24 524
Wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van de Nationale Schuld (IXA) voor het jaar 1995 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)

nr. 2
MEMORIE VAN TOELICHTING

ALGEMEEN DEEL

In aansluiting op de eerste begrotingswijziging (wet van 19 oktober 1995, Stb. 486; Kamerstukken II 1994/95, 24 186) wordt door middel van bijgevoegd wetsvoorstel voorgesteld de uitgaven en ontvangsten van de Nationale Schuld (IXA) voor het jaar 1995 nader te wijzigen.

De mutaties die tot deze wijziging leiden zijn – voorzover zij relevant zijn voor het feitelijke financieringstekort – in de Vermoedelijke Uitkomsten 1995 (Miljoenennota 1996, Kamerstukken II, 1995/96, 24 400, nr. 1, bijlagen 2 en 5) en de Najaarsnota 1995 aangekondigd.

De resterende mutaties hebben betrekking op de aflossingen en de uitgifte van vaste schuld; deze zijn niet relevant voor het feitelijke financieringstekort.

Samenvattend ontstaat het volgende beeld (x f 1 mln.):

Uitgavenmutaties 
  
Vermoedelijke Uitkomsten 1995+ 84,6
Najaarsnota 1995– 187,4
Niet-relevant voor het feitelijke financieringstekort+ 20,3
Totaal te verwerken– 82,5
Verwerkt in dit voorstel– 82,5
  
Ontvangstenmutaties 
  
Vermoedelijke Uitkomsten 1995+ 99,6
Najaarsnota 1995+ 161,6
Niet-relevant voor het feitelijke financieringstekort– 1 356,1
Totaal te verwerken– 1 094,9
  
Verwerkt in dit voorstel– 1 094,9

Voor een gedetailleerde toelichting op alle mutaties wordt verwezen naar de artikelsgewijze toelichting.

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING

Wetsartikel 1 (uitgaven/verplichtingen)

01.01. Rente en kosten

Opbouw verplichtingen- en uitgavenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 Verplichtingen 1995Uitgaven 1995
Stand ontwerp-begroting 199527 428,327 428,3
1e suppletore begroting 1995+ 716,2+ 716,2
mutatie 1+ 248,9+ 248,9
mutatie 2+ 1,6+ 1,6
Stand 2e suppletore begroting 199528 395,028 395,0

Mutatie 1 is gemeld bij Vermoedelijke Uitkomsten 1995 en betreft (x f 1 mln.):

– disagio op de uitgegeven leningen (zie hierna). +169,1

– de toename van de rentelasten in 1995 als gevolg van de heruitgifte, op 9 maart jl., van de 6,5%-lening 1993 per 15 april 2003, die reeds een couponvervaldag heeft in 1995. + 79,8 Hiertegenover staat ontvangen lopende rente ten bedrage van f 71,8 mln., verantwoord op ontvangstenartikel 01.01.

Mutatie 2 is gemeld bij Najaarsnota 1995 en kan als volgt worden gespecificeerd (x f 1 mln.):

– op grond van de realisaties tot en met 30 september jl. en de te verwachten uitgaven voor de resterende maanden van 1995 kan de raming voor het onderdeel provisie en overige kosten verlaagd worden – 13,5

– het disagio bij uitgifte van openbare leningen na 30 juni 1995 + 13,6

– boete bij vervroegde aflossing (zie ook art. 01.04, vervroegde aflossingen) + 1,5

Disagio ontstaat indien de koers van uitgifte van een lening beneden de 100% ligt. De marktrente ligt op het moment van de emissie op een hoger niveau dan de couponrente, waardoor de uitgiftekoers lager is dan 100%, en er feitelijk minder in de kas ontvangen wordt dan het nominale bedrag van de lening. Dit nominale bedrag wordt als ontvangst geboekt (art. 01.02 uitgifte vaste schuld). Het disagio wordt op uitgavenartikel 01.01 geboekt.

01.03. Aflossing

Opbouw verplichtingen- en uitgavenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 verplichtingen 1995uitgaven 1995
Stand ontwerp-begroting 199532 479,132 479,1
1e suppletore begroting 1995– 3 428,7– 3 428,7
mutatie– 9,0– 9,0
Stand 2e suppletore begroting 199529 041,429 041,4

De mutatie is gemeld bij Vermoedelijke Uitkomsten 1995 en hangt samen met de effecten van door amortisatie ingekochte staatsschuld. Als gevolg van de inkoop van staatsschuld dalen de aflossingen in 1995 (en volgende jaren).

