29 008
Wijziging van een aantal wettelijke bepalingen op het terrein van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en enige aanverwante terreinen teneinde enkele wetstechnische gebreken te herstellen alsmede andere wijzigingen van ondergeschikte aard aan te brengen (reparatie BZK wetgeving 2003)

nr. 4
VERSLAG

Vastgesteld 9 oktober 2003

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties1, belast met het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel, heeft de eer als volgt verslag uit te brengen van haar bevindingen.

Onder het voorbehoud dat de regering de gestelde vragen tijdig zal hebben beantwoord, acht de commissie de openbare beraadslaging over dit wetsvoorstel voldoende voorbereid.

ALGEMEEN

De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het wetsvoorstel dat gaat over de reparatie van wetgeving op het terrein van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze leden zijn het eens met de regering dat het wetsvoorstel strekt tot het herstel van wetstechnische gebreken en leemten in een aantal wetten en dat het niet bedoeld is voor beleidsinhoudelijke wijzigingen. Dat neemt niet weg dat deze leden op één onderdeel een opmerking willen maken.

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING

Artikel XXIV

Bij de toelichting op artikel XXIV wordt vermeld dat «indien het wetsvoorstel, houdende wijziging van de Provinciewet en enige andere wetten tot dualisering van de inrichting, de bevoegdheden en de werkwijze van het provinciebestuur (Wet dualisering provinciebestuur) tot wet wordt verheven en in werking treedt (...)». De leden van de VVD-fractie wijzen de regering erop dat het wetsvoorstel met betrekking tot de dualisering van het provinciebestuur reeds op 12 maart 2003 inwerking is getreden. Dit laat onverlet dat de gedeputeerden aan de opsomming van artikel 2, eerste lid, van de Ambtenarenwet moeten worden toegevoegd. De opmerking van de leden van de VVD-fractie heeft wel gevolgen voor de formulering van artikel XXIV. Gaarne ontvangen deze leden een reactie van de regering.

De voorzitter van de commissie,

Noorman-den Uyl

Adjunct-griffier van de commissie,

Franke


XNoot
1

Samenstelling:

Leden: Van Fessem (CDA), Kalsbeek (PvdA), Van Heemst (PvdA), Noorman-den Uyl (PvdA), voorzitter, Vos (GL), Cornielje (VVD), Adelmund (PvdA), De Wit (SP), Van Beek (VVD), ondervoorzitter, Van der Staaij (SGP), Luchtenveld (VVD), De Pater-van der Meer (CDA), Van As (LPF), Lazrak (SP), Wolfsen (PvdA), Tonkens (GL), Smilde (CDA), Spies (CDA), Eerdmans (LPF), Sterk (CDA), Haverkamp (CDA), Straub (PvdA), Boelhouwer (PvdA), Hirsi Ali (VVD), Szabó (VVD), Van Hijum (CDA), Vacature (D66).

Plv. leden: Van Bochove (CDA), De Vries (PvdA), Dijsselbloem (PvdA), Fierens (PvdA), Halsema (GL), Schippers (VVD), Dubbelboer (PvdA), Kant (SP), Rijpstra (VVD), Slob (CU), Wilders (VVD), Rambocus (CDA), Varela (LPF), Vergeer-Mudde (SP), Van Nieuwenhoven (PvdA), Van Gent (GL), Algra (CDA), Çörüz (CDA), Nawijn (LPF), Atsma (CDA), Bruls (CDA), Hamer (PvdA), Leerdam, MFA (PvdA), Griffith (VVD), Balemans (VVD), Eski (CDA), Giskes (D66).

Naar boven