Blad gemeenschappelijke regeling van ISD BOL
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| ISD BOL | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 977 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| ISD BOL | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 977 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Uitvoeringsregels tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek ISD BOL 2025, 2026 en 2027
Alleenverdiener: het huishouden dat;
vergeleken met een vergelijkbaar huishouden, dat alleen een uitkering op basis van artikel 19 PW ontvangt, minder toeslagen van de Dienst Toeslagen ontvangt als gevolg van de verschillende afbouwpaden van de dubbele algemene heffingskorting (zoals geregeld in artikel 37 lid 2 PW en artikel 8.9 Wet inkomstenbelasting 2001) en;
Artikel 3. Aanvraag op uitnodiging
Het bestuur nodigt een huishouden uit om over 2025, 2026 en/of 2027 een aanvraag voor de vaste tegemoetkoming in te dienen indien:
Aldus vastgesteld in de vergadering van het Dagelijks Bestuur van ISD BOL van 9 april 2025.
De Voorzitter,
De Secretaris,
Dit artikel geeft een definitie voor de begrippen alleenverdiener, huishouden en vaste tegemoetkoming.
Artikel 2: Ambtshalve toekenning
lid 1: Ambtshalve toekennen aan huishoudens die op de lijst van de Belastingdienst staan
Ieder huishouden waarvan het BSN van de meestverdienende partner staat vermeld op de lijst van de Belastingdienst wordt ambtshalve de vaste tegemoetkoming toegekend. De Wtrap biedt hier een grondslag voor.
Van de inwoners op de lijst van de Belastingdienst staat vast dat zij op de peildatum van de lijst nog in leven waren en woonachtig in de desbetreffende gemeente. Daarmee is feitelijk al voldaan aan de minimale vereisten van de lichte toets.
Artikel 2 lid 2 en 3: Ambtshalve toekennen aan reeds bekende huishoudens die niet op de lijst van de Belastingdienst staan
De tegemoetkoming kan ambtshalve worden toegekend aan huishoudens die al bij het bestuur bekend zijn, maar voor het betreffende jaar niet op de lijst van de Belastingdienst staan.
Lid 2 regelt dat de bekende huishoudens uit fase I in 2025 (fase II) ambtshalve uitgekeerd krijgen.
Lid 3 regelt dat wanneer in fase II een huishouden bekend is/wordt, er alleen voor de opeenvolgende (kalender)jaren in fase II ambtshalve uitgekeerd kan worden.
Hierdoor worden huishoudens minder belast en het vermindert het capaciteitsbeslag bij de uitvoering. Met ‘bekend’ worden huishoudens bedoeld waarvan het bestuur voor een eerder jaar (t-X) heeft vastgesteld dat het een alleenverdienerhuishouden was en een tegemoetkoming heeft uitgekeerd. Deze huishoudens kunnen in jaar t weer alleenverdienerhuishouden zijn maar niet op de lijst staan, omdat deze lijst gebaseerd is op gegevens van jaar t-2.
De voorwaarden hiervoor zijn dat beide personen op het moment van toekennen in leven zijn, de meestverdienende partner inwoner is van de BOL-gemeente(n), en er zich tussentijds geen relevante wijzigingen hebben voorgedaan in de situatie van het huishouden of de achterliggende wetten.
Voorbeeld I: In 2025 wordt getoetst of de omstandigheden zijn gewijzigd voor huishoudens die een tegemoetkoming hebben ontvangen tijdens fase I (2023 en/of 2024). Wanneer de omstandigheden niet zijn gewijzigd, kan het bestuur de vaste tegemoetkoming in 2025 ambtshalve toekennen. Deze huishoudens behoren in de actualiteit tot de doelgroep van de alleenverdienersproblematiek.
Voorbeeld II: In 2025 heeft een huishouden de vaste tegemoetkoming ontvangen na te zijn beoordeeld door het bestuur. Het huishouden komt in 2026 niet voor op de lijst van de Belastingdienst. De omstandigheden zijn niet gewijzigd. De vaste tegemoetkoming wordt over 2026 ambtshalve uitgekeerd.
