nr. 1
VOORSTEL VAN WET
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de noodzaak is gebleken van
een wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Rijk,
vastgesteld bij de Wet van 18 januari 1996, Stb. 73;
Zo is het, dat Wij met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden
en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
De begroting van de uitgaven van het Provinciefonds voor het jaar 1996
wordt gewijzigd, zoals blijkt uit kolom 2 van de bij deze wet behorende begrotingsstaat,
onderdeel uitgaven en verplichtingen.
Artikel 2
De begroting van de ontvangsten van het Provinciefonds voor het jaar 1996
wordt gewijzigd, zoals blijkt uit kolom 2 van de bij deze wet behorende begrotingsstaat,
onderdeel ontvangsten.
Artikel 3
Het bedrag voor de verplichtingen ter zake van de uitkering over 1996
aan de gezamenlijke provincies bedoeld in artikel 238 van de Provinciewet
wordt verlaagd met f 9,9 miljoen en gebracht op f 862,1 miljoen.
Artikel 4
Het bedrag voor de verplichtingen ter zake van de uitkering over 1996
aan de gezamenlijke provincies bedoeld in artikel 249 van de Provinciewet
wordt verlaagd met f 5,1 miljoen en gebracht op f 706,2 miljoen.
Artikel 5
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar.
Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op
of na de datum van 1 juni, dan treedt zij in werking met ingang van de dag
na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met
1 juni van het onderhavige begrotingsjaar.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat,
aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,
De Minister van Financiën,
De Staatssecretaris van Financiën,
Begrotingsstaat behorende bij de Wet van ........... 19...,
Stb. ...
Begroting 1996, inclusief eerste suppletore begroting
Provinciefonds i
Onderdeel uitgaven en verplichtingen (bedragen x f 1000)
| | | (1) | (2) |
|---|
| Artikel | Omschrijving | Oorspronkelijk
vastgestelde begroting (Stb. 1996, 73) | Mutaties op grond van eerste
suppletore begroting |
| | | Verplichtingen | Uitgaven | Verplichtingen | Uitgaven |
| | TOTAAL | | 1 778 100 | | – 15 000 |
| | | | | | |
| 1 | Algemene uitkering
aan de provincies ex art. 238 Provinciewet, met inbegrip van de netto-uitkering
over vorige jaren | 872 000 | 872 000 | | – 9 900 |
| 2 | Uitkering aan de provincies ex art. 247 Provinciewet | 194 800 | 194 800 | | – |
| 3 | Nadelig saldo van de vorige dienst | Memorie | Memorie | Memorie | Memorie |
| 4 | Uitkering aan de provincies ex art. 249 Provinciewet | 711 300 | 711 300 | | – 5 100 |
Ons bekend,
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,
De Minister van Financiën,
De Staatssecretaris van Financiën,
Begrotingsstaat behorende bij de Wet van .......... 19...,
Stb. ...
Begroting 1996, inclusief eerste suppletore begroting
Provinciefonds
Onderdeel ontvangsten (bedragen x f 1000)
| | | (1) | (2) |
|---|
| Artikel | Omschrijving | Oorspronkelijk
vastgestelde begroting (Stb. 1996, 73) | Mutaties op grond van eerste suppletore
begroting |
| | | Ontvangsten | Ontvangsten |
| | TOTAAL | 1 902 000 | – 33 200 |
| | | | |
| 1 | 1,252% van de in het kalenderjaar ontvangen bedragen, verminderd
met de in dat jaar gedane terugbetalingen, wegens de daarvoor aangewezen belastingen | 1 902 000 | – 33 200 |
| 2 | Batig saldo van de vorige dienst | Memorie | Memorie |
Ons bekend,
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,
De Minister van Financiën,
De Staatssecretaris van Financiën,