31 966
Regeling voor niet-indexering van kinderbijslagbedragen per 1 juli 2009

nr. 6
AMENDEMENT VAN HET LID DIBI

Ontvangen 1 juli 2009

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

Aan artikel I wordt een lid toegevoegd, luidende:

3. In afwijking van het eerste lid wordt voor de herziening van de in het eerste lid bedoelde bedragen en rangordebedragen, artikel 13, tweede lid, van de Algemene Kinderbijslagwet wel toegepast, indien het gezamenlijk toetsingsinkomen van de ouder, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet op het kindgebonden budget, en zijn partner niet meer bedraagt dan het bedrag, genoemd in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, voor twaalf maanden verhoogd met de aanspraak op vakantiebijslag waarop een werknemer op grond van artikel 15 van die wet over dat minimumloon ten minste aanspraak kan maken en vermeerderd met de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet, van een werknemer.

Toelichting

Dit amendement regelt dat huishoudens met een laag inkomen worden uitgezonderd van de niet-indexering van de kinderbijslag per 1 juli 2009. In het wetsvoorstel gaan namelijk alle gezinnen erop achteruit. Daarbij geldt dat het negatieve inkomenseffect bij niet-indexering groter is, wanneer het inkomen van het huishouden lager is. Met andere woorden: een huishouden met een lager inkomen gaat er met de niet-indexering relatief meer op achteruit dan een huishouden met een hoger inkomen.

Omdat gezinnen met een laag inkomen in tijden van economische crisis al het hardst worden getroffen, beoogt dit amendement hen daarom te vrijwaren van de niet-indexering. Daarbij wordt voor een laag inkomen uitgegaan van een gezamenlijk toetsingsinkomen dat bestaat uit het minimumloon en de daarbij behorende vakantiebijslag en inkomensafhankelijke bijdrage van de Zorgverzekeringswet. Dit komt neer op een maximumbedrag van circa € 19 250.

Dibi

Naar boven