P
VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
De vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport/Jeugd en Gezin1 heeft op 21 juni 2007 naar aanleiding van de brief
van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport d.d. 13 juni 2007
inzake de uitbreiding van vrije prijsvorming vragen aan de minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport gesteld.
De minister heeft daarop bij brief van 11 juli 2007 geantwoord.
De commissie brengt hierbij verslag uit van het aldus gevoerde schriftelijke
overleg.
De griffier van de commissie,
Eliane Janssen
BRIEF AAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN
SPORT
Den Haag, 21 juni 2007
In de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport/Jeugd en
Gezin is uw brief d.d. 13 juni 2007, inzake de uitbreiding van vrije
prijsvorming aan de orde geweest. Het is de commissie nog steeds niet duidelijk
of de derde evaluatie van de diagnose behandel combinaties (DBC’s) nu
overeenkomstig alle criteria uit de motie-Schouw (Kamerstuk 28 994, letter
I) heeft plaatsgevonden. Evenmin is haar duidelijk of het besluit van de coalitie
om in het Coalitieakkoord op te nemen dat de vrije prijsvorming in de ziekenhuiszorg
zal worden uitgebreid naar 20% aan de hand van deze criteria is genomen.
De commissie wijst er nogmaals op dat de motie-Schouw met algemene stemmen
in deze Kamer is aangenomen en verzoekt u te verduidelijken waar en hoe in
het proces de besluitvorming overeenkomstig de criteria van de motie-Schouw
heeft plaatsgevonden.
De griffier van de commissie,
E. C. Janssen
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN
SPORT
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 11 juli 2007
Bij brief van 21 juni 2007 vraagt u mij duidelijk aan te geven of
de derde evaluatie van de diagnosebehandelcombinaties (DBC’s) heeft
plaatsgevonden overeenkomstig alle criteria uit de motie-Schouw (Kamerstuk
28 994, letter I). Ook geeft u aan dat het u onduidelijk is of het besluit
uit het coalitieakkoord om vrije prijsvorming in de ziekenhuiszorg uit te
breiden naar 20%, is genomen aan de hand van deze criteria.
Hierbij wil ik bevestigen dat alle criteria uit de motie-Schouw zijn meegenomen
in de derde evaluatie. Omdat de onderwerpen uit de voortgangsrapportage van
4 december 2006 (Kamerstuk 29 248, nr. 32) grotendeels overlappen
met de criteria uit de motie-Schouw, is de evaluatie verwerkt in de motie-Schouw.
De criteria betreffen:
• transparantie (vergroting beschikbaarheid informatie, binnen de
instelling, ten behoeve van de patiënt, de zorgverzekeraar en landelijke
organisaties),
• marktwerking/vrije prijsvorming (evenwichtige verdeling marktmacht,
voldoende toetredingsmogelijkheden voor nieuwe zorgaanbieders, beschikbaarheid
van homogene producten),
• prestatiebekostiging
• functioneren DBC systematiek (goede werking kaderregeling AO/IC,
goede werking declaratieverkeer/validatiemodule, goede werking privacyoplossing).
De evaluatie toont aan dat op alle criteria positieve ontwikkelingen gaande
zijn op de markt, danwel dat aan de criteria is voldaan.
Deze ontwikkeling heeft zich voortgezet in 2007, zoals blijkt uit de «monitor
ziekenhuiszorg 2007, analyse van de marktontwikkelingen in 2007», welke
ik u afgelopen week heb toegezonden met mijn brief «waardering voor
betere zorg».
In dit rapport en in de uitvoeringstoets «Op weg naar vrije prijzen»
geeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) aan dat het voor een goede werking
van de markt belangrijk is dat zorgaanbieders en zorgverzekeraars meer vrijheid
krijgen om met elkaar te onderhandelen. De introductie van vrije prijsvorming
en maatstafconcurrentie moet zich vertalen in een betere kwaliteit en een
lagere prijs van de zorg en het geeft een stimulans om nieuwe zorgproducten
op de markt te zetten. Hiermee onderbouwt de NZa nogmaals het besluit van
de coalitie om het B-segment uit te breiden naar 20% van de ziekenhuiszorg.
Gezien de positieve resultaten van de evaluatie heb ik in overleg met
het veld criteria opgesteld voor een selectie van DBCs die in aanmerking voor
uitbreiding van het B-segment naar 20% van de ziekenhuiszorg.
Tevens heb ik met het veld afgesproken dat de uitbreiding van het B-segment
op basis van objectieve criteria wordt geëvalueerd, alvorens over te
gaan tot nog verdere uitbreiding van het B-segment. Aan de Tweede Kamer heb
ik toegezegd hen in het najaar te informeren over de evaluatiecriteria van
het B-segment.
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
A. Klink
XNoot
1Samenstelling:
Werner (CDA), Van den Berg (SGP), Dupuis (VVD) (vice-voorzitter), Rosenthal
(VVD), Swenker (VVD), Tan (PvdA), Van de Beeten (CDA), Slagter-Roukema (SP)
(voorzitter), Linthorst (PvdA), Biermans (VVD), Putters (PvdA), Leijnse (PvdA),
Engels (D66), Thissen (GL), Goyert (CDA), Peters (SP), Quik-Schuijt (SP),
Klein Breteler (CDA), Huijbregts-Schiedon (VVD), Laurier (GL), Ten Horn (SP),
Meurs (PvdA), Leunissen (CDA), De Vries-Leggedoor (CDA), Koffeman (PvdD),
Kuiper (CU), Lagerwerf-Vergunst (CU) en De Boer (CU).