Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer | Datum brief |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2006-2007 | 26570 nr. 24 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer | Datum brief |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2006-2007 | 26570 nr. 24 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 21 mei 2007
Op 4 oktober 2005 heeft de Tweede Kamer de Beleidslijn voor de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen 2006–2009 (Tweede Kamer, vergaderjaar 2005–2006, 26 570, nr. 21) ontvangen. Op 27 oktober 2005 is een Algemeen Overleg gevoerd over deze beleidslijn (Tweede Kamer, vergaderjaar 2005–2006, 26 570, nr. 22). Uw Kamer vroeg in het Algemeen Overleg aandacht voor de volgende zaken: de duur van de aangekondigde subsidieafspraken met de ROM’s en de rol van de ROM’s in de sturing van de Pieken in de Delta-programma’s. Tevens wenste uw Kamer dat het eventueel overtollige vermogen van de ROM’s in de regio van herkomst zou worden geïnvesteerd. Aan de Tweede Kamer is toegezegd haar te informeren over de uitwerking van deze punten alvorens de meerjarenafspraken met de ROM’s vast te leggen. Met deze brief geef ik hier invulling aan.
1. Meerjarige subsidieafspraken
Er zijn op het moment vier door het Ministerie van Economische Zaken medegefinancierde Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s). Zij dienen de economische structuur van regio’s te versterken door zorg te dragen voor meer bedrijvigheid en werkgelegenheid in hun regio door middel van investeringsbevordering, bevordering van ontwikkeling en innovatie, participatie en beheer (het verstrekken van risicokapitaal) en herstructurering en ontwikkeling van bedrijventerreinen. In 2004 zijn de ROM’s geëvalueerd, de hoofdconclusie was dat de ROM’s een relevant instrument zijn voor regionaal economisch beleid.
In de beleidslijn (2005) is aangegeven dat het Ministerie van Economische Zaken de ROM’s wil inzetten voor de uitvoering van het Pieken in de Delta-beleid, gericht op het versterken van nationale economische pieken. Uw Kamer heeft deze lijn tijdens het Algemeen Overleg van 27 oktober 2005 ondersteund. Ten aanzien van de meerjarenafspraken met de ROM’s heeft u verzocht deze tot en met 2010 te laten lopen in plaats van tot en met 2009, zodat ze parallel lopen met de Pieken in de Delta programma’s. Dit zal geschieden, de meerjarenafspraken lopen nu van 2007 tot en met 2010.
2. Rol van de ROM’s in de uitvoering van Pieken in de Delta
Tijdens het Algemeen Overleg heeft uw Kamer geïnformeerd naar de mogelijke rol van de ROM’s in de aansturing van de Pieken in de Delta-programma’s. Uw Kamer vroeg zich af of de ROM’s plaats dienen te nemen in de programmacommissies die deze gebiedsgerichte programma’s aansturen. De programmacommissies zijn in het voorjaar van 2006 door de regio’s opgericht volgens het volgende verdelingsprincipe: drie regionale overheidsbestuurders, drie vertegenwoordigers van kennisinstellingen, drie ondernemers en een vertegenwoordiger van het Ministerie van Economische Zaken. De regio’s hebben er niet voor gekozen intermediaire organisaties zoals de ROM’s op te nemen in de programmacommissie.
Alle vijf programmacommissies hebben vóór de zomer een programmadocument 2007–2010 opgesteld (de programmacommissie Noord-Nederland begint dit jaar pas in verband met het in 2006 nog lopende Kompas-programma). De ROM’s hebben een belangrijke ondersteunende rol gehad bij het ontwikkelen van de programmadocumenten. Mede dankzij de inzet, de deskundigheid en de netwerken van de ROM’s is het opstellen van de documenten snel gegaan en was het mogelijk het afgelopen najaar meteen met de feitelijke uitvoering van de programma’s te starten.
In de uitvoering van de programma’s is nu een heldere rol voor de ROM’s ontstaan: acquisitie van projecten en ondersteuning van projectindieners. De ervaringen in het startjaar 2006 geven aan dat de ROM’s op de goede weg zijn om deze rol waar te maken.
3. Kruissubsidies en overtollige middelen
In het Algemeen Overleg heeft uw Kamer nadrukkelijk verzocht om nader overleg te voeren met de betrokken provincies over het voorstel tot afschaffing van de kruissubsidies (het inzetten van eventuele winsten uit het participatiebedrijf van een ROM voor zijn exploitatiebegroting) en het bepalen van de overtollige middelen van enkele ROM’s.
Overeenkomstig de wens van uw Kamer is intensief gesproken met de betrokken regio’s. Een van deze regio’s wenste echter niet in te stemmen met het afschaffen van de bovengenoemde kruissubsidie. De bestuurders van deze regio verzetten zich tegen de afname van de financiële beleidsvrijheid en ervaren het afschaffen van de kruissubsidies als overbodige regelgeving. Ondanks de grote inzet om het ook door u gewenste resultaat te bereiken kan de met uw Kamer gemaakte afspraak niet worden uitgevoerd. Ik heb dus moeten besluiten van deze maatregel af te zien. De door uw Kamer geaccordeerde lijn inzake kruissubsidie blijft derhalve gehandhaafd1.
Gelijktijdig heb ik actief ingezet op het beperken van het kapitaal van de ROM’s tot het benodigde niveau voor de participatietaken2. Samen met de andere aandeelhouders en in overleg met de ROM’s is vastgesteld wat hun weerstandvermogen (benodigd participatiekapitaal) moet zijn om nu en in de toekomst de participatietaak op het gewenste niveau te blijven uitvoeren. Indien de beschikbare middelen voor participatiedoeleinden groter zijn dan de benodigde participatiemiddelen, is dat gedeelte overtollig. Deze overtollige, publieke middelen dienen in principe beschikbaar te zijn voor de aandeelhouders. Met de betrokken provincies en de ROM’s heb ik inmiddels afspraken gemaakt over de bepaling van het benodigde participatiekapitaal om hun taak te kunnen uitvoeren. Zowel uw Kamer als de regio hechten eraan dat deze overtollige middelen weer in de betreffende regio worden ingezet. Dit zal gebeuren.
In dit kader zijn de overtollige middelen voor de NOM (ontwikkelingsmaatschappij Noord Nederland) vorig jaar vastgesteld op € 15 miljoen. Inmiddels heeft de NOM deze € 15 miljoen beschikbaar gesteld aan de algemene vergadering van aandeelhouders. De uitkering heeft afgelopen zomer plaatsgevonden. Voormalig Staatssecretaris van Economische Zaken Van Gennip heeft, conform het verzoek van de Tweede Kamer, met de bestuurlijke partijen in Noord-Nederland afgesproken deze middelen in de regio in te zetten, namelijk in het Noordelijke programma Pieken in de Delta. Ook bij het LIOF (ontwikkelingsmaatschappij Limburg) wordt een dergelijk traject voorzien. Ook hier zal, conform het verzoek van uw Kamer, de besteding van deze overtollige middelen binnen de regio plaatsvinden.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-26570-24.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.