28 237
Voorlopige Rekening 2001

nr. 2
BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 26 februari 2002

1. Inleiding

In deze brief voorlopige rekening sociale zekerheid en arbeidsmarkt geef ik, mede namens staatssecretaris Hoogervorst en staatssecretaris Verstand-Bogaert, een integraal beeld van de voorlopig gerealiseerde uitgaven en inkomsten in de sector sociale zekerheid en arbeidsmarkt (sza) in 2001. De afwijkingen ten opzichte van de Najaarsbrief sza worden daarbij toegelicht. In de jaarverantwoording van SZW, die u in juni ontvangt, doe ik verslag van de beleidsmatige en budgettaire ontwikkelingen over geheel 2001.

In paragraaf 2 geef ik aan in hoeverre de naar huidig inzicht gerealiseerde uitgaven in de sector sza afwijken van de ramingen in de najaarsbrief sza. Ik sluit deze brief af met een paragraaf over de inkomstenontwikkeling en de vermogensposities van de sociale fondsen.

2. Voorlopige realisaties 2001 ten opzichte van de Najaarsbrief sza

Voor de voorlopige realisaties in deze brief is voor de premiegefinancierde regelingen gebruik gemaakt van de januarirapportages van UWV en SVB. De realisaties voor de begrotingsgefinancierde regelingen betreffen de stand van de geregistreerde kasuitgaven per 31 december 2001. Tabel 1 geeft een beeld van de bijstellingen ten opzichte van de najaarsbrief sza.

Tabel 1. Ontwikkeling van de netto gecorrigeerde uitgaven sza in 2001. Bedragen luiden in miljoenen euro's

 netto uitgaven
Stand najaarsbrief 200150 437,8
  
mee- en tegenvallers; 
Lagere uitgaven (a)– 91,1
Hogere ontvangsten (b)– 44,7
  
technisch op de aanvullende post 
Tegenboeken eindejaarsmarge (c)121,8
Tegenboeken Suwi (d)– 2,7
  
Totaal bijstellingen (a+b+c+d)– 16,7
  
Voorlopige realisatie 200150 421,1

Uit de nu beschikbare gegevens blijkt dat de netto gecorrigeerde uitgaven in 2001 uitkomen op 50,4 miljard euro. Dit is 16,7 miljoen euro lager dan bij najaarsbrief werd verwacht. De bijstellingen ten opzichte van de najaarsbrief zijn in twee soorten in te delen. De mee- en tegenvallers in de uitgaven en ontvangsten aan de ene kant en de technische bijstellingen aan de andere kant. Beide groepen vallen qua omvang bijna tegen elkaar weg.

Mee- en tegenvallers

De extra meevaller is voor 91,1 miljoen euro toe te schrijven aan lagere uitgaven en voor 44,7 miljoen euro aan hogere ontvangsten. Voor wat betreft de lagere uitgaven kan worden gemeld dat 75 miljoen euro hiervan betrekking heeft op de begrotingsgefinancierde sociale zekerheid en 16,1 miljoen euro op de premiegefinancierde sociale zekerheid. De extra ontvangsten komen volledig voor rekening van de begrotingsgefinancierde regelingen.

De lagere uitgaven voor de begrotingsgefinancierde regelingen doen zich vooral voor bij Arbvo, Wvg, regeling kinderopvang en Suwi. In bijlage 1 treft u een zogenaamde vertikale toelichting aan. Daarin worden alle bijstellingen groter dan 12 miljoen euro toegelicht.

Technische bijstellingen op de aanvullende post Financiën

De eindejaarsmarge wordt gebruikt voor overlopende uitgaven van het ene naar het daaropvolgende jaar. Departementen doen in het voorjaar voorstellen voor de vulling van de eindejaarsmarge. Gelijktijdig wordt een bedrag van 1 % van het relevante begrotingstotaal op een aanvullende post van Financiën als taakstelling ingeboekt. Het gebruik van de eindejaarsmarge verloopt daardoor op dat moment budgettair neutraal. De taakstelling wordt nu bij voorlopige rekening tegengeboekt.

Bij het sluiten van het jaar was op de aanvullende post Suwi nog een bedrag van 2,7 miljoen euro overgebleven. Dat bedrag wordt ook tegengeboekt.

