35 000 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2019

Nr. 89 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 28 maart 2019

Aanleiding

Met deze brief informeer ik u over het rapport van de commissie Hertogh over de voortgang bij de aanpak van het project Zuidelijke Ringweg Groningen.

Op 18 september 2018 hebben de opdrachtgever Aanpak Ring Zuid (ARZ) en de opdrachtnemer Combinatie Herepoort (CHP) gezamenlijk een adviescommissie in het leven geroepen om te adviseren over het vervolg van de ombouw van de zuidelijke ringweg. Onder leiding van de onafhankelijke voorzitter prof.dr.ir. M.J.C.M. Hertogh heeft de commissie onderzocht hoe ARZ en CHP het beste om kunnen gaan met een verantwoorde voortgang van het project.

Commissie Hertogh

De commissie heeft gekeken naar de planning van het project, de kwaliteit van de voorbereiding, de kwaliteit van het werk en de samenwerking tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Op 20 december 2018 presenteerde

prof.dr.ir. M.J.C.M. Hertogh zijn voorlopige bevindingen aan de stuurgroep ARZ en opdrachtnemer CHP. Hierover bent u per brief1 van 20 december 2018 geïnformeerd.

De commissie heeft geconcludeerd dat doorgaan met het project zonder wijzigingen van het contract uitgangspunt is voor de aanbevelingen, omdat er voldoende aanknopingspunten zijn voor verbetering. De commissie deed zeven aanbevelingen om belemmeringen en impasses uit het verleden op te lossen en de voortgang van het project Aanpak Ring Zuid te verbeteren. De aanbevelingen van de commissie Hertogh gaan over: 1. Slagvaardige organisatie en overlegstructuur, 2. Houding en gedrag, 3. Herstart inhoudelijke werkzaamheden, 4. Alliantie voortzetten, 5. Planning, 6. Financiën en 7. Plan en vastleggen resultaten.

Deze aanbevelingen zijn uitgewerkt in concrete voorstellen op basis van het voorbeeldproject Helperzoomtunnel.

De aanbevelingen van de commissie vindt u in het Rapport «Waar een wil is, komt een weg» en de uitwerking van die aanbevelingen in het «Plan van Aanpak Commissie Hertogh»; beide zijn bijgevoegd bij deze brief (bijlagen 1 en 2)2.

Voorbeeldproject Helperzoomtunnel

Onder leiding van professor Hertogh is de afgelopen periode door ARZ en CHP in gezamenlijkheid constructief gewerkt aan de praktische uitwerking van de aanbevelingen. Dit is gebeurd aan de hand van het voorbeeldproject Helperzoomtunnel. Dit heeft er toe geleid dat de Helperzoomtunnel in de zomer van 2019 kan worden ingeschoven onder het spoor. Op 12 maart 2019 is dit bekend gemaakt aan de omgeving.

Conclusie

De stuurgroep ARZ en CHP hebben aangegeven de aanbevelingen van de commissie Hertogh te onderschrijven. Ze constateren dat er in korte tijd veel werk is verzet om de aanbevelingen van de commissie Hertogh nader uit te werken. ARZ en CHP hebben het vertrouwen dat met de opvolging en uitwerking van deze aanbevelingen een stabiele basis wordt gelegd voor het verdere verloop van het project.

De recent afgegeven planning van de opdrachtnemer gaat uit van 36 maanden extra uitvoeringstijd t.o.v. de oorspronkelijke planning, waarbij nog maatregelen worden onderzocht om dit deels weer in te lopen. Of de langere uitvoeringsperiode financiële gevolgen heeft wordt op dit moment nog onderzocht. Zodra hier duidelijkheid over is wordt u hierover geïnformeerd. De provincie is verantwoordelijk voor de uitvoeringskosten. IenW is verantwoordelijk voor de kosten van voorbereiding en toezicht.

Aandacht voor het vervolg

Tegelijkertijd constateert de stuurgroep dat met het verschijnen van het rapport en het plan van aanpak het vanzelfsprekend niet klaar is. Het project is en blijft gelet op de omvang en de soms uiteenlopende belangen complex. Daarom is het van belang om de uitwerking van de aanbevelingen en de verdere stappen hierin te monitoren. De stuurgroep ARZ heeft aangegeven hierop de komende periode extra toe te zien.

Aanpak verdiepte ligging

De intensieve werkwijze van de Helperzoomtunnel wordt nu ook toegepast op de bouwkuip voor de verdiepte ligging. Knelpunten, risico’s en kansen worden met de nieuwe werkwijze door beide partijen goed in beeld gebracht en besproken. Professor Hertogh zal deze aanpak begeleiden.

Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Kamerstuk 35 000 A, nr. 82

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven