28 305
Wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2002 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

nr. 2
MEMORIE VAN TOELICHTING

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikel 1 (uitgaven/verplichtingen en ontvangsten)

De begrotingen die onderdeel uitmaken van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 1, derde lid, van de Comptabiliteitswet elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om de begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken voor het jaar 2002 te wijzigen.

De in die begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenaamde begrotingstoelichting).

De Minister van Economische Zaken,

A. Jorritsma-Lebbink

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1 Algemeen

Uitgaven (bedragen x € 1000)

1. Aangekondigde verhoging in de Voorjaarsnota 2002

Hoofdstuk XIII: + 27 111,0

2. Mutatie onderhavig wetsvoorstel + 26 858,6

Verschil + 252,4

Af: Amendement Van Walsem  – 252,4

0

Het verschil van € 0,2524 mln betreft het amendement Van Walsem (Kamerstukken II 2001/2002, 28 000 XIII, nr. 23), dat geen onderdeel uitmaakt van de stand Miljoenennota 2002, maar wel is opgenomen in de stand vastgestelde begroting 2002 van EZ.

Na het onderhavige wijzigingsvoorstel komt het totaal van de uitgavenbegroting 2002 van EZ er als volgt uit te zien:

Vastgestelde begroting 2002 1 786 489,4

Bij: Eerste suppletore begroting 2002 + 26 858,6

Totaal beschikbaar 1 813 348,0

Ontvangsten (bedragen x € 1000)

1. Aangekondigde verlaging in de Voorjaarsnota 2002

Hoofdstuk XIII: – 93 219,0

2. Mutatie onderhavig wetsvoorstel – 93 471,4

Verschil + 252,4

Af: Amendement Van Walsem – 252,4

0

Het verschil van € 0,2524 mln betreft het amendement Van Walsem (Kamerstukken II 2001/2002, 28 000 XIII, nr. 23), dat geen onderdeel uitmaakt van de stand Miljoenennota 2002, maar wel is opgenomen in de stand vastgestelde begroting 2002 van EZ.

Na het onderhavige wijzigingsvoorstel komt het totaal van de ontvangstenbegroting 2002 van EZ er als volgt uit te zien:

Vastgestelde begroting 2002 2 850 215,4

Af: Eerste suppletore begroting 2002 – 93 471,4

Totaal beschikbaar 2 756 744,0

2 Het beleid

2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties

De eerste suppletore begroting bevat mutaties op de vastgestelde begroting 2002. In deze suppletore begroting wordt voorgesteld de uitgaven- en ontvangstenraming voor 2002 met respectievelijk € 26,9 mln te verhogen en € 98,0 mln te verlagen. De grootste en/of beleidsmatig meest relevante mutaties (> € 5,0 mln) zijn in de onderstaande tabel gespecificeerd. Voor een uitgebreidere toelichting op de afzonderlijke verplichtingenmutaties wordt verwezen naar de toelichting per begrotingsartikel. De betreffende artikelnummers zijn in de tabel vermeld.

Overzicht belangrijkste suppletore uitgavenmutaties (x € 1000)

 verplichtingenuitgavenontvangstenart. nr.
Stand vastgestelde begroting 20022 150 8371 786 4892 850 215 
Belangrijkste suppletore mutaties:    
1. Tegemoetkoming stadsverwarmingsprojecten+ 29 500+ 29 500 1
2. Dividend TenneT  + 11 3451
3. Internationale ruimtevaartprogramma's+ 8 035  2
4. CVO-budget t.b.v. JSF – 16 109 2
5. Uitgaven en ontvangsten uit het Fes + 11 170+ 11 1702
6. Ontvangsten Twinning  – 15 8822
7. Bedrijventerreinen+ 58 674  3
8. Centraal deel IPR+ 15 302  3
9. Duurzaamheid+ 13 931+ 13 931 3
10. Codema-budget t.b.v. JSF– 7 111– 16 522 3
11. Eindejaarsmarge t.b.v. JSF+ 10 800+ 10 800 3
12. CO2-reductieplan+ 98 044+ 29 881 4
13. Kas gasgebouw+ 9 234  4
14. Internalisatie energiebeleid naar VROM – 9 076 4
15. Ontvangsten UCN  + 60 0004
16. Exportbevordering – Exportfinanciering+ 12 751  5
17. Eindejaarsmarge HGIS  – 13 3585
18. Dividenduitkering aandelen EBN– 46 521– 46 521– 46 5217
19. Aardgasbaten  – 125 4827
20. Loonbijstelling+ 15 773+ 15 773 22
21. Overige mutaties+ 20 282+ 8 156+ 11 899 
Totaal van de mutaties+ 229 460+ 26 859– 93 471 
Stand na 1e suppletore begroting 20022 380 2971 813 3482 756 744 

Toelichting belangrijkste mutaties

1. Betreft een tegemoetkoming in de kosten die voortvloeien uit overeenkomsten met betrekking tot stadsverwarming die tussen productiebedrijven en leveranciers zijn gesloten voor het tijdstip van intrekking van de Elektriciteitswet 1989, voor zover de daarbij overeengekomen projecten in uitvoering zijn genomen voor dat tijdstip.

2. Tegen betaling van € 835,6 mln is de Staat op 25 oktober 2001 eigenaar van het landelijk hoogspanningsnet geworden. De mutatie betreft een raming van dividendontvangsten TenneT.

3. De Ministerconferentie van 14 en 15 november 2001 leidt tot ruimtevaartprogramma's die pas in 2002 zullen worden gecommiteerd. Daarom wordt voorgesteld het daarvoor beschikbare budget uit 2001 door te schuiven naar 2002.

4. De bijdrage van EZ aan de JSF in 2002 van in totaal € 43,5 mln wordt binnen de EZ-begroting gevonden in het CVO-budget (Civiele Vliegtuig Ontwikkeling), de Codema-regeling (mutatie 10) en de eindejaarsmarge 2001 (zie mutatie 11).

5. Dit betreft de volgende uit het Fes gefinancierde uitgaven die deels zijn doorgeschoven vanuit 2001:

• Middelen voor kennis, onderzoek en innovatie worden deels doorgeschoven naar 2002, 2003 en 2004.

• Middelen voor E.E.T. worden deels doorgeschoven naar 2002.

• Middelen voor Gigaport worden deels doorgeschoven naar 2002.

6. De verlaging van de ontvangst van € 15,9 mln betreft de middelen die eerder aan Twinning zijn verstrekt en die bij verkoop van Twinning weer beschikbaar komen, maar later dan oorspronkelijk geraamd (2002).

7. Betreft het doorschuiven van nog niet in 2001 benutte verplichtingenruimte voor de TIPP. Het grootste deel van de mutatie (€ 40,8 mln) houdt verband met de tweede tender, die eind 2001 heeft plaatsgevonden en begin 2002 is afgerond. Het resterende deel van de mutatie zal in 2002 worden gebruikt voor de twee nog geplande tenders.

