Bij het vaststellen van die tarieven wordt
in ieder geval rekening gehouden met het publieke belang van contant geld en de vergelijkbaarbaarheid
tussen de kosten voor het gebruik van de chartale basisinfrastructuur en de kosten
voor het gebruik van de girale infrastructuur.
Toelichting
In het voorliggende wetsvoorstel wordt voorgesteld, op basis van artikel 3:267m, om
tarieven voor het gebruik van de chartale basisinfrastructuur vast te stellen. Deze
tarieven worden door banken gerekend aan hun betaalrekeninghouders. De algemene maatregel
van bestuur (AMvB) wordt door de regering vastgesteld.
In het wetsvoorstel worden geen regels gesteld aan de vaststelling van de tarieven.
Wel volgt uit de onderliggende stukken dat het «Convenant contant geld» als uitgangspunt
wordt gebruikt bij de uitwerking van de AMvB. En daarnaast volgt uit het wetsvoorstel
dat de tarieven op nul kunnen worden vastgesteld.
De indiener is van mening dat het gebruik van contant geld niet moet worden ontmoedigd.
Sterker, de toegankelijkheid staat al onder druk, terwijl veel groepen in de samenleving
soms zelfs afhankelijk zijn van contant geld. De indiener is dan ook verheugd dat
er bijvoorbeeld, onder voorwaarden, een acceptatieplicht voor contant geld wordt ingevoerd.
Voor ondernemers kan het gebruik van contant geld extra kosten met zich meebrengen.
Te denken valt aan kosten voor het afstorten van contant geld. Indiener is van mening
dat ook in dat opzicht het gebruik van de chartale basisinfrastructuur niet moet worden
ontmoedigd. In het vaststellen van de tarieven moet dit ook blijken.
Daarom worden met dit amendement nadere voorwaarden gesteld aan de AMvB. Bij het vaststellen
van de tarieven moet er nadrukkelijk rekening worden gehouden met het publieke belang
van contant geld. Dit omvat dat er ook rekening moet worden gehouden met bijvoorbeeld
de toegankelijkheid, beschikbaarheid en het gebruiksgemak van contant geld. Dat houdt
ook in dat de tarieven voor bijvoorbeeld ondernemers niet dusdanig hoog worden vastgesteld,
dat er een ontmoedigende werking van uit gaat of dat het gebruik van contant geld
(bijvoorbeeld in het kader van het afstorten van contant geld) tot hoge kosten voor
ondernemers leidt. Een concrete invulling kan bijvoorbeeld zijn dat betaalrekeninghouders
elke week één keer gratis kunnen afstorten, of wekelijks tot een bepaald bedrag tegen
een laag tarief contant geld kunnen afstorten.
Ook wordt met dit amendement beoogd om de kosten van het gebruik van de girale en
chartale basisinfrastructuur zo veel mogelijk vergelijkbaar te houden. Dit houdt niet
in dat de kosten voor gelijk zijn. De kosten voor het in stand houden van de chartale
basisinfrastructuur zijn namelijk relatief hoger dan de kosten voor de girale basisinfrastructuur.
Tegelijk mogen de kosten voor het gebruik van de chartale basisinfrastructuur niet
dusdanig uit de pas lopen, dat er een ontmoedigende werking van uit gaat.
Indiener acht het passend om deze voorwaarden aan de AMvB in formele wetgeving op
te nemen. De AMvB kan namelijk in de toekomst gewijzigd worden, waardoor met dit amendement
de voorwaarden blijven gelden. Ook wordt hiermee bepaald dat de regering zich bij
het opstellen van de AMvB zich steeds moet verhouden tot de gestelde grenzen en doelen.
Daaronder valt ook een motivering van mogelijke verschillen tussen kosten in het gebruik
van chartale en girale basisinfrastructuur. Ten slotte, ondanks dat de toevoeging
als gevolg van dit amendement geen harde eisen stelt aan de AMvB, gaat er wel een
normerende werking van uit. Er is namelijk sprake van een normatief kader waarbinnen
de tarieven vastgesteld moeten worden.
Flach