21 563
Overbelevering van gas aan Brigitta uit de Common Area van het Groningerveld

nr. 7
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 16 december 1996

Ten vervolge op mijn brief van 11 juli 1996, TK 1995–1996 21 563, nummer 6, waarin ik u op de hoogte stelde van het tussenvonnis dat arbiters in deze zaak hebben gewezen, deel ik u het volgende mede. Zoals in de brief van 11 juli 1996 is vermeld hebben arbiters in het tussenvonnis een aantal aanwijzingen gegeven met betrekking tot de toepassing van de loyalty clause, zodat partijen (NAM en Brigitta) zo mogelijk via onderhandelen een regeling in der minne konden bereiken. Partijen hebben, kort na ontvangst van het tussenvonnis, aangegeven een poging tot een minnelijke schikking te willen doen.

Nadat over de te volgen procedure afspraken waren gemaakt, zijn de onderhandelingen tussen partijen in september gestart. Helaas moet ik u mededelen dat de NAM mij onlangs heeft laten weten, dat een schikking in der minne niet mogelijk is gebleken. Gezien het overeengekomen vertrouwelijke karakter kan ik geen nadere mededelingen doen over verloop en inhoud van die onderhandelingen. De arbitrageprocedure wordt nu voortgezet.

Zodra daartoe aanleiding is zal ik u over het verdere verloop van de arbitrageprocedure nader informeren.

De Minister van Economische Zaken,

G. J. Wijers

Naar boven