29 551
Voorstel van wet van de leden Dubbelboer en Duyvendak houdende het ongedaan maken van de tijdelijkheid van de Tijdelijke referendumwet

nr. 9
NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 30 september 2004

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

Artikel I wordt als volgt gewijzigd:

1. De onderdelen A en B worden geletterd C en D.

2. Er worden twee onderdelen ingevoegd, luidende:

A

Artikel 165 wordt als volgt gewijzigd:

1. De aanduiding «1.» voor het eerste lid vervalt.

2. In het eerste lid vervalt de zinsnede «tot het tijdstip waarop een voorstel tot verandering in de Grondwet, overeenkomstig het bij koninklijke boodschap van 2 maart 2000 ingediende voorstel van wet houdende verklaring dat er grond bestaat een voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet, strekkende tot opneming van bepalingen inzake het correctief referendum (27 033), tot wet is verheven».

3. Het tweede lid vervalt.

B

In artikel 168 wordt na de zinsnede «van deze wet» toegevoegd: , en vervolgens telkens na vier jaar,.

Toelichting

Het overgangsrecht in de Tijdelijke referendumwet is tot stand gekomen in een tijd waarin het in artikel 165 genoemde voorstel van wet tot wijziging van de Grondwet nog aanhangig was. Dit voorstel is in juni 2004, in tweede lezing, verworpen. Dit leidt ertoe dat artikel 165 hiermee in overeenstemming moet worden gebracht.

Het wetsvoorstel strekt ertoe om de tijdelijkheid van de Tijdelijke referendumwet ongedaan te maken. In die wet was slechts voorzien in een eenmalige evaluatie. De wijziging van artikel 168 strekt ertoe ook te voorzien in periodieke evaluaties van de wet.

Dubbelboer

Duyvendak

Naar boven