30 300
Nota over de toestand van 's Rijks Financiën

nr. 14
MOTIE VAN DE LEDEN VAN AARTSEN EN BOS

Voorgesteld 22 september 2005

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende, dat er een groot spanningsveld bestaat tussen de arbeidstijden van werkende ouders en de schooltijden van hun kinderen in het primair onderwijs;

constaterende, dat het bevoegd gezag al verplicht is om leerlingen in het primair onderwijs in de gelegenheid te stellen om onder toezicht de middagpauze in het schoolgebouw en op het terrein van de school door te brengen (de tussenschoolse opvang);

constaterende, dat deze verplichting niet geldt voor het gebruiken van het schoolgebouw en het terrein van de school voor het begin en na het einde van de schooldag;

constaterende, dat veel werkende ouders daardoor voor de opvang van hun kinderen aangewezen zijn op de voor- en naschoolse opvang;

overwegende, dat dit een aanzienlijke belasting is voor zowel ouders als hun schoolgaande kinderen;

overwegende, dat het van groot belang is dat alle schoolgebouwen en het terrein van de school ook na de schooldag, in het belang van de ouders en kinderen, ter beschikking gesteld worden voor naschoolse opvang van de kinderen die leerling zijn van de betreffende school;

verzoekt de regering de wet- en regeling met ingang van 1 januari 2007 zodanig aan te passen dat scholen worden verplicht hetzij voor- en naschoolse opvang te bieden tussen 7.30 en 18.30 uur, hetzij faciliteiten te bieden waarbinnen andere partijen dat doen en de randvoorwaarden hierbij aan te geven,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Aartsen

Bos

Naar boven