8. Doordat enkele IPR-projecten niet meer in 2001 konden worden afgehandeld, is bij slotwet 2001 € 15,3 mln vrijgevallen. Voorgesteld wordt deze ruimte toe te voegen aan de begroting 2002, zodat deze projecten alsnog kunnen worden gecommiteerd.

9. Betreft de middelen voor de meerjarenafspraken (MJA's) die zijn gemaakt met de industrie over energiebesparing, alsmede voor de opzet van een Kenniscentrum voor Energiebesparing. Commitering kon eind 2001 niet meer plaatsvinden. Daarom wordt voorgesteld de beschikbare middelen (€ 13,9 mln) door te schuiven naar 2002.

10. Zie toelichting ad 4.

11. Betreft de toevoeging van het deel van de eindejaarsmarge 2001 dat voor de JSF wordt ingezet in 2002.

12. De verplichtingen- en kasruimte voor het CO2-reductieplan wordt afhankelijk van de budgettaire behoefte aan de EZ-begroting toegevoegd. Voor 2002 worden € 98 mln verplichtingenruimte en € 29,9 mln kasmiddelen opgevraagd.

13. Betreft de kasmiddelen die samenhangen met de verplichtingenruimte die bij tweede suppletore begroting 2001 is toegevoegd in verband met extra advisering in het kader van de liberalisering van de energiemarkt.

14. In het kader van de internalisatie van het energiebeleid is een aantal Novem-programma's op het gebied van woningbouw naar het Ministerie van VROM overgeheveld.

15. Betreft een betaling van UCN aan haar aandeelhouders. De Staat bezit 98,9% van de aandelen UCN en ontvangt naar verwachting € 60 mln.

16. Door externe omstandigheden lukte het niet meer om commiteringen voor een viertal projecten in 2001 aan te gaan. Daarom wordt voorgesteld deze middelen door te schuiven naar 2002.

17. Betreft de compensatie van de overschrijding van het HGIS-deel van de EZ-begroting in 2001.

18. In het licht van de te verwachten aanpassingen in de structuur van het Gasgebouw zijn de financiële belangen van DSM in het Gasgebouw beëindigd. De Staat heeft voor € 1,24 mld de certificaten Energie Beheer Nederland B.V. van DSM overgenomen. Door de aankoop van de certificaten hoeven dividenden betreffende de boekjaren 2002 en verder niet meer te worden doorgesluisd.

19. Betreft de aanpassing van de raming van de aardgasbaten in verband met wijzigingen in olieprijs en volume.

20. Betreft de uitdeling van loonbijstelling voor uitgaven op de EZ-begroting.

In de navolgende toelichting op de beleidsartikelen wordt steeds aangesloten bij de tabel «budgettaire gevolgen van beleid» zoals opgenomen in de begroting 2002. De hier opgenomen tabellen laten op artikelsubniveau zien welke mutaties zich hebben voorgedaan. Het uitgangspunt daarbij is dat alleen de beleidsmatig relevante mutaties worden toegelicht.

Zoals reeds in de begroting 2002 is aangegeven, specificeert EZ de verplichtingenramingen in plaats van de uitgavenramingen omdat de verplichtingenramingen het meeste inzicht geven in het actuele beleid. Beleidsbeslissingen, zoals het introduceren of het beëindigen van subsidieregelingen zijn in de verplichtingenramingen immers direct traceerbaar. Vanwege de doorlooptijden en betalingsschema's van subsidies, bieden de uitgavenramingen in dat opzicht minder informatie.

2.2 De beleidsartikelen

1 WERKING VAN DE BINNENLANDSE MARKTEN

Artikel 1 : Werking van de binnenlandse markten (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)47 727+ 37 76785 494
Programma-uitgaven25 057+ 30 17755 234
Operationeel doel 1.2.2: Bevorderen concurrentiemechanismen   
– Tegemoetkoming Demkolec en stadsverwarmingsprojecten + 29 50029 500
Operationeel doel 1.2.3: Versterken economische dynamiek   
– Bijdrage aan ACTAL619 619
Operationeel doel 1.2.4: Bevorderen transparante en eerlijke handel   
– Bijdrage aan het Nmi15 332 15 332
– Bijdragen aan diverse instituten2 820+ 6773 497
Algemeen   
– Opdrachten en onderzoek Marktordening/MDW6 286 6 286
    
Apparaatsuitgaven22 670+ 7 59030 260
– Personeel Marktordening (DGM&E)5 066 5 066
– Personeel ACTAL483 483
– Apparaatsuitgaven NMa/DTe17 121+ 7 59024 711
    
Uitgaven (totaal)49 114+ 41 69590 809
    
Ontvangsten (totaal)97 096+ 12 835109 931
– Ontvangsten NMa/DTe2 493+ 1 4903 983
– Dividend TenneT + 11 34511 345
– Opbrengsten casino's91 210 91 210
– Opbrengst uit vergunningen en keuringen speelautomaten1 588 1 588
– Ontvangsten Nmi705 705
– Diverse ontvangsten1 100 1 100

Tegemoetkoming Demkolec en stadsverwarmingsprojecten

In de Overgangswet Elektriciteitsproductiesector (Staatsblad 2000, nummer 607) is opgenomen dat een tegemoetkoming zal worden verstrekt in de kosten die voortvloeien uit overeenkomsten met betrekking tot stadsverwarming die tussen productiebedrijven en leveranciers zijn gesloten voor het tijdstip van intrekking van de Elektriciteitswet 1989, voor zover de daarbij overeengekomen projecten in uitvoering zijn genomen voor dat tijdstip. Deze tegemoetkoming zou volgens de Overgangswet gedekt moet worden door een toeslag, verschuldigd door afnemers van elektriciteit. De Europese Commissie heeft medio 2001 ingestemd met de tegemoetkoming, maar kon zich niet vinden in de toeslag. Dit besluit heeft tot gevolg dat de tegemoetkoming in de kosten ten laste van de Rijksbegroting gebracht wordt. Hiervoor wordt een raming van € 29,5 mln opgenomen.

NMa/DTe

Het doel van de extra middelen is het tegengaan van concurrentieverstoringen op de binnenlandse markten door middel van het adequaat uitvoeren van de Mededingingswet.

Hiertoe wordt de NMa/DTe kwalitatief en kwantitatief versterkt om de volgende werkzaamheden te kunnen uitvoeren:

• DTe: het actief monitoren en analyseren van marktontwikkelingen en het gedrag van partijen op die markt, het adviseren van de Minister met betrekking tot de aanwijzing van netbeheerders, het uitvoeren van audits van netbeheerders, het opzetten van een DTe helpdesk en het uitvoeren van de extra handhavingsinstrumenten die in het kader van de«Overgangswet elektriciteitsproductiesector» moeten worden uitgevoerd.

• Bouwkamer: een onderzoek van de zogenaamde «schaduwboekhouding», een analyse van de concurrentie in de bouwmarkt, een versterking van de mogelijkheden om informatie te verkrijgen en te vergaren, het bevorderen van naleving door het bedrijfsleven en de inzet van handhavingsinstrumenten.