01.04. Vervroegde aflossing

Opbouw verplichtingen- en uitgavenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 verplichtingen 1995uitgaven 1995
Stand ontwerp-begroting 199500
1e suppletore begroting 199500
mutatie+ 29,3+ 29,3
Stand 2e suppletore begroting 199529,329,3

De mutatie is gemeld bij Najaarsnota 1995 en heeft betrekking op vervroegde aflossing van staatsleningen. In verband met deze vervroegde aflossingen is f 1,5 mln. aan boete betaald (zie ook toelichting op art. 01.01).

02.01. Rente en kosten van schatkistpapier, kasgeldleningen en van gelden in rekening-courant met 's Rijks schatkist

Opbouw verplichtingen- en uitgavenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 verplichtingen 1995uitgaven 1995
Stand ontwerp-begroting 1995518,5518,5
1e suppletore begroting 1995+ 116,8+ 116,8
mutatie 1– 164,3– 164,3
mutatie 2– 189,0– 189,0
Stand 2e suppletore begroting 1995282,0282,0

Mutatie 1 is gemeld bij Vermoedelijke Uitkomsten 1995 en kan als volgt worden gespecificeerd (x f 1 mln.):

– als gevolg van de korter dan aanvankelijk verwachte looptijd van het betreffende DTC-programma, alsmede de gewijzigde rekenrente, dalen de rentelasten in 1995 – 163,8

– wijziging van de geraamde rente op tegoeden van agent-schappen e.d. – 0,5

Mutatie 2 is gemeld bij Najaarsnota 1995 en hangt onder meer samen met de vaststelling van wederom kortere looptijden van DTC-programma's, dan waarmee in de raming was rekening gehouden. Omdat disconto vooruitbetaalde rente over de looptijdperiode betreft, leidt dit tot lagere rentelasten in 1995. Daarnaast speelt een rol dat de DTC-programma's gefaseerd worden geplaatst – in plaats van plaatsing ineens, zoals in de raming is verondersteld – terwijl eveneens de gerealiseerde discontopercentages onder de rekenrente vlottende schuld (5%) liggen.

Wetsartikel 2 (ontvangsten)

01.01. Ontvangsten bij storting op staatsleningen

Opbouw ontvangstenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 Ontvangsten 1995
Stand ontwerp-begroting 19950
1e suppletore begroting 1995+ 249,0
mutatie 1+ 98,7
mutatie 2+ 161,0
Stand 2e suppletore begroting 1995508,7

Mutatie 1 is gemeld bij Vermoedelijke Uitkomsten 1995 en kan als volgt gespecificeerd worden (x f 1 mln.):

– bijbetaalde rente + 83,0

– agio + 15,7

Mutatie 2 is gemeld bij Najaarsnota 1995 en kan als volgt gespecificeerd worden (x f 1 mln.):

– bijbetaalde rente + 57,2

– agio + 103,8

Door geldgevers wordt rente bijbetaald indien de storting op de betreffende lening niet plaatsvindt op de coupondatum. Dit ontvangen bedrag kan gezien worden als compensatie voor de «te hoge» rentebetaling door de Staat, die op de eerstvolgende coupondatum zal geschieden.

Het agio is ontstaan omdat de koers van uitgifte boven de 100% lag (als gevolg van een hogere couponrente dan de marktrente).

01.02. Uitgifte van vaste schuld

Opbouw ontvangstenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 Ontvangsten 1995
Stand ontwerp-begroting 199560 465,8
1e suppletore begroting 1995– 6 273,7
mutatie– 1 356,1
Stand 2e suppletore begroting 199552 836,0

De mutatie is gemeld bij Vermoedelijke Uitkomsten 1995 en is nagenoeg geheel het gevolg van de bijstelling van het geraamde feitelijke financieringstekort. Daarnaast bevat deze mutatie voor – f 9 mln. de (neerwaartse) effecten op de aflossingen 1995 als gevolg van door inkoop geamortiseerde schuld.

03.01 Overige ontvangsten betreffende de Nationale Schuld

Opbouw ontvangstenramingen vanaf de stand ontwerp-begroting (x f 1 mln.)

 Ontvangsten 1995
Stand ontwerp-begroting 19950,0
1e suppletore begroting 1995+ 0,7
mutatie 1+ 0,9
mutatie 2+ 0,6
Stand 2e suppletore begroting 19952,2

Mutatie 1 is gemeld bij Vermoedelijke Uitkomsten 1995 en mutatie 2 bij Najaarsnota 1995.

Van het totale bedrag van f 2,2 mln. heeft f 2,1 mln. betrekking op disagio van schuld, die krachtens de wet van 9 november 1950, Stb. K 494, geamortiseerd is.

De Minister van Financiën,

G. Zalm

Naar boven