27 750
Voorstel van wet van de leden Depla, Ravestein, Van Wijmen, Duivesteijn en Biesheuvel tot wijziging van onder anderen de artikelen 10 en 26 van de Wet voorkeursrecht gemeenten in verband met het tegengaan van de ontwijking van het voorkeursrecht van gemeenten bij de verwerving van onroerende zaken

nr. 10
AMENDEMENT VAN HET LID VAN MIDDELKOOP

Ontvangen 23 januari 2002

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel C, punt 3, wordt artikel 10, vijfde lid, vervangen door:

5. Ten aanzien van een overeenkomst als bedoeld in het derde lid met betrekking tot een bepaalde onroerende zaak of een gedeelte daarvan, en de daarin met name genoemde verkopende partij, is het derde lid gedurende een periode van drie jaar slechts van toepassing op de eerste inschrijving van die overeenkomst. De periode van drie jaar vangt aan op de datum van eerste inschrijving in de openbare registers als bedoeld in het derde lid.

Toelichting

Dit amendement vervangt het bij nota van wijziging voorgestelde vijfde lid. De formulering daarvan is onduidelijk zonder de toelichting. De kern van de zaak is, dat het bepaalde in lid 3 (vrijstelling van het voorkeursrecht van de gemeente) slechts één maal van toepassing is op een koop- of optieovereenkomst die dezelfde onroerende zaak (of een gedeelte daarvan) en dezelfde verkoper betreft, binnen een periode van drie jaar vanaf de eerste inschrijving. Indien een koper een overeenkomst als bedoeld in lid 3 opnieuw inschrijft, blijft de datum van de eerste inschrijving gelden voor de bepaling van de termijn van zes maanden als bedoeld in het derde lid, onderdeel c van artikel 10.

Tevens vervalt met dit amendement de bepaling waardoor nieuwe verkopen aan natuurlijke personen ongemoeid worden gelaten. De bepaling is uit oogpunt van de doelstelling van het wetsvoorstel onwenselijk omdat deze opnieuw mogelijkheden zou bieden voor ontwijking van het voorkeursrecht.

Van Middelkoop

Naar boven