• De resterende werkzaamheden betreffen opsporing en onderzoek, het afhandelen van meer bezwaren en beroepen en geschilbeslechting en meer stafwerkzaamheden door de in bovenstaande punten genoemde uitbreiding van werkzaamheden van de NMa/DTe.

Voor bovengenoemde werkzaamheden zijn structureel middelen aan de EZ-begroting toegevoegd. Daarbij is van belang dat in het Besluit kostenverhaal Elektriciteitswet 1998 is vastgelegd dat netbeheerders en vergunninghouders 60% bijdragen in de apparaatsuitgaven van DTe. In verband met de uitbreiding van de DTe stijgen de apparaatsuitgaven en daarmee ook de ontvangsten (€ 1,5 mln structureel). Deze middelen maken onderdeel uit van de in totaal toegevoegde middelen (€ 7,6 mln 2002, € 9,6 mln in 2003 en € 6,5 mln in 2004 en verder).

Deelneming TenneT

Tegen betaling van € 835,6 mln is de Staat op 25 oktober 2001 eigenaar van het landelijk hoogspanningsnet geworden. De Staat heeft per die datum alle aandelen van het Nederlands Elektriciteitsadministratiekantoor (NEA; de rechtsopvolger van de Samenwerkende Elektriciteitsproducenten (SEP)) overgenomen in de landelijke netbeheerder TenneT B.V. en voorts alle aandelen in Saranne B.V., de vennootschap waarin het juridisch eigendom van het net is ondergebracht. De financiering van deze aankoop brengt rentelasten voor de Staat met zich mee die moeten worden gefinancierd. Voor € 4,9 mln is dekking gevonden in de eindejaarsmarge 2001. Het overige deel van de dekking bestaat uit een raming van € 11,3 mln dividendontvangsten TenneT.

2 BEVORDEREN VAN INNOVATIEKRACHT

Artikel 2: Bevorderen van innovatiekracht (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)594 228+ 17 405611 633
Programma-uitgaven542 799+ 17 285560 084
Operationeel doel 2.2.1: Infrastructuur voor innovatie   
– Bijdrage aan STW18 136 18 136
– Innovatieve onderzoeksprogramma's (IOP's)14 603 14 603
– Bijdrage aan TNO27 026 27 026
– Bijdrage aan Topinstituten24 475+ 3 00827 483
– Bijdragen aan instituten lucht- en ruimtevaart5 653– 1 0004 653
– Bijdrage aan diverse instituten3 882 3 882
– Technologische vernieuwing19 973+ 90719 066
– Technologie en Samenleving1 576+ 2271 803
– Technostarters30 079 30 079
Operationeel doel 2.2.2: Innovatie in de markt   
– Technologische Ontwikkelingsprojecten36 379+ 4 75341 132
– Technologische Samenwerkingsprojecten67 379 67 379
– BIT/Opkomende markten4 311 4 311
– Kennisoverdrachtinstrumenten24 985 24 985
– EET – Programma30 630 30 630
– First Movers4 187 4 187
– Overige regelingen milieutechnologie1 815 1 815
– Bijdrage aan Syntens32 203 32 203
– Internationale ruimtevaartprogramma's76 485+ 8 03584 520
– Nationale ruimtevaartprogramma3 630 3 630
– Bevordering civiele luchtvaart4 538 4 538
Operationeel doel 2.2.3: Excellente basis voor ICT   
– Micro-elektronica stimulering41 747 41 747
– Elektronische Snelweg51 308 51 308
Algemeen   
– Opdrachten en onderzoek DG Innovatie17 799+ 1 35519 154
Apparaatsuitgaven51 429+ 12051 549
– Personeel DG Innovatie10 729 10 729
– Bijdrage DG I aan BLD BIE13 206+ 413 210
– Bijdragen pensioenen EOB962 962
– Adviezen door EOB2 405 2 405
– Bijdrage DG Innovatie aan BLD Senter21 054 21 054
– Uitgaven TWA-netwerk2 366+ 1162 482
– Diverse uitgaven (adviesraad en Eureka-secr.)707 707
    
Uitgaven (totaal)580 750– 2 093578 657
    
Ontvangsten (totaal)154 648– 4 712149 936
– Terugontvangst Senter   
– Ontvangsten uit Rijksoctrooiwet24 958 24 958
– Diverse ontvangsten BIE   
– Ontvangsten TOP36 302 36 302
– Ontvangsten uit het Fes64 641+ 11 17075 811
– Ontvangsten EET-gelden en Twinning24 232– 15 8828 350
– Diverse Ontvangsten Innovatiekracht4 515 4 515

Bijdrage aan Topinstituten

Zowel het verplichtingenbudget als het kasbudget voor TTI's wordt verhoogd met € 3 mln omdat met ingang van 2002 voor de TTI's geen BTW-aftrek meer mogelijk is. Omdat TTI's hierdoor hogere uitgaven hebben, zouden zij minder met de EZ-bijdrage kunnen doen. Om dit te voorkomen, worden extra middelen aan de begroting toegevoegd. De hiervoor benodigde gelden zijn toegevoegd aan de EZ-begroting ten laste van het generale beeld van de Rijksbegroting.

Technologische ontwikkelingsprojecten (TOP)

Voorgesteld wordt verplichtingbudget ten bedrage van € 4,8 mln uit 2001 door te schuiven naar 2002. Het betreft het resterende budget van het voorgaande jaar, waarvoor in 2001 al wel projecten zijn ingediend welke pas in 2002 kunnen worden gecommiteerd.

Internationale ruimtevaartprogramma's

Van het verplichtingenbudget voor de internationale ruimtevaartprogramma's wordt voorgesteld een bedrag van € 8,0 mln uit 2001 door te schuiven naar 2002. Dit houdt verband met het feit dat de Ministerconferentie van 14 en 15 november 2001 leidt tot programma's die in 2002 zullen worden gecommiteerd.

Ontvangsten uit het Fes

Dit betreft de ontvangsten uit het Fes die ook als uitgaven zijn verwerkt. Het gaat hierbij om de volgende mutaties:

• De middelen die vorig jaar minder bij het Fes zijn opgevraagd voor kennis, onderzoek en innovatie worden doorgeschoven naar 2002, 2003 en 2004. Voor 2002 gaat het hierbij om een verhoging van de kasraming van € 7,1 mln.

• De middelen die vorig jaar minder bij het Fes zijn opgevraagd voor E.E.T. worden doorgeschoven naar 2002 (€ 2,3 mln).

• De middelen die vorig jaar minder bij het Fes zijn opgevraagd voor Gigaport worden doorgeschoven naar 2002 (€ 1,8 mln).

