Blad gemeenschappelijke regeling van Senzer
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Senzer | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 3390 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Senzer | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 3390 | beleidsregel |
Beleidsregels middelentoets Senzer 2026
Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam Senzer, ingevolge artikel 4 Gemeenschappelijke regeling Senzer;
gelet op de artikelen in titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht en Artikel 31 t/m 34 Participatiewet;
Artikel 8 lid 2 en 5 Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW); Artikel 8 lid 3 en 9 Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ);
Artikel 2 Saldo lopende rekening bij vermogensvaststelling
Artikel 3 Moment vermogensvaststelling bij echtscheiding/verlating
Vermogen wordt vastgesteld per de datum waarop het recht op bijstand aanvangt. Bij een hernieuwde aanvraag met ongewijzigde omstandigheden mogen hiervoor de gegevens uit een eerdere bijstandsperiode worden gebruikt met een maximum van < 12 maanden indien dit leidt tot een voor de belanghebbende minder belastende aanvraag. Daarbij wordt de juistheid en actualiteit van die gegevens geverifieerd. Hiervan wordt afgeweken als:
Artikel 4 Vaststellen vermogen bij overname cliënt uit andere gemeente
De tijdens de bijstandsperiode in de vorige gemeente gespaarde middelen als bedoeld in artikel 34, tweede lid onderdeel c van de Participatiewet en ontvangen rente als bedoeld in artikel 31, tweede lid onderdeel i van de Participatiewet worden – mits de eventuele onderbreking van de bijstandsuitkering korter is dan 30 dagen – niet in aanmerking genomen bij de nieuwe vermogensvaststelling.
Artikel 5 Vrijlaten giften en besparingsbijdragen
Giften voor bijzondere kosten en schulden:
a. Giften worden niet als middelen voor de bijstand aangemerkt voor zover deze worden verstrekt voor kosten waarvoor anders bijzondere bijstand verstrekt had kunnen worden.
b. Giften worden niet als middelen voor de bijstand aangemerkt voor zover deze worden verstrekt voor noodzakelijke kosten dan wel uit medisch oogpunt wenselijke kosten. Dit voor zover de levensstandaard hierdoor niet wordt verhoogd.
c. Giften van werkgevers ten behoeve van werknemers worden niet in aanmerking genomen als middel voor de bijstand, voor zover en in zoverre deze onbelast zijn.
d. Giften in de vorm van verstrekkingen van de voedselbank, kledingbank, speelgoedbank en dergelijke charitatieve instellingen worden niet als middel voor de bijstand beschouwd.
Een gift die wordt verstrekt ter aflossing van een problematische schuld, ontstaan in een periode voor aanvang van de bijstandsverlening, wordt niet in aanmerking genomen als middel voor de bijstand. Een schuld is in ieder geval problematisch als op het moment van aanvang van de bijstandsverlening het vermogen negatief was en er een terugbetalingsverplichting rust op deze schulden, waarvan de termijn is overschreden.
Giften worden niet tot de middelen voor de bijstand gerekend, voor zover de ontvangen giften niet meer bedragen dan het in artikel 31, lid 2 sub m van de Participatiewet bedoelde bedrag per kalenderjaar. Als de uitkering gedurende het kalenderjaar is toegekend, geldt het bedoelde bedrag voor de periode vanaf datum toekenning tot en met 31 december van het betreffende kalenderjaar.
Voor zover periodieke giften hoger zijn dan het in sub a genoemde bedrag, wordt het meerdere in beginsel als inkomen aangemerkt, maar blijft een specifieke afweging noodzakelijk om te beoordelen of de gift uit een oogpunt van bijstandsverlening toch verantwoord is. Onder ‘periodiek’ wordt verstaan: de ontvangst van twee of meer giften in een kalenderjaar.
Voor zover een eenmalige gift hoger is dan het in sub a genoemde bedrag, wordt het meerdere in beginsel als vermogen aangemerkt, maar blijft een specifieke afweging noodzakelijk om te beoordelen of de gift uit een oogpunt van bijstandsverlening toch verantwoord is. Onder ‘eenmalig’ wordt verstaan: de ontvangst van één gift in een kalenderjaar;
Artikel 8 Waarde bezittingen in natura bij vermogensvaststelling
Niet als vermogen wordt in aanmerking genomen bezittingen in natura die naar hun aard en waarde algemeen gebruikelijk zijn dan wel, gelet op de omstandigheden van persoon en gezin, noodzakelijk zijn. Deze zijn dan in beginsel ook uitgesloten van de inlichtingenplicht tenzij er bijvoorbeeld sprake is van handelsactiviteiten.
