27 210
Werkgroep vijfde nota Ruimtelijke Ordening

nr. 5
GEWIJZIGDE MOTIE VAN HET LID FEENSTRA C.S., TER VERVANGING VAN DIE GEDRUKT ONDER NR. 4

Voorgesteld 26 september 2000

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat de parlementaire Werkgroep Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening met haar verslag «Notie van Ruimte» een waardevolle bijdrage heeft geleverd als voorbereiding op de komende behandeling van de Vijfde Nota ruimtelijke ordening;

overwegend, dat het in voorkomende gevallen bij complexe en veelomvattende vraagstukken tijdig en gedegen analyseren van het gevoerde beleid, het expliciteren van knelpunten en het formuleren van daarbij passende aanbevelingen bijdraagt aan de kwaliteit van het debat en derhalve tot een versterking van de positie van de Kamer;

overwegende, dat de aanbevelingen van de Werkgroep gericht zijn op het herstellen en versterken van de geëigende rol en functie van ruimtelijke ordening als integratie- en afwegingskader;

verzoekt de Werkgroep, onder dankzegging voor de door haar gepresenteerde rapportage, haar werkzaamheden te beëindigen;

verzoekt het kabinet de aanbevelingen op hoofdlijnen te betrekken bij de Vijfde nota ruimtelijke ordening en op korte termijn met een nader voor-stel te komen inzake de oprichting van een onafhankelijk Nationaal Ruimtelijk Planbureau,

en gaat over tot de orde van de dag.

Feenstra

Snijder-Hazelhoff

Meijer

Rietkerk

Van 't Riet

Van der Steenhoven

Van der Staaij

Stellingwerf

Van Bommel

Naar boven