Ontvangsten E.E.T.-gelden en Twinning

De verschuiving van de ontvangst van € 15,9 mln betreft de middelen die eerder aan Twinning zijn verstrekt en die bij verkoop van Twinning weer beschikbaar komen. De middelen zijn aan Twinning verstrekt ten behoeve van activiteiten gerelateerd aan de bedrijfsvoering en positionering. Verkoop wordt pas op een later moment voorzien.

3 BEVORDEREN ONDERNEMINGSKLIMAAT

Artikel 3: Bevorderen ondernemingsklimaat (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties via amendementMutaties 1e suppl. begrotingTotale mutatiesStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)(4)=(2)+(3)(5)=(1)+(4)
Verplichtingen (totaal)604 644+ 1 453+ 85 425+ 86 878691 522
Programma-uitgaven590 089+ 1 453+ 85 425+ 87 878676 967
Operationeel doel 3.2.1: Fysieke ruimte     
– Bedrijventerreinen (waaronder TIPP)25 060 + 58 674+ 58 67483 734
– REON – Kompas voor het Noorden59 775   59 775
– Centraal deel IPR20 929 + 15 302+ 15 30236 231
– Suppletie-instrument Infra- & Kennisbasis17 532   17 532
– Cofinanciering EZ in EFRO-projecten     
– Bijdrage aan TRN22 384   22 384
– Bijdrage aan World Tourism Organisation (WTO)208   208
– Bijdragen aan apparaat ROM's5 447   5 447
– Bijdragen aan financiering ROM's     
– Stadseconomie (Fysiek)     
– Stadseconomie (Niet fysiek)     
– Regio- en infrastructuurprogramma's     
Operationeel doel 3.2.2: Productiefactoren     
– Borgstellingen MKB (jaarlijks garantieplafond)385 736   385 736
– Bijdragen aan diverse instituten4 375   4 375
– Bijdragen aan bedrijven bij calamiteiten272   272
– Duurzaamheid  + 13 931+ 13 93113 931
Operationeel doel 3.2.3: Partner voor overheden en bedrijf     
– Uitgaven CBIN-netwerk6 772   6 772
– Bijdrage scheepsbouwindustrie15 882   15 882
– Bijdrage aan NESEC     
– Codema-regeling7 078 – 2 417– 2 4174 661
– Bijdragen ontwikkeling JSF  000
Algemeen     
– Opdrachten & onderzoek Ondernemingsklimaat12 867 – 65– 6512 802
– Vernieuwingsprogramma's2 585+ 1 453 + 1 4534 038
– Bijdragen aan PIA3 188   3 188
      
Apparaatsuitgaven14 555   14 555
– Personeel DG Ondernemingsklimaat14 067   14 067
– Personeel PIA488   488
– Bijdrage DG Ondernemingsklimaat aan BLD Senter     
      
Uitgaven (totaal)302 330+ 252,4– 1 193,4– 941301 389
      
Ontvangsten (totaal)21 158+ 252,4+ 6 241,6+ 6 49427 652
– Ontvangsten ruimtelijk economisch beleid908   908
– Ontvangsten ROM's     
– Ontvangsten BBMKB12 456   12 456
– Ontvangsten Fes7 113 + 1 742+ 1 7428 855
– Diverse ontvangsten Ondernemingsklimaat681+ 252,4+ 4 499,6+ 4 7525 433

Bedrijventerreinen (waaronder TIPP)

Betreft het doorschuiven van nog niet in 2001 benutte verplichtingenruimte voor de TIPP. Het grootste deel van de mutatie (€ 40,8 mln) houdt verband met de tweede tender, die eind 2001 heeft plaatsgevonden en begin 2002 is afgerond. Het resterende deel van de mutatie zal in 2002 worden gebruikt voor de twee nog geplande tenders.

Centraal deel IPR

Doordat enkele projecten nog niet in 2001 konden worden gecommiteerd is bij slotwet 2001 € 15,3 mln vrijgevallen. Voorgesteld wordt deze ruimte toe te voegen aan de begroting 2002, zodat deze projecten alsnog kunnen worden gecommiteerd.

Duurzaamheid

Op dit onderdeel worden de middelen geraamd voor de commitering aan Novem van de meerjarenafspraken (MJA's) die zijn gemaakt met de industrie over energiebesparing, alsmede voor de opzet van een Kenniscentrum voor Energiebesparing. Commitering kon eind 2001 niet meer plaatsvinden. Daarom wordt voorgesteld de beschikbare middelen (€ 13,9 mln) door te schuiven naar 2002.

Uitgaven CBIN-netwerk

Op dit onderdeel is een bijstelling van de streefwaarden noodzakelijk als gevolg van de terugvallende economie, onder meer als gevolg van 11 september. De omvang van de verwachte buitenlandse investeringen in Nederland wordt verlaagd van € 450 mln naar € 350 mln; het aantal naar verwachting te creëren arbeidsplaatsen wordt verlaagd van 4500 arbeidsplaatsen naar 3500.

Codema-regeling

In 2001 konden enkele projecten nog niet worden gecommiteerd vanwege het ontbreken van enkele gegevens. De bij slotwet vrijgevallen ruimte van € 4,7 mln wordt toegevoegd aan de begroting 2002. De oorspronkelijk voor 2002 beschikbare ruimte (€ 7,1 mln) wordt ingezet voor de financiering van de SDD-fase van de JSF.

Bijdragen ontwikkeling JSF

De EZ-bijdrage inzake het kabinetsbesluit tot deelname van Nederland in de SDD-fase van de JSF is op dit instrumentensub verwerkt. De bijdrage van EZ bedraagt voor het jaar 2002 € 43,5 mln. Binnen de EZ-begroting zijn hiervoor middelen vrijgemaakt uit het CVO-budget (€ 16,1 mln), de Codema-regeling (€ 16,6 mln uit meerdere jaren naar voren gehaald) en de eindejaarsmarge 2001 (€ 10,8 mln). Eveneens is de bijdrage van het bedrijfsleven van € 4,5 mln in 2002 verwerkt. In de tabel is van bovenstaande mutaties alleen de ontvangst van het bedrijfsleven zichtbaar omdat de middelen tevens bij Voorjaarsnota worden overgeheveld naar de begroting van Defensie.

