Blad gemeenschappelijke regeling van Sociaal
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Sociaal | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 3128 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Sociaal | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 3128 | beleidsregel |
Beleidsregels minimabeleid Drechtsteden
Hoofdstuk 4. Individuele bijzondere bijstand
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Aanvragen voor bijzondere bijstand kunnen tot zes maanden na datum van de nota worden ingediend. Hiervan wordt afgeweken in de volgende situaties:
In afwijking van het genoemde in lid d moet de eerste aanvraag voor bijzondere bijstand voor de kosten van vrijwillig inkomensbeheer binnen zes maanden na de startdatum van het vrijwillig inkomensbeheer zijn ingediend. Bij een vervolgverzoek voor bijzondere bijstand voor vrijwillig inkomensbeheer moet de aanvraag zijn ingediend binnen zes maanden nadat de vorige toekenning is beëindigd;
Paragraaf 3. Vorm en hoogte individuele bijzondere bijstand
Artikel 9. De vorm van de bijstand
De bijzondere bijstand wordt om niet verstrekt. De bijzondere bijstand wordt alleen in de vorm van een renteloze geldlening verstrekt in de gevallen die genoemd worden in artikel 48, tweede lid, van de wet en indien het bijzondere bijstand voor de kosten van noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen betreft als bedoeld in artikel 51 van de wet. Wanneer duurzame gebruiksgoederen in natura worden verstrekt is de vorm van de bijstand om niet.
De in het eerste lid bedoelde lening wordt bij belanghebbenden die in de Wsnp of in de gemeentelijke schuldregeling (inclusief 120-dagentraject) zitten verstrekt met een uitgestelde aflossingsverplichting, en wordt, indien de belanghebbende de Wsnp of gemeentelijke schuldregeling succesvol heeft doorlopen, omgezet in om niet.
Artikel 10. Hoogte bijzondere bijstand
De hoogte van de te verlenen bijzondere bijstand wordt, tenzij deze beleidsregels anders bepalen, (individueel) bepaald door de hoogte van de noodzakelijke kosten, waarbij als uitgangspunt geldt dat de bijzondere bijstand wordt bepaald op de kosten van de goedkoopst adequate voorziening.
Artikel 14. Eigen bijdrage CAK
In afwijking van artikel 11 wordt bijzondere bijstand verleend voor de wettelijke eigen bijdrage, vastgesteld en geïnd door het CAK, voor voorzieningen op grond van de Wmo 2015, met uitzondering van de eigen bijdrage voor opvang en beschermd wonen. Deze bijstand wordt alleen verleend voor zover de eigen bijdrage niet wordt vergoed vanuit een aanvullende zorgverzekering waaraan de belanghebbende deelneemt.
Artikel 15. Eigen bijdrage ziekenvervoer
In afwijking van artikel 11 verleent het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand voor de eigen bijdrage voor zittend ziekenvervoer, als bedoeld in artikel 2.16e van het Besluit zorgverzekering, voor zover deze kosten niet worden vergoed vanuit een aanvullende zorgverzekering waaraan de belanghebbende deelneemt. Onder