31 137
Wijziging van de Wet milieubeheer (aanpassing begrip stoffen (luchtkwaliteitseisen))

nr. 4
VERSLAG

Vastgesteld op 19 oktober 2007

De vaste commissie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer1, belast met het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel, heeft de eer verslag uit te brengen van haar bevindingen. Het verslag behandelt alleen die onderdelen waarover door de genoemde fracties inbreng is geleverd.

Onder het voorbehoud dat de regering de gestelde vragen tijdig en afdoende zal hebben beantwoord, acht de commissie de openbare behandeling van dit wetsvoorstel voldoende voorbereid.

De leden van de SP-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van het wetsvoorstel. De verruiming van het begrip stoffen kan een verbetering van de wetgeving zijn. De voorliggende wetswijziging is echter geheel ingegeven door de luchtkwaliteiteisen. De vorige wetswijziging van 1 juni 2007 was geheel geënt op de belangen van REACH. Om welke reden was de omschrijving van het begrip stoffen meer gedetailleerd vastgesteld voor de EG-verordening REACH? Voorziet de Wet Milieubeheer met voorliggende wijziging nog wel in voldoende juridisch kader hiervoor?

Welke andere wettelijke bepalingen verwijzen naar artikel 1.1 eerste lid van de Wet Milieubeheer? Hoe verhoudt de voorliggende wijziging zich tot de eisen aan de omschrijving van het begrip stoffen uit deze bepalingen?

De leden van de VVD-fractie hebben kennis genomen van het wetsvoorstel. Zij vragen of de wijziging nu nodig is of niet? Door de wijziging wordt de werking van de wet op verschillende onderdelen veel breder. Daarnaast wordt in de memorie van toelichting aangegeven dat de beperkte begripsomschrijving van het begrip stoffen mogelijk een niet geheel toereikende grondslag voor de implementatie van (toekomstige) Europese normstelling met betrekking tot luchtkwaliteit vormt. Dit roept de volgende vragen op. Is het waar dat het op dit moment niet noodzakelijk is om de begripsomschrijving aan te passen om aan de Europese normstelling te voldoen? Welke Europese normstellingen zijn er te verwachten die de aanpassing van de begripsomschrijving noodzakelijk maken en op welke termijn? Welke werking beogen de huidige en de te verwachten Europese richtlijnen ten aanzien van luchtkwaliteit en ten aanzien van welke stoffen?

De voorzitter van de commissie

Koopmans

De adjunct-griffier van de commissie

Lemaier


XNoot
1

Samenstelling:

Leden: Van Gent (GL), Van der Staaij (SGP), Poppe (SP), Snijder-Hazelhoff (VVD), ondervoorzitter, Depla (PvdA), Van Bochove (CDA), Koopmans (CDA), voorzitter, Spies (CDA), Van der Ham (D66), Van Velzen (SP), Haverkamp (CDA), De Krom (VVD), Samsom (PvdA), Roefs (PvdA), Neppérus (VVD), Van Leeuwen (SP), Jansen (SP), Jacobi (PvdA), Van der Burg (VVD), Van Heugten (CDA), Vermeij (PvdA), Madlener (PVV), Ouwehand (PvdD), Bilder (CDA) en Wiegman-van Meppelen Scheppink (CU).

Plv. leden: Duyvendak (GL), Van der Vlies (SGP), Polderman (SP), Remkes (VVD), Crone (PvdA), Hessels (CDA), Koppejan (CDA), Ormel (CDA), Koşer Kaya (D66), Leijten (SP), Schreijer-Pierik (CDA), Kamp (VVD), Wolfsen (PvdA), Vos (PvdA), Zijlstra (VVD), Langkamp (SP), Gerkens (SP), Waalkens (PvdA), Van Beek (VVD), Schermers (CDA), Besselink (PvdA), Agema (PVV), Thieme (PvdD), Vietsch (CDA) en Ortega-Martijn (CU).

Naar boven