28 189
Wijziging van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in verband met de invoering van bedrijfseconomisch toezicht op instellingen voor elektronisch geld

nr. 8
TWEEDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 5 april 2002

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A

In de considerans wordt de zinsnede «richtlijn nr. 2000/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 september 2000 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het bedrijfseconomische toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld (PbEG L 275) en richtlijn nr. 2000/28/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 september 2000 tot wijziging van richtlijn nr. 2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese van 20 maart 2000 betreffende de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen (PbEG L 275) in de Wet toezicht kredietwezen 1992 te verwerken» vervangen door: richtlijn nr. 2000/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 september 2000 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het bedrijfseconomische toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld (PbEG L 275) en richtlijn nr. 2000/28/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 september 2000 tot wijziging van richtlijn nr. 2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 maart 2000 betreffende de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen (PbEG L 275) in de Wet toezicht kredietwezen 1992 te verwerken.

B

In artikel Vb komt punt 8 te vervallen.

Toelichting

A

Het betreft hier een redactionele wijziging.

B

Aangezien instellingen voor elektronisch geld kredietinstellingen zijn en zij door de uitgifte van elektronisch geld een onderdeel van het bankbedrijf uitoefenen, dienen instellingen voor elektronisch geld hun jaarrekening op dezelfde manier als traditionele kredietinstellingen in te richten. De wijziging van het voorgestelde artikel Vb heeft tot doel afdeling 14 van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing te doen zijn op instellingen voor elektronisch geld.

De Minister van Financiën,

G. Zalm

Naar boven