1. Inleiding
De leden van de D66-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel betreffende de Nederlandse identiteitskaart.
Met dit wetsvoorstel worden de regels over de (uitgifte van de) Nederlandse identiteitskaart
overgeheveld van de Paspoortwet naar een «gewone» wet. In artikel 3, lid 1, van het
wetsvoorstel betreffende de Nederlandse identiteitskaart staat dat de Nederlandse
identiteitskaart onder andere het geslacht van de houder van de identiteitskaart moet
vermelden. Over dit punt hebben de leden van de D66-fractie vragen. De leden van de
PvdD-fractie sluiten zich aan bij de vragen van de leden van de fractie van D66.
De leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van het voorstel Wet op de Nederlandse identiteitskaart
en wensen hierover enkele vragen te stellen aan de regering.
2. Geslachtsvermelding
De leden van de D66-fractie merken op dat de Paspoortwet Nederlanders de mogelijkheid biedt om een «X»
in hun paspoort te vermelden. In het huidige wetsvoorstel staat echter enkel dat het
geslacht op de identiteitskaart vermeld moet worden, zonder te concretiseren wat onder
«geslacht» wordt verstaan. Deze leden verzoeken de regering daarom te verduidelijken
of het wetsvoorstel betreffende de Nederlandse identiteitskaart mensen die zich noch
als man noch als vrouw identificeren de mogelijkheid biedt om een «X» op hun identiteitskaart
te laten vermelden. Met andere woorden: biedt het wetsvoorstel betreffende de Nederlandse
identiteitskaart mensen voor wat betreft het criterium «geslacht» dezelfde mogelijkheden
als de Paspoortwet?
3. Caribisch Nederland
Op pagina’s 12 en 19 van de memorie van toelichting lezen de leden van de PVV-fractie het volgende: «De AVG en de gegevensbeschermingswetgeving van de openbare
lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba vormen het juridisch kader waaraan de verwerking
van persoonsgegevens zoals voorgesteld in dit wetsvoorstel dient te voldoen.» en «Bij
een aanvraag voor een NIK in de openbare lichamen worden de gegevens door de uitgevende
instantie opgenomen in het basisregister reisdocumenten en de lokale Nederlandse identiteitskaartenadministratie.
(...). De uitgevende instanties in de openbare lichamen raadplegen in het kader van
een aanvraag het basisregister reisdocumenten (en hun eigen lokale Nederlandse identiteitskaartenadministratie
en reisdocumentenadministratie (Paspoortwet)) voor de gegevens van de voorgaande aanvraag.
Omdat de gegevens uit het basisregister reisdocumenten in dat geval worden verstrekt
vanuit het overheidsdatacentrum in Nederland naar de bevoegde autoriteit in de openbare
lichamen waar de aanvraag plaatsvindt, (...).».2
In de praktijk wordt de ID-kaart BES op soortgelijke wijze gebruikt als de NIK. Op
de ID-kaart BES zal in de toekomst ook het BSN-nummer worden geplaatst, waarmee dit
document ook privacygevoelige informatie bevat. Kan de regering aangeven of de voornoemde
wijze van aanvraag en controle van de NIK ook op de BES toegepast kan worden op de
ID-kaart BES, om daarmee fraudegevoeligheid te ondervangen?
Op pagina 16 van de memorie van toelichting lezen deze leden vervolgens: «Wat betreft
de verstrekking van gegevens uit het basisregister reisdocumenten zijn de zogenaamde
hit/no hit raadplegingen van het basisregister het vermelden waard. Deze verstrekkingen
geschieden ten behoeve van het voorkomen en bestrijden van fraude met en misbruik
van reisdocumenten en NIK’s. Deze hit/no hit raadpleging houdt in dat de verstrekking
van gegevens zich beperkt tot de mededeling of een in het register opgenomen NIK,
waarvan de verzoeker het documentnummer heeft opgegeven, op grond van de geregistreerde
status van het document niet meer in omloop mag zijn.»
Kan de regering aangeven of het systeem van hit/no hit raadplegingen voor de NIK op
dezelfde manier kan worden toegepast op de BES als voor de ID-kaart BES? Kan de regering
voorts aangeven welke maatregelen worden genomen om fraude met NIK’s in zowel Nederland
als de BES te voorkomen?
De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken ziet met belangstelling uit naar de nota
naar aanleiding van het verslag.
De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken, Lagas
De griffier van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken, Bergman