27 223
Arbeidsmarktbeleid etnische minderheden 2000–2003

nr. 12
BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 5 december 2000

Naar aanleiding van het verzoek van het lid Verburg van uw Kamer tijdens de regeling van werkzaamheden op 5 december, om geïnformeerd te worden over de afspraken betreffende de maatregelen die door de G4 zullen worden genomen om de arbeidsmarktpositie van etnische minderheden te verbeteren deel ik u het volgende mee.

Met de VNG is in september jongstleden een intentieverklaring overeengekomen, waarin is overeengekomen op welke termijn en welke wijze de gemeenten een sluitende aanpak voor werkzoekenden zullen realiseren. De afspraken die in deze intentieverklaring zijn opgenomen worden op dit moment nader uitgewerkt. De gesprekken daarover lopen nog. Ook de gesprekken met de G4 over de nadere invulling van de in de intentieverklaring overeengekomen uitgangspunten zijn op dit moment nog niet afgerond.

Op donderdag 30 november jl. heb ik met de G4, in aanvulling op de reeds in de intentieverklaring opgenomen uitgangspunten, afgesproken dat het door deze gemeenten gevoerde activeringsbeleid met betrekking tot allochtonen zal worden geïntensiveerd. Daartoe zal de G4 in overleg met SZW projecten inventariseren die daarvoor in aanmerking komen. De resultaten van deze inventarisatie zullen aan de orde komen in een ambtelijk vervolggesprek dat medio december zal plaatsvinden. Begin volgend jaar zullen de afspraken door mij samen met de G4 worden vastgesteld. Ook met de G21 zal een dergelijk traject, dat zal leiden tot een nadere invulling van de in de intentieverklaring overeengekomen uitgangspunten, worden doorlopen.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

W. A. F. G. Vermeend

Naar boven