Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 30 januari 2026
Hierbij bied ik u, mede namens de Minister-President en de Staatssecretaris Buitenlandse
Handel en Ontwikkelingshulp, het verslag aan van de informele Europese Raad van 22 januari
2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
Verslag informele Europese Raad 22 januari 2026
Op 22 januari jl. vond in Brussel een informele bijeenkomst van de Europese Raad (ER)
plaats. Op de agenda stond een brede discussie over de trans-Atlantische relatie.
Groenland
De informele ER volgde op discussies over Groenland en de aangekondigde en weer teruggetrokken
Amerikaanse importheffingen voor een aantal lidstaten. De Raad, inclusief Nederland,
benadrukte het belang van het langdurige trans-Atlantische partnerschap, evenals het
belang van respectvolle omgang binnen het partnerschap. De Raad onderstreepte tevens
het wederzijdse veiligheidsbelang van de VS en de EU in het Noordpoolgebied, inclusief
de rol die de NAVO hierbij speelt. De Raad was eensgezind over de Europese steun aan
de soevereiniteit voor Denemarken en Groenland, conform het internationaal recht en
de VN-kernprincipes van soevereiniteit en territoriale integriteit.
Nederland noemde de noodzaak om op dit moment ruimte te bieden aan de trilaterale
gesprekken tussen de VS, Denemarken en Groenland en stelde vast dat diplomatie en
de-escalatie een belangrijke stap zijn in het verminderen van trans-Atlantische spanningen.
Tegelijkertijd heeft Nederland het belang van Europese eenheid benadrukt. Conform
motie Piri c.s. van 22 januari jl. heeft Nederland het belang onderstreept van EU
gereedheid om eventuele maatregelen te kunnen inzetten in geval hiervoor noodzaak
zou ontstaan.1
EU-Mercosur akkoord
De Raad stond kort stil bij het EU-Mercosur akkoord naar aanleiding van het besluit
van het Europees Parlement van 21 januari jl. om een advies aan te vragen bij het
EU-Hof inzake het akkoord. Aangezien goedkeuring door het Europees Parlement van het
akkoord hierdoor naar verwachting vertraging zal oplopen, heeft Nederland, net als
verschillende andere lidstaten, in de Raad steun uitgesproken voor de voorlopige toepassing
van het akkoord, conform de motie Erkens c.s. van 22 januari jl.2
Overig
De Raad besprak de wens om constructieve samenwerking met de VS ten aanzien van de
toekomst van Oekraïne voort te zetten, met het oog op het bereiken van een rechtvaardige
en duurzame vrede in Oekraïne. Er werd kort stilgestaan bij het Prosperity Plan waaraan gewerkt wordt door de Commissie, Oekraïne en de VS. Het doel van dit Plan
is om publieke en private middelen te mobiliseren voor de wederopbouw en het economisch
herstel van Oekraïne. Nederland heeft aangegeven dit doel te steunen en pleit voor
sterke voorwaarden gericht op fundamentele hervormingen, onder andere de hervormingen
die ook vereist zijn voor EU-toetreding. Nederland heeft bovendien benadrukt dat van
voortijdig EU-lidmaatschap geen sprake kan zijn; de vereisten en Kopenhagencriteria blijven leidend voor een volwaardig EU-lidmaatschap.
De Raad besprak ook de uitnodiging van de VS aan een grote meerderheid van lidstaten om lid te worden van de Board of Peace (BoP). De Raad deelde zorgen over een aantal elementen in het handvest van de BoP,
en benoemde tegelijkertijd de wens tot constructieve samenwerking met de VS, in lijn
met VN Veiligheidsraad-resolutie 2803, om het conflict in Gaza blijvend te beëindigen
en wederopbouw te starten.