4 DOELMATIGE EN DUURZAME ENERGIEVOORZIENING

Artikel 4: Doelmatige en duurzame energievoorziening (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)248 579+ 93 889342 468
Programma-uitgaven237 314+ 93 889331 203
Operationeel doel 4.2.1: Verbetering Energie-efficiëncy   
– Programma's Energie-efficiëncy48 564– 3 36945 195
– EINP33 087 33 087
Operationeel doel 4.2.2: Duurzame Energie   
– Programma's Duurzame Energie45 506 45 506
– EINP – Wind3 403 3 403
– Projectbureau Duurzame Energie2 269 2 269
– Afwikkeling oude programma's Duurzame Energie   
Operationeel doel 4.2.3: CO2-reductieregelingen   
– CO2-reductieplan + 98 04498 044
– Joint Implementation53 092  
Algemeen   
– Opdrachten uitvoering door derden17 074– 78616 288
– Bijdrage Algemene Energie Raad94 94
– Bijdrage aan ECN30 855 30 855
– Diverse programma uitgaven Energie   
– Opdrachten en onderzoek Energie3 370 3 370
Apparaatsuitgaven11 265 11 265
– Personeel Energie (DG M&E)4 221 4 221
– Bijdrage DG M&E aan BLD Senter7 044 7 044
    
Uitgaven (totaal)228 426+ 28 940257 366
    
Ontvangsten (totaal)20 987+ 60 00080 987
– Ontvangsten UCN20 420+ 60 00080 420
– Diverse ontvangsten Energie567 567

Programma's energie-efficiëncy

Door de internalisatie van het energiebesparingsbeleid krijgen departementen zelf de verantwoordelijkheid voor het energiebesparingsaspect van hun beleidsterrein. In het kader van de internalisatie is een aantal Novem-programma's op het gebied van woningbouw naar het Ministerie van VROM overgeheveld, en op het gebied van verkeer en vervoer naar het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Met deze overhevelingen is begrotingsruimte gemoeid. In de EZ-begroting worden daarom de verplichtingenbudgetten met € 3,2 mln verlaagd en de kasbudgetten met € 9,4 mln.

Voor de controle op het juiste gebruik van het E-label door de Economische Controledienst/FIOD wordt voorts nog € 0,15 mln verplichtingen- en kasbudget naar de begroting van het Ministerie van Financiën overgeheveld.

CO2-reductieplan

De verplichtingen- en kasruimte voor het CO2-reductieplan wordt afhankelijk van de budgettaire behoefte aan de EZ-begroting toegevoegd. Dit gebeurt uit de aanvullende post «Algemeen» op de Rijksbegroting. Voor 2002 wordt € 98 mln verplichtingenruimte opgevraagd. Ten laste hiervan worden nieuwe verplichtingen aangegaan. Voor betalingen op deze en reeds eerder aangegane verplichtingen wordt € 29,9 mln kasruimte toegevoegd.

Ontvangsten Ultra Centrifuge Nederland

In 1993 heeft Ultra Centrifuge Nederland N.V. (UCN) zijn onderneming ingebracht in Urenco Ltd. In ruil daarvoor zijn aandelen Urenco en een shareholders-loan van 39 mln Pond Sterling verkregen. Naar verwachting wordt deze shareholders-loan in 2002 door Urenco Ltd aan UCN terugbetaald. De algemene vergadering van aandeelhouders van UCN wordt voorgesteld om de terugbetaling aan de aandeelhouders ten goede te laten komen. De Staat bezit 98,9% van de aandelen UCN en ontvangt naar verwachting € 60 mln.

5 BUITENLANDSE ECONOMISCHE BETREKKINGEN

Artikel 5: Buitenlandse economische betrekkingen (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)231 240+ 24 267255 507
Programma-uitgaven192 478+ 22 930215 408
Operationeel doel 5.2.1: Europese interne markt   
– Bijdrage aan Benelux2 890+ 1103 000
Operationeel doel 5.2.1: Multilaterale handels- investeringssysteem   
– Bijdragen aan diverse organisaties (o.a. WTO)5 971+ 6246 595
Operationeel doel 5.2.3: Nederlandse presentie op buitenlandse markten   
– Exportbevordering – Exportfinanciering51 049+ 12 75163 800
– Exportbevordering – Herverzekering31 765 31 765
– Exportbevordering – PESP11 118 11 118
– Exportbevordering – PSB2 723 2 723
– Exportbevordering – Voorlichting & promotie2 786+ 902 876
– Investeringsbevordering – IBTA6 807+ 4 53811 345
– Investeringsbevordering – Financiering4 538 4 538
– Economische samenwerking – PSO63 529– 1 78661 743
– Economische samenwerking – Trustfunds4 537+ 6 60311 140
– Econ. Samenwerking – Managementondersteuning3 404 3 404
– Overig BEB   
Algemeen   
– Beleidsondersteuning DG BEB1 361 1 361
    
Apparaatsuitgaven38 762+ 1 33740 099
– Personeel DG BEB8 600 8 600
– Bijdrage DG BEB aan BLD EVD21 621+ 93222 553
– Bijdrage DG BEB aan BLD Senter8 541+ 4058 946
    
Uitgaven (totaal)201 578– 11 197190 381
    
Ontvangsten (totaal)1 815 1 815
– Terugontvangsten uit bijdrage aan BLD Senter   
– Ontvangsten EVD   
– Ontvangsten kredieten en garanties681 681
– Diverse ontvangsten BEB1 134 1 134

Exportbevordering – Exportfinanciering

Door externe omstandigheden (het aantonen van de bewijslast van buitenlandse steun) lukte het niet meer om commiteringen voor een viertal projecten in 2001 aan te gaan. Daarom wordt voorgesteld deze middelen (€ 12,8 mln) door te schuiven naar 2002.

Investeringsbevordering – IBTA

De totstandkoming van de nieuwe subsidieregeling «technische assistentie» in opkomende markten heeft enige vertraging opgelopen waardoor deze pas begin 2002 in werking is getreden. Daarom lukte het niet meer om de opdracht nog in 2001 te verstrekken. Voorgesteld wordt daarom het daarvoor gereserveerde bedrag van € 4,5 mln verplichtingen te verschuiven naar 2002.

Economische samenwerking – PSO

Binnen het Programma Samenwerking Oost-Europa (PSO) worden sectorstudies gebruikt om tenders te beoordelen. De resultaten uit de sectorstudie Bosnië Energie&Milieu waren in oktober 2001 voorhanden. Pas daarna kon begonnen worden met beoordeling van de tender voor Bosnië. Hierdoor was het niet meer mogelijk om de verplichtingen voor dit onderdeel vast te leggen in 2001. Voorgesteld wordt daarom het hiervoor gereserveerde bedrag van € 1,8 mln door te schuiven naar 2002.

Daarnaast vindt er een overheveling van verplichtingen (€ 3,6 mln) plaats van PSO naar het Private Enterprise Partnership. Vanwege juridische en comptabele redenen is EZ vorig jaar genoodzaakt tot een technische correctie inzake de verantwoording van bovengenoemd donorprogramma. Omdat dergelijke programma's voortaan niet meer binnen het PSO verantwoord mogen worden, wordt voorgesteld de middelen over te hevelen naar de trustfunds.

Economische samenwerking – Trustfunds

Het was de bedoeling om in 2001 € 3,4 mln te commiteren voor Private Enterprise Partnership (PEP) projecten. PEP is een meerjarig multi-donorprogramma gericht op de ondersteuning van Nederlandse investeringen in Rusland en Oekraïne. De beleidsmatige basis voor deze nieuwe PEP-commiteringen was gereed, maar het PEP-concept bracht enkele juridische complicaties met zich mee. Pas medio december 2001 werd met de International Finance Company (IFC) overeenstemming bereikt met betrekking tot het PEP-concept. Door dit oponthoud lukte het niet meer om deze projecten in 2001 te commiteren. Daarom wordt voorgesteld de middelen door te schuiven naar 2002.