Het uitgavenkader sza is sinds de najaarsbrief sza niet aangepast. De ruimte onder het uitgavenkader wordt met deze extra meevallers nauwelijks vergroot, waardoor de ruimte onder het uitgavenkader 1,9 miljard euro blijft.

3. Premie-inkomsten en vermogensposities van de sociale fondsen

3.1 Premieontvangsten

De premieontvangsten 2001 zijn neerwaarts aangepast met € 0,3 miljard ten opzichte van de Najaarsnota. Bij de volksverzekeringen (Aow/Anw) is sprake van een tegenvaller van € 0,3 miljard en een kleine meevaller bij de premieontvangsten werknemersverzekeringen (WAO en WW). In onderstaande tabel is een overzicht gegeven.

Tabel 2. Bijstellingen in de inkomsten ten opzichte van de Najaarsbrief 2001. Bedragen in miljarden euro's

 StandMutatiesStand
 Najaarsbrief Voorlopige
 2001 Rekening 2001
Volksverzekeringen:   
AOW18,7– 0,318,4
Anw1,50,01,5
    
Werknemersverzekeringen:   
WAO11,6– 0,211,3
WAZ0,60,20,8
Wgf1,0– 0,20,8
Awf5,10,25,3
Ufo0,30,10,4
Totaal38,8– 0,338,5

NB: Vanwege afronding kan het totaal afwijken van de som van de onderdelen

Bij bovenstaande tabel kan het volgende in toelichtende zin worden opgemerkt:

• De premies volksverzekeringen worden gezamenlijk geheven met de loon- en inkomstenbelasting. Op basis van gegevens van de belastingdienst tot en met de maand december 2001 laten deze ontvangsten een tegenvaller zien. Deze tegenvaller werkt met een vaste sleutel door naar de premies volksverzekeringen en bedraagt € 0,3 miljard. In de Voorjaarsnota zal worden ingegaan op de mogelijke oorzaken van deze tegenvaller.

• De ramingen voor de premieontvangsten werknemersverzekeringen zijn aangepast op basis van de zogenaamde januari-nota van de Uitvoeringsorganisatie Werknemersverzekeringen (UWV). De premieontvangsten voor het arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen (WAZ) zijn opwaarts bijgesteld voornamelijk omdat nog een bedrag aan premiebaten over 1998 en 1999 is ontvangen, welke de UWV in de exploitatie 2001 heeft verwerkt. De premieontvangsten voor het Algemeen Werkloosheidsfonds (Awf) zijn opwaarts en die voor de Arbeidsongeschiktheids- en Wachtgeldfondsen zijn neerwaarts bijgesteld wegens hogere premieplichtige loonsommen in de januarinota van de UWV dan in de ramingen was opgenomen. De premies werknemersverzekeringen worden overigens op voorschotbasis ontvangen en moeten nog definitief worden afgerekend. De UWV verschaft hierover informatie in de zogenaamde mei-rapportage.

3.2 Vermogenspositie van de fondsen

De uitgaven ten laste van de fondsen zijn nauwelijks bijgesteld waardoor de exploitatie- en vermogenspositie van de fondsen alleen veranderen door de bijstellingen in de premiebaten. Onderstaande tabel toont de bijstellingen in de exploitatie- en vermogenspositie 2001 van de volks- en werknemersverzekeringen.

Tabel 3. Ontwikkeling van de exploitatiesaldi en vermogens van de sociale fondsen. Bedragen in miljarden euro's

 ExploitatieVermogenNormSaldo
Najaarsbrief1,210,52,87,7
waarvan:    
Volksverzekeringen– 1,71,80,51,4
Werknemersverzekeringen2,98,72,36,3
     
Mutaties– 0,3– 0,30,0– 0,3
waarvan:    
Volksverzekeringen– 0,3– 0,30,0– 0,3
Werknemersverzekeringen0,10,10,00,1
     
Voorlopige Rekening0,910,22,87,4
waarvan:    
Volksverzekeringen– 2,11,50,51,0
Werknemersverzekeringen3,08,72,36,4