Let op! Voor het ambtshalve toekennen van de vaste tegemoetkoming aan al bekende huishoudens moet een vermoeden bestaan dat het om een alleenverdienerhuishouden gaat. Dit vermoeden kan nooit blijken uit het feit dat het huishouden het jaar daarvoor op de lijst van de Belastingdienst stond en daarom ambtshalve een tegemoetkoming ontvangen heeft. Dit komt omdat de lijst van de Belastingdienst gegevens bevat over vastgestelde inkomens van twee jaar eerder. Het is bekend dat een deel van de huishoudens (ca 50%) op de lijst feitelijk al geen alleenverdienerhuishouden meer is op het moment dat zij ambtshalve de tegemoetkoming ontvangen. Een vermoeden dat een recht bestaat op de vaste tegemoetkoming zal dus altijd moeten zijn gebaseerd op een situatie dat het bestuur in een eerder jaar zelf heeft vastgesteld dat het een alleenverdienerhuishouden betreft.
Artikel 3: Aanvraag op uitnodiging
Dit is van toepassing op huishoudens die op grond van een bestandsanalyse in de actualiteit (jaar t) mogelijk tot de doelgroep van de alleenverdienersproblematiek behoren (NB: dit kan ook gedurende de looptijd van het jaar ontstaan bij nieuwe aanvragen bijzondere bijstand en aanvullende algemene bijstand.)
Maar ook huishoudens die nog niet eerder een tegemoetkoming hebben ontvangen én waarvan het bestuur vermoedt dat zij recht kunnen hebben op een vaste tegemoetkoming. Zij kunnen bijvoorbeeld recent de bijstand zijn ingestroomd. Het bestuur kan deze huishoudens tegenkomen wanneer het eigen bestanden doorzoekt.
Artikel 4: Aanvraag zelfmelder
Alle andere huishoudens die vermoeden dat zij tot de doelgroep van de alleenverdieners behoren kunnen zelf een aanvraag indienen. Dit artikel bepaalt daarbij wat de criteria zijn om te bepalen of het huishouden recht heeft op de vaste tegemoetkoming.
Artikel 4 lid 6 en 4 lid 7: Voor de berekening van het inkomen:
Het vaste of variabele inkomen moet vervolgens naar een jaarinkomen worden omgerekend.
Artikel 4 lid 9: Bij de vaststelling van de lijst door de Belastingdienst voor ambtshalve toekenning van de tegemoetkoming, is rekening gehouden met de vermogensgrenzen van de toeslagen. Het is vanwege rechtsgelijkheid en de bedoeling van de regeling belangrijk ook voor zelfmelders met deze vermogensgrenzen rekening wordt gehouden. In de uitvoeringsregels is daarom de vermogensgrens van de zorgtoeslag opgenomen als criterium bij de beoordeling of een huishouden tot de doelgroep alleenverdienersproblematiek behoort.
De toekenning van de vaste tegemoetkoming is eenmaal per kalenderjaar voor het hele bedrag.
Om te voorkomen dat alleenverdienerhuishoudens in geval van verhuizing tussen de wal en het schip belanden, wordt voor alle ambtshalve toekenningen als peildatum voor de woonplaats de datum waarop de definitieve lijst van de Belastingdienst is gebaseerd, gehanteerd. Voor 2025 is dat 15 januari 2025. De meestverdienende partner, waarvan het BSN op de lijst staat vermeld, was op die datum inwoner van de BOL-gemeente(n).
De vaste tegemoetkoming wordt in één keer uitbetaald (in het 2e kwartaal).
Ook als de inwoner gedurende het jaar verhuist, blijft de gemeente die de vaste tegemoetkoming heeft toegekend, de nog te betalen bedragen uitkeren.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2025-977.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.