31 985 Buitenlands beleid en handelspolitiek

Nr. 10 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 4 juni 2012

Tijdens het Algemeen Overleg op 23 mei jongstleden over de agenda van de Raad Buitenlandse Zaken op 31 mei te Brussel heb ik toegezegd studies naar de gevolgen van een vrijhandelsakkoord tussen Japan en de EU toe te zenden.

Hierbij gaan twee studies.1 Eén is in opdracht van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie verricht door Ecorys, waarin overigens ook de VS, Australië en Nieuw Zeeland aan bod komen (http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/rapporten/2010/03/08/report-the-impact-of-free-trade-agreements-in-the-oecd-the-impact-of-an-eu-us-fta-eu-japan-fta-and-eu-australia-new-zealand-fta.html). De andere is door Copenhagen Economics verricht in opdracht van de Europese Commissie (http://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2010/february/tradoc_145772.pdf).

Laatstgenoemde studie valt voor de EU positiever uit dan eerstgenoemde omdat veronderstellingen over de afschaffing van non-tarifaire belemmeringen verschillend zijn. Ook de minder optimistische studie geeft echter een batig saldo voor Nederland aan.

Overigens kwam tijdens genoemd Algemeen Overleg ook aan de orde dat een vrijhandelsakkoord volgens de EU onderdeel vormt van het bredere geheel van betrekkingen met een derde land. Andere aspecten komen doorgaans aan de orde in een Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst. De EU streeft ernaar om een verband te leggen tussen enerzijds handelsafspraken en anderzijds standaardclausules over mensenrechten en democratie, non-proliferatie, kleine wapens, het internationaal strafhof, anti-terreuroptreden en re-admissie. Japan, maar ook andere onderhandelingspartners van de EU – Canada, Australië, India – zien de ratio niet in van koppeling van handelsafspraken aan nakoming van zulke verplichtingen. Naar het zich laat aanzien zal ook in het Japanse geval maatwerk nodig zijn om gaande de onderhandelingen het gewenste verband te leggen.

De staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, H. Bleker


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.

Naar boven