31 526
Oog voor de toekomstige toegankelijkheid – over kleine scholen

nr. 7
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 25 juni 2009

Tijdens het Algemeen Overleg van 1 december 2008 (31 526, nr. 5) met de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heb ik uw Kamer toegezegd dat ik met spoed werk aan de indiening van het wetsvoorstel met betrekking tot de toekomstige toegankelijkheid van kleine basisscholen. Deze toezegging heb ik herhaald in mijn antwoorden van 5 februari 2009 op de schriftelijke vragen van de leden Blom en Depla (allebei PvdA) inzake de mogelijke sluiting van een kleine school in Zeeland.

Dit in antwoord op een vraag om de inwerkingtreding van het wetsvoorstel nog in het lopende schooljaar 2008/2009 mogelijk te maken door indiening van het wetsvoorstel in het (afgelopen) voorjaar. Daarbij heb ik aangegeven dat een wetstraject, ook als er met spoed aan wordt gewerkt, al snel minimaal één tot anderhalf jaar in beslag neemt. Eveneens heb ik gewezen op de door mij beoogde terugwerkende kracht van het wetsvoorstel tot 1 augustus 2008.

Mijn verwachting is dat de Ministerraad begin september 2009 het wetsvoorstel zal behandelen. Kort daarop zal het ter advisering worden aangeboden aan de Raad van State. Rekening houdende met de termijn voor advisering en de opstelling van het nader rapport naar aanleiding van het advies, zal het wetsvoorstel rond komende jaarwisseling uw Kamer bereiken.

Bij dit alles hecht ik er aan op te merken dat in afwachting van het uiteindelijke tijdstip van inwerkingtreding van het wetsvoorstel voor die kleine scholen die vanaf 1 augustus 2008 ontstaan en mogelijk geholpen zouden zijn met dit wetsvoorstel, voorzien is in een overbruggingsmaatregel. Deze houdt in dat de betreffende locaties op grond van bijzondere omstandigheden voor een aanvullende bekostiging in aanmerking kunnen komen. In de beantwoording op de hiervoor aangehaalde schriftelijke vragen, is dit nader toegelicht.

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

S. A. M. Dijksma

Naar boven