Daarnaast wordt er ten behoeve van het Private Enterprise Partnership een overheveling voorgesteld ten laste van het PSO. Zie hiervoor de toelichting bij het instrument Economische samenwerking – PSO.

7 BEHEER BODEMSCHATTEN

Artikel 7: Beheer bodemschatten (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)75 844– 46 61629 228
Programma-uitgaven71 097– 46 61624 481
Operationeel doel 7.2.1: Staatsbaten   
– Dividenduitkering aandelen EBN68 521– 46 52122 000
Operationeel doel 7.2.4: Beheer ondergrond   
– Beheer mijnschadestichtingen91 91
– Opdrachten en onderzoek Bodembeheer2 485– 952 390
Apparaatsuitgaven4 747 4 747
– Personeel Energie (DG M&E)1 055 1 055
– Apparaatsuitgaven SodM3 692 3 692
    
Uitgaven (totaal)75 844– 46 61629 228
    
Ontvangsten (totaal)2 379 170– 172 0032 207 167
– Aardgasbaten3 947 888– 247 8883 700 000
– Bijdrage aan het Fes– 1 638 600+ 122 406– 1 516 194
– Dividend EBN/Aardgas BV68 521– 46 52122 000
– Ontvangsten zoutwinning1 361 1 361

Aardgasbaten

De raming van de gasbaten wordt bijgesteld op grond van actuele gegevens. Voor 2002 wordt nu uitgegaan van een olieprijs van $21 per vat.

Ramingskengetallen aardgas

 Raming Ontwerpbegroting 2002Raming 1e suppletore 2002 Verschil
Prijsgegevens   
Dollarkoers in €1,111,110,0
Olieprijs in dollar per vat23,021,0– 2,0
Hoeveelheidgegevens   
Productie mrd m370,073,0+ 3,0

Dividenduitkering aandelen EBN

In het licht van de te verwachten aanpassingen in de structuur van het Gasgebouw zijn de financiële belangen van DSM in het Gasgebouw beëindigd. De Staat heeft voor € 1,24 mld de certificaten Energie Beheer Nederland B.V. van DSM overgenomen. Door de aankoop van de certificaten hoeven dividenden betreffende de boekjaren 2002 en verder niet meer te worden doorgesluisd. Wel heeft DSM nog recht op een aantal dividenduitkeringen 2001. De raming op dit instrumentensub wordt met € 46,5 mln tot het bedrag van die uitkeringen verlaagd.

De verlaging van de meerjarige raming op dit instrumentensub is nodig om de rentelasten van bovenvermelde aanschaf van certificaten EBN B.V. te financieren. Alhoewel deze reeks in de toekomst onderdeel uitmaakt van de reguliere gasbatenraming, zal zij niet als basis dienen voor de voeding van het Fes uit 41,5% van de totale gasbaten. Alvorens de voeding van het Fes uit gasbaten te bepalen, zal deze reeks daarom voortaan in mindering worden gebracht op de berekeningsbasis. De wettelijke basis hiervoor wordt in de eerste suppletore begroting 2002 van het Fes geregeld.

9 VOORZIEN IN MAATSCHAPPELIJKE BEHOEFTE AAN STATISTIEKEN

Artikel 9: Voorzien in maatschappelijke behoefte aan statistieken (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)153 368+ 598153 966
Apparaatsuitgaven CBS153 368+ 598153 966
    
Uitgaven (totaal)153 368+ 598153 966
    
Ontvangsten (totaal)10 528 10 528

21 ALGEMEEN

Artikel 21: Algemeen (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)83 829+ 1 34085 169
Personeel Algemeen   
– Personeel stafdiensten25 288 25 288
– Centraal personeelsbudget9 987+ 22310 210
– Personeel Buitenland2 194 2 194
– Wachtgeld2 015– 2281 787
– Post actief personeel2 584 2 584
– Personeel adviescolleges132 132
– Afwikkeling oude verplichtingen147 147
Materieel Algemeen   
– ICT9 467 9 467
– Materieel diversen1 630+ 2 6004 230
– Voorlichting3 747 3 747
– Materieel kernministerie (incl. huisvesting)24 438+ 22124 659
– Huisvesting (t.b.v. investeringen)2 200 2 200
– Afwikkeling oude verplichtingen   
– Parkeerpost – 1 476– 1 476
    
Uitgaven (totaal)84 267+ 1 34085 607
    
Ontvangsten (totaal)3 647+ 4 1677 814
– Diverse ontvangsten algemeen3 647+ 2 3075 954
– Afdracht Senter + 1 8601 860

BIE

Betreft binnen de EZ-begroting vrijgemaakte middelen voor het per 1 januari 2002 gestarte agentschap Bureau I.E. (€ 2,6 mln).

Baten-lastendiensten

Betreft een ontvangst in het kader van de overdracht van vermogensbestanddelen van de per 1 januari 2002 gestarte baten-lastendienst Bureau I.E. (€ 2,3 mln). Daarnaast is het resultaat van Senter in 2000 aan het kerndepartement uitgekeerd (€ 1,9 mln).

22 NOMINAAL EN ONVOORZIEN

Artikel 22: Nominaal en onvoorzien (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)11 472+ 15 77327 245
    
– Loonbijstelling8 199+ 15 77323 972
– Prijsbijstelling2 819 2 819
– Budget onvoorzien454 454
    
Uitgaven (totaal)11 472+ 15 77327 245

Loonbijstelling

De mutatie betreft de uitdeling van loonbijstelling tranche 2002 door het Ministerie van Financiën.

23 AFWIKKELING OUDE VERPLICHTINGEN

Artikel 23: Afwikkeling oude verplichtingen (in € 1000)

 Stand ontwerpbegrotingMutaties 1e suppl. begrotingStand v.d. 1e suppl. begroting
 (1)(2)(3)=(1)+(2)
Verplichtingen (totaal)5 297– 3884 909
    
– Afwikkeling overeenkomst inzake Nedcar   
– Afwikkeling BBH-regeling5 297– 3884 909
– Afwikkeling bijdrage aan K.S.G   
    
Uitgaven (totaal)5 932– 3885 544
    
Ontvangsten (totaal)78 873 78 873
– Ontvangsten NedCar78 873 78 873
– Afwikkeling WIR-ontvangsten   

3 Baten-lastendiensten

Definitieve openingsbalans baten-lastendienst Bureau voor de Industriële Eigendom

Inleiding

De vaststelling van de definitieve openingsbalans per 1 januari 2002 heeft gefaseerd plaatsgevonden. Op de indicatieve openingsbalans, zoals opgenomen in de begroting 2002, is een aantal wijzigingen aangebracht. Bovendien zijn de balansposten aangepast aan de werkelijke stand op 31 december 2001.