NB: Vanwege afronding kan het totaal afwijken van de som van de onderdelen

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

W. A. F. G. Vermeend

BIJLAGE 1

Verticale toelichting

Tabel 4. Bijstellingen in de uitgaven en ontvangsten. Bedragen in miljoenen euro's

  2001
 uitgaven 
 begrotingsgefinancierd 
1Rijksbijdrage Arbvo– 27,1
2Wajong16,6
3Abw68,9
4FWI– 42,2
5Suwi– 38,1
6overig– 53,1
   
 premiegefiancierd 
7Volume Awf– 23,0
8Volume Wgf14,8
9Volume vangnet ZW– 34,0
10Volume Wao– 52,3
11Gemiddelde uitkering Wao40,2
12Overige lasten Awf30,1
13Overig8,1
 Totaal uitgaven– 91,1
   
 ontvangsten 
 begrotingsgefinancierd 
14arbeidsmarkt40,0
15anti-cumulatie WSW– 12,9
16bijstand16,5
17overig1,1
 Totaal ontvangsten44,7
   
 Technisch / aanvullende post 
18Eindejaarsmarge taakstelling121,8
19Suwi– 2,7
 Totaal technisch / aanvullende post119,1

Toelichting op tabel 4

1. Rijksbijdrage Arbeidsvoorziening (– € 27,1 mln)

Kliq zou aanvankelijk al in 2001 worden verzelfstandigd en dus zou er over de inkoop van reintegratiediensten BTW moeten worden betaald. Daarvoor is compensatie geboden via de rijksbijdrage, om dezelfde prestaties mogelijk te blijven maken. De verzelfstandiging van Kliq is eerst per 1 januari 2002 gerealiseerd. Dat heeft ertoe geleid dat er in 2001 nog geen BTW is betaald door Arbeidsvoorziening en daarmee de grond voor de compensatie is komen te vervallen. Daarnaast is de loon- en prijsbijstelling wel op het artikel bijgeschreven, maar (abusievelijk) niet aan Arbeidsvoorziening uitgekeerd.

2. Wajong ( € 16,6 mln)

De hogere realisatie hangt samen met een groter aantal gerechtigden. De toename wordt voornamelijk veroorzaakt doordat meer keuringen zijn verricht om de achterstand in de einde wachttijd keuringen in te lopen.

3. Abw (€ 68,9 mln)

De uitgaven die voor de Abw nog worden gedaan na de creatie van het Fonds voor Werk en Inkomen, zijn afrekeningen van gemeentelijke declaraties over de jaren tot en met 2000. Hoeveel hier moet worden nabetaald is van te voren niet te bepalen. De raming wordt daarom telkens aangepast aan de realisatie. Ten opzichte van de Najaarsbrief is nog voor 68,9 miljoen euro nabetaald. Daar waar gemeenten moeten terugbetalen leidt dit tot ontvangsten van SZW (zie post 16).

4. FWI (– € 42,2 mln)

De door gemeenten gedeclareerde uitgaven zijn lager dan verwacht. Naar verwachting hangt dit samen met een lagere gemiddelde uitkering.

5. Suwi (– € 38,1 mln)

Het op dit artikel resterende overschot is in hoofdzaak toe te schrijven aan de volgende factoren.

• Voor de afwikkeling van Swi-subsidies bleken geen middelen meer nodig te zijn (€ 6,8 mln);

• Een deel van de beschikbare middelen voor de stimuleringsregelingen CWI, bedrijfsverzamelgebouwen en regionale platforms is dit jaar niet tot betaling gekomen (€ 14,6 mln).

• Bij de invulling van de ICT-plannen is gebleken dat sommige projecten tegen lagere kosten konden worden uitgevoerd dan oorspronkelijk was voorzien. Daarnaast is bij enkele projecten vertraging in de uitvoering opgetreden (€ 16 mln).

6. Diversen (– € 53,1 mln)

De som van de mutaties kleiner dan 12 miljoen euro in de begrotingsgefinancierde sociale zekerheid bedraagt 53,1 miljoen euro. Het betreft hier onder meer lagere uitgaven voor Wvg en de kinderopvangregeling.