Van voertuigen die 12 jaar of ouder zijn wordt verondersteld dat deze een dagwaarde vertegenwoordigen tot € 3.000 behalve als door de exclusiviteit anders blijkt. In afwijking hiervan wordt bij brom- en snorfietsen (scooters) die 6 jaar of ouder zijn verondersteld dat deze een dagwaarde vertegenwoordigen tot € 3.000.
Caravans, campers, vouwwagens, aanhangers, vaartuigen, of het gelijktijdig bezit van 2 of meer voertuigen zijn naar hun aard en waarde niet algemeen gebruikelijk. De volledige dagwaarde wordt meegenomen in de vermogensvaststelling. Dit geldt ook voor overige bezittingen in natura die naar hun aard en waarde niet algemeen gebruikelijk zijn. Deze zijn dan ook niet uitgesloten van de inlichtingenplicht.
De dagwaarde bepaling van een auto vindt plaats via de ANWB-koerslijst, tenzij deze lijst niet ziet op de in geding zijnde periode, of er voldoende gegevens voorhanden zijn waaruit volgt dat de waarde van de auto afwijkt van de waarde die de ANWB-koerslijst aangeeft. Op basis van kenteken, actuele kilometerstand, uitvoering en extra opties vormt de inkoop- of inruilprijs (aankoop door het autobedrijf) de dagwaarde waarmee het dagelijks bestuur rekening houdt. Staat een auto niet opgenomen in de ANWB-koerslijst dan dient op een andere objectieve wijze, bijvoorbeeld via een merkdealer, verzekeringsmaatschappij, internet of een onafhankelijke taxateur, een dagwaarde bepaling plaats te vinden op basis van merk, type, actuele kilometerstand, uitvoering en extra opties.
De dagwaardebepaling van andere voertuigen, of een caravan, camper, aanhanger en vaartuig vindt op een objectieve wijze plaats op basis van merk, serie, bouwjaar en uitvoering, bijvoorbeeld via een merkdealer, verzekeringsmaatschappij, internet of een onafhankelijke taxateur, waarbij de huidige staat van de bezitting in acht wordt genomen.
Dagwaardebepalingen van overige bezittingen in natura die naar hun aard en waarde niet algemeen gebruikelijk zijn dienen op een objectieve wijze, bijvoorbeeld via een merkdealer, verzekeringsmaatschappij, internet of een onafhankelijke taxateur plaats te vinden waarbij de huidige staat van de bezitting in acht wordt genomen.
Artikel 9 Reservering uitvaartkosten bij vermogensvaststelling
De waarde van een uitvaartverzekering in natura wordt niet gerekend tot het vermogen waarover redelijkerwijs kan worden beschikt. De waarde van een kapitaalverzekering die is bestemd voor begrafenis- of crematiekosten wordt evenmin in aanmerking genomen als vermogen, mits wordt voldaan aan de volgende cumulatieve voorwaarden:
het betreffende vermogen is niet ontstaan als gevolg van een eenmalige storting welke heeft plaatsgevonden op een moment waarop redelijkerwijs te verwachten viel dat er een beroep op bijstand zou worden gedaan en aldus dient te worden gekwalificeerd als het betonen van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan. Hieronder wordt niet verstaan de maandelijkse reguliere premiebetaling.
Artikel 10 Wanneer wordt toepassing gegeven aan de inkomstenvrijlating
Het dagelijks bestuur stelt ambtshalve of op aanvraag van belanghebbende vast of toepassing moet worden gegeven aan de inkomstenvrijlating als bedoeld in de artikel 31, tweede lid onder n en r van de Participatiewet of artikel 8, tweede en vijfde lid van de IOAW en artikel 8, derde en negende lid van de IOAZ.
Het dagelijks bestuur handelt overeenkomstig de beleidsregel, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onredelijk en onbillijk zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2025-3390.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.