Doordat de geldstromen inzake de ontvangst en afdracht van taksen buiten de opdrachtverstrekking aan het Bureau I.E. vallen en derhalve niet van invloed zijn op de bedrijfseconomische balans van het Bureau I.E., wordt in de openingsbalans onderscheid gemaakt in:

• balansposten, die betrekking hebben op de opdracht, gebaseerd op het baten en lastenstelsel;

• balansposten, die verband houden met de ontvangst en afdracht van taksen, gebaseerd op het kasstelsel.

Risicobeleid

De notitie «Risicobeleid van het Bureau voor de Industriële Eigendom» geeft een inventarisatie van de risico's van het Bureau I.E. als agentschap.

Het Bureau I.E. onderkent een viertal risico's:

1. maatschappelijke risico's;

2. politieke risico's;

3. exploitatierisico's;

4. personele risico's.

Maatschappelijke risico's zijn invloeden uit de omgeving waar het Bureau I.E. zelf geen invloed op heeft, maar die wel gevolgen hebben voor de omvang en/of de aard van de uit te voeren taken. Als maatschappelijke risico's zijn benoemd het teruglopen van de vraag door een verhoogde concurrentie en het niet meer voldoen van geautomatiseerde systemen aan veranderde klantenwensen of de stand der techniek. Het risico van het verminderen van de vraag door verhoogde concurrentie wordt gedekt door de opdrachtgever. Het Bureau I.E. draagt zelf het risico van verouderde ICT-toepassingen. Dit risico wordt gedekt uit de exploitatiereserve.

Politieke risico's zijn beleidswijzigingen, die gevolgen hebben voor de aard en de omvang van de taken van het Bureau en bijvoorbeeld kunnen leiden tot deskundigheidsverlies en reorganisaties. Het risico van deskundigheidsverlies wordt gedekt uit de exploitatiereserve en de reorganisatievoorziening, terwijl reorganisaties door beleidswijzigingen voor rekening komen van de opdrachtgever.

De exploitatierisico's hebben betrekking op de bedrijfsvoering. Onvoorzien meer- of minderwerk per opdracht, inefficiënte inzet van middelen en vermoedelijke oninbaarheid van vorderingen op debiteuren vallen hieronder. Deze risico's vallen onder de verantwoordelijkheid van het Bureau en worden uit de eigen middelen gefinancierd. Deze risico's worden primair gedekt uit de exploitatiereserve en voorzieningen.

Personele risico's hebben ondermeer betrekking op de beschikbaarheid van goed gekwalificeerd personeel, wervingskosten, krapte op de arbeidsmarkt, de opbouw van het personeelsbestand en reorganisaties. Deze risico's zijn voor rekening van het Bureau I.E. Uitzondering daarop vormen de risico's in verband met de reorganisatie van de Bibliotheek en Octrooiraad, die gedekt worden door de eigenaar.

De definitieve openingsbalans per 1 januari 2002 (in € 1 000) is als volgt:

Tabel 1 Definitieve openingsbalans (in € 1000)

ActivaOpdracht Taksen
Materiele vaste activa  
Installaties en inventarissen2 124 
Overige materiële vaste activa10 
   
Voorraden  
Onderhanden werk630 
   
Vorderingen  
Debiteuren9 
Overige vorderingen12 
Vooruitbetaalde kosten340 
Vordering op moederdepartement32010 072
   
Liquide middelen  
Kas/bank591
Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding0 
   
Totaal activa3 45010 163
PassivaOpdrachtTaksen
Eigen vermogen  
Exploitatiereserve464 
   
Voorzieningen2 163 
   
Lening bij het Ministerie van Financiën0 
   
Schulden op korte termijn  
Crediteuren30 
Overige schulden2 
Spaarverlof124 
Nog te betalen kosten334 
Te betalen vakantiegeld333 
Depothouders 1 847
Gereserveerde taksen 3 338
Verschuldigde jaartaksen EOB 4 978
   
Totaal passiva3 45010 163

Toelichting op de definitieve openingsbalans

Specifiek taksengerelateerde posten

De geldstromen inzake de ontvangst en afdracht van taksen vallen buiten de opdrachtverstrekking aan het Bureau I.E. en zijn in een aparte kolom op de balans zichtbaar gemaakt.

Ontvangen taksen worden door middel van een centraal verrekeningssysteem direct op de rekening-courant van het moederdepartement gestort.

Een deel van de ontvangen taksen wordt echter in depot gegeven, vooruitbetaald, of moet nog worden afgedragen aan het EOB. Deze posten staan in de balans van het Bureau I.E. als schuld weergegeven onder de noemer: depothouders (1,8 mln), gereserveerde taksen (3,3 mln) en verschuldigde taksen aan het EOB (5,0 mln). Hier staat een vordering op het moederdepartement tegenover (10,1 mln), omdat het moederdepartement deze bedragen op de rekening-courant heeft staan.

Waarderingsgrondslagen van de agentschapsbalans

De waardering van de posten op de openingsbalans is gebaseerd op de Comptabiliteitswet en de daarop gebaseerde regelingen zoals de Regeling Departementale Begrotingsadministratie en de Regeling Vermogensvoorschriften Baten- en lastendiensten 2001, opgenomen in het Handboek Financiële Informatie en Administratie Rijksoverheid. De daarin gestelde eisen vertonen grote gelijkenis met de regels van het Burgerlijk Wetboek 2, titel 9.

Alle activa en passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde, tenzij anders vermeld.

Materiële vaste activa

De boekwaarde van de materiële vaste activa op 1 januari 2002 is als volgt:

Tabel 2 Materiële vaste activa (in € 1000)

 BoekwaardeAfschrijvingstermijn
Installaties en inventarissen  
• Kantoorinventaris1965 jaar
• Hardware, PC's, printers5193 jaar
• Kantoorsoftware2443 jaar
• Ondersteunende applicaties (eigen ontw.)343 jaar
• Rechtsysteem05 jaar
• O.I.O. systeem6485 jaar
• Register + systeem4035 jaar
• Overige octrooi-informatiesystemen105 jaar
• Technische installaties705 jaar
Totaal installaties en inventaris2 124 
   
Overige vaste activa  
Dienstauto104 jaar
   
Totaal boekwaarde2 134 

De materiële vaste activa zijn gewaardeerd op basis van de historische verkrijgingsprijs, onder aftrek van een jaarlijkse lineaire afschrijving.

In de bovenstaande tabel is per vast actief het lineaire afschrijvingspercentage vermeld.

De boekwaarde is als volgt samengesteld:

Tabel 3 Berekening boekwaarde materiële vaste activa (in € 1000)

Aanschaffingen tot en met 20016 539
Afschrijvingen tot en met 20014 405
Boekwaarde 1 januari 20022 134

De boekwaarde is € 72 000 lager dan de indicatieve openingsbalans omdat in 2001 minder werd geïnvesteerd dan was begroot.

Vlottende activa

Voorraden; onderhanden werk

Het onderhanden werk is per product als volgt gespecificeerd.

