21 501-20 Europese Raad

Nr. 2368 MOTIE VAN DE LEDEN CEDER EN ERKENS

Voorgesteld 22 januari 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat, gezien de veranderde relatie met de Verenigde Staten, het steeds belangrijker en urgenter wordt om de economische, technologische en militaire samenwerking met middelgrote landen te versterken en ook landen als Canada dat erkennen;

overwegende dat de Kamer de regering middels een aangenomen motie al heeft verzocht om zowel bilateraal als in Europees verband de samenwerking met Australië, het Verenigd Koninkrijk en Canada te bestendigen;

verzoekt de regering om in Europees verband in te zetten op het verder bestendigen van de samenwerking met de genoemde en andere middelgrote landen als Japan, Noorwegen en Nieuw-Zeeland, daarmee het afbouwen van strategische afhankelijkheden te versnellen, en de Kamer periodiek over de voortgang te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Ceder

Erkens

Naar boven