7. Volume Awf (– € 23 mln)

Uit de realisatiegegevens van het UWV blijkt dat het aantal mensen dat langer dan een half jaar een WW-uitkering ontvangt lager is uitgekomen dan verwacht. Het gaat hier om 1800 uitkeringsjaren.

8. Volume Wgf (€ 14,8 mln)

In tegenstelling tot het Awf zijn de uitgaven in het Wgf volgens de januarinota van het UWV hoger dan verwacht. Dit kan duiden op een licht verhoogde instroom van werklozen. Het Wgf financiert immers alleen de eerste zes maanden van werkloosheid. Het gaat om 1100 uitkeringsjaren.

9. Volume vangnet ZW (– € 34 mln)

Het vangnet ZW financiert de eerste 52 weken van arbeidsongeschiktheid voor zwangere vrouwen en uitzendkrachten. Uit gegevens over 2001 blijkt dat het aantal uitkeringsgerechtigden lager is uitgekomen dan verwacht. Met name het aantal zwangere vrouwen is lager dan verwacht.

10. Volume WAO (– € 52,3 mln)

Het lagere volume in de Wao wordt veroorzaakt omdat de uitstroom uit de WAO groter is geweest dan in de raming voor 2001 werd verondersteld. De grotere uitstroom wordt waarschijnlijk veroorzaakt door een grotere herstelkans. Een relatief groter aandeel van instromers in het totale bestand is hierop mede van invloed geweest. Nieuwe instromers zijn namelijk vaak de personen die het snelst weer uitstromen.

11. Gemiddelde uitkering WAO (€ 40,2 mln)

De Wao-uitkeringen zijn qua hoogte gekoppeld aan de loonontwikkeling. Doordat de lonen in 2001 meer zijn gestegen dan verwacht, levert de gemiddelde uitkering Wao een uitgaventegenvaller op.

12. Overige lasten Awf (€ 30,1 mln)

De belangrijkste reden voor de hogere realisatie in de overige lasten Awf vormt de opwaartse bijstelling van de post overgenomen verplichtingen. Het gaat hierbij om de lasten samenhangend met de loondoorbetalingsplicht die het Awf overneemt van werkgevers die in betalingsmoeilijkheden verkeren.

13. Overig (€ 8,1 mln)

De mutaties kleiner dan 12 miljoen euro in de premiegefinancierde sociale zekerheid tellen samen op tot een bedrag van 8,1 miljoen euro.

14. Ontvangsten arbeidsmarkt (€ 40 mln)

De extra ontvangsten vloeien voort uit de afrekening met gemeenten van de verstrekte voorschotten in de jaren voor 2001.

15. Anti-cumulatiebaten WSW (– € 12,9 mln)

De anti-cumulatie afdrachten van de fondsen voor mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering, die werken op een Wsw plaats, zijn lager uitgevallen dan geraamd. Hiervoor zijn twee redenen aan te geven. Ten eerste betreft het een verrekening van in het verleden teveel betaalde gelden door het arbeidsongeschiktheidsfonds. Ten tweede is de verwachte groei uitgebleven van het aantal arbeidsongeschikten dat werkzaam is in de Wsw.

16. Bijstandsontvangsten (€ 16,5 mln)

De extra ontvangsten vloeien voort uit de afrekening met gemeenten van de verstrekte voorschotten over voorgaande jaren.

17. Diverse ontvangsten (€ 1,1 mln)

De mutaties in de ontvangsten op de begroting kleiner dan 12 miljoen euro tellen samen op tot een bedrag van 1,1 miljoen euro.

18. Tegenboeking eindejaarsmarge (€ 121,8 mln)

De eindejaarsmarge maakt het mogelijk budgetten over de jaargrens te verschuiven. Departementen doen in het voorjaar voorstellen voor de vulling van de eindejaarsmarge. Het totaal bedraagt maximaal 1% van het gecorrigeerde begrotingstotaal. De openstaande taakstelling voor het lopende jaar wordt tegen het einde van het jaar tegengeboekt.

19. Suwi (– € 2,7 mln)

Bij het sluiten van het jaar was op de aanvullende post Suwi nog een bedrag van 2,7 miljoen euro overgebleven. Dat bedrag moet ook nu worden tegengeboekt.

Naar boven