Tabel 4 Onderhanden werk (in € 1000)

Product 
Nationale nieuwheidsonderzoeken41
Internationale nieuwheidsonderzoeken7
Octrooi aanvragen ROW 1995582
Totaal bedrag630

De post Onderhanden werk betreft de kosten van gemaakte uren gedurende de verschillende bewerkingsfases van een drietal producten die in een volgend jaar aan de opdrachtgever doorbelast worden. Voor de waardering zijn de uurtarieven van 2001 gehanteerd.

Nog te ontvangen van moederdepartement

Het nog te ontvangen bedrag van het moederdepartement ad € 0,32 mln betreft het saldo van de overgenomen bezittingen en schulden van het agentschap op de openingsbalans.

Debiteuren en overige vorderingen

Tabel 5 Debiteuren en overige vorderingen (in € 1000)

Debiteuren9
Overige vorderingen12
Vooruitbetaalde kosten340
Totaal361

De post Debiteuren is het saldo van openstaande vorderingen, verminderd met een voorziening wegens mogelijke oninbaarheid voor posten ouder dan een jaar (€ 451).

De post Vooruitbetaalde kosten betreft de in 2001 (vooruit)betaalde kosten van leveringen in 2002. De grootste posten betreffen de abonnementskosten van octrooiliteratuur en de onderhoudskosten van ICT-contracten.

Liquide middelen

Tabel 6 Liquide middelen (in € 1000)

Kas5
Rekening courant-Rijkshoofdboekhouding0
Totaal5

De post Kas betreft het saldo op 31 december.

Het saldo van de Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding is nihil.

Exploitatiereserve

De gevormde exploitatiereserve ad € 0,46 mln is vastgesteld op 2,5% van de begrote omzet 2002 en dient als buffer voor een aantal bedrijfsrisico's die het gevolg zijn van gebeurtenissen en beslissingen in het eerste jaar als agentschap.

De reserve, voor zover deze toereikend is, dient tevens voor het opvangen van schades voor risico's, waarvoor het Rijk risicodrager is en waarvoor geen verzekering mag worden afgesloten.

Voorzieningen

Voorzieningen zijn gevormd voor:

Tabel 7 Voorzieningen (in € 1000)

Reeds aangegane wachtgeldverplichtingen1 409
Projectmatige werkzaamheden en bouwkundige aanpassingen archief754
Totaal2 163

De voorziening voor reeds aangegane wachtgeldverplichtingenis ten opzichte van de indicatieve openingsbalans verhoogd door het overnemen van voorheen door EZ betaalde wachtgeldverplichtingen van oud-medewerkers.

De voorziening voor projectmatige werkzaamheden en bouwkundige aanpassingen archief is ten opzichte van de indicatieve openingsbalans verhoogd door de volgende oorzaken:

• de kosten van de personele inzet zijn op basis van uurtarieven gecalculeerd in plaats van op bruto loonkosten; hierdoor worden de daarmee verbandhoudende kosten van ondersteunende diensten zoals huisvesting, automatisering en directie- en stafactiviteiten eveneens gedekt;

• in het centrale EZ budget bestaat geen dekking voor de kosten van het overbrengen van de merken- en octrooidossiers naar het Rijksarchief. Bij de indicatieve openingsbalans was van een dekking van deze kosten uitgegaan. Het opgenomen bedrag is gebaseerd op een kostenraming van de Centrale Archiefdienst.

De hoogte van de voorziening van bouwkundige aanpassingen archief was in de indicatieve openingsbalans ingeschat op € 0,10 mln. Omdat op dit moment geen helderheid bestaat over de gewenste omvang van het archief na de opschoningsoperatie is geen inschatting te geven van de kosten en is geen bedrag opgenomen. Conform het risicobeleid zullen de kosten t.z.t. betaald worden door de eigenaar.

In 2002 zal naar verwachting € 0,48 mln aan de voorzieningen worden onttrokken.

Lening bij het Ministerie van Financiën

In de indicatieve openingsbalans werd uitgegaan van een lening van € 1,39 mln bij het Ministerie van Financiën voor de financiering van de boekwaarde van de overgenomen materiële vaste activa. Daarop behoeft echter geen beroep te worden gedaan omdat de hoogte van de voorzieningen in de komende jaren voldoende is om de vaste activa te kunnen financieren.

Crediteuren

De post crediteuren ad € 29 749 is het saldo van nog niet betaalde facturen van 2001.

Spaarverlof

Dit betreft de op balansdatum bestaande schuld ad € 0,12 mln aan medewerkers die gebruik hebben gemaakt van de spaarvariant compensatieverlof. Conform de huidige afspraken met deze medewerkers zal het verlof uiterlijk in 2005 worden opgenomen. Het bedrag is berekend op basis van de gespaarde uren en de geldende uurtarieven op balansdatum.

Nog te betalen kosten

De post nog te betalen kosten ad € 0,33 mln betreft leveringen in 2001, waarvan de facturen of declaraties in 2002 worden ontvangen. De grootste posten zijn de advieskosten EOB over december ad € 163 570, vacatiegelden ad € 31 332, uitzendkrachten ad € 31 513 en drukkosten jaarregisters Hoofd- en Bijblad ad € 18 953.

Te betalen vakantiegeld

Dit bedrag heeft betrekking op de opgebouwde rechten op vakantiegeld over de periode van 1 juni 2001 tot en met december 2001. Dit bedrag maakt deel uit van het vakantiegeld, dat in mei 2002 over de periode juni 2001 tot en met mei 2002 wordt uitgekeerd.

Bij de berekening van het bedrag is rekening gehouden met een loonbijstelling in 2001 en een opslag voor sociale lasten van 20%.

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

Huur- en gebruikersovereenkomsten kantoorruimte

Het huurcontract met de RGD loopt tot 31 december 2002 met een stilzwijgende verlenging van 10 jaar. De gebruikersvergoeding in 2002 is begroot op € 0,85 mln.

Een gebruikersovereenkomst met het Europese Octrooibureau loopt tot 31 december 2002 met een stilzwijgende verlenging van 10 jaar. De gebruikerskosten in 2002 zijn begroot op € 1,02 mln.

Overige contracten

Bureau I.E. heeft contracten afgesloten voor de huur en het onderhoud van ICT-faciliteiten, kopieerapparatuur en kantoorinrichting. De jaarlijkse kosten bedragen circa € 0,58 mln.

Financiële verplichtingen als gevolg van reorganisatie

Nog geen rekening is gehouden met de financiële gevolgen van de beëindiging van de Rijksoctrooiwet 1910 en de digitalisering van levering van octrooidocumenten. Door het vervallen of verminderen van de taken zal in de komende jaren gereorganiseerd gaan worden. Een inschatting van de kosten daarvan is op dit moment niet te geven omdat een reorganisatieplan formeel nog niet is vastgesteld. Conform het risicobeleid zal een voorziening voor de reorganisatie van de Octrooiraad en de Bibliotheek worden gefinancierd door de eigenaar.

Naar boven