Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 11 december 2025
In de procedurevergadering van de vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
van 25 september 2025 is mij gevraagd om een reactie te geven op het rapport van jongerendenktank
The West Wing, getiteld «Textiel in transitie. Richting duurzame en rechtvaardige banden met het Mondiale
Zuiden».
The West Wing is een door het Ministerie van Buitenlandse Zaken gefaciliteerde jongerendenktank
die externe jonge deelnemers de gelegenheid biedt om mee te denken over beleidsvraagstukken.
Het rapport komt voort uit het zogeheten Track Ongevraagd Advies, opgericht in 2024
in samenwerking met de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV). Het betreft een
ongevraagd en niet-bindend advies. De denktank is adviserend van aard en betreft geen
gremium dat formele beleidsvoorstellen voorbereidt.
Het kabinet waardeert dat The West Wing heeft gekeken naar knelpunten in de context
van de textielexport en in dat verband een aantal aanbevelingen heeft geformuleerd,
en hecht eraan te benadrukken dat bijdragen van jongeren een waardevolle bron zijn
voor het betrekken van nieuwe perspectieven in de beleidsontwikkeling.
Alle aanbevelingen sluiten aan bij de lopende maatregelen en aanpak van het kabinet.
Het kabinet ziet op dit moment geen noodzaak om de beleidsinzet aan te passen. Zo
is tweedehands textielexport al onderwerp in het Nationaal Programma Circulaire Economie
(NPCE). Het beleidsprogramma circulair textiel 2025–2030 maakt hiervan deel uit. In
dit programma staat export benoemd als aandachtspunt (Kamerstuk 32 852, nr. 321). Het kabinet werkt ook aan het vergroten van de transparantie en traceerbaarheid
van de export van tweedehands textiel. Daarnaast steunt het kabinet de uitwerking
van een digitaal productpaspoort (DPP) voor textiel onder de Europese Ecodesign voor
Duurzame Productenverordening (ESPR).
Het kabinet onderkent het belang van nauwe samenwerking tussen alle betrokken partijen
om te komen tot schone textielketens. Een kernelement van de Nederlandse inzet is
de diamantbenadering. Deze aanpak verwijst naar samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven,
kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties om gezamenlijke economische en
ontwikkelingsdoelen te bereiken. Deze samenwerking strekt zich over landsgrenzen heen
en sluit waar mogelijk aan op de agenda’s en prioriteiten van organisaties (publiek,
privaat en maatschappelijk) uit het land zelf. Met deze zogenoemde lokaal geleide
aanpak bevordert het kabinet innovatie, draagvlak en effectiviteit van interventies
in binnen- en buitenland.
Aansluitend heeft het kabinet het subsidiebeleidskader Sectorale Samenwerking opgesteld
(Stcrt 2024, nr. 25516) waar de Kamer op 6 november 2023 over is geïnformeerd (Kamerstuk 26 485, nr. 430). Deze subsidie biedt de mogelijkheid aan 4 tot 5 sectoren, waaronder textiel, om
een IMVO-sectorovereenkomst op te stellen, die bedrijven helpt de risico’s op het
gebied van mens en milieu te identificeren en, waar nodig, aan te pakken. Het kabinet
heeft zich daarnaast ingezet om regeldruk te verminderen voor bedrijven. Op 9 december
jl. bereikten de Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie een voorlopig
politiek akkoord over Omnibus I, dat hieraan bijdraagt (Kamerstuk 36 712, nr. 9).
De Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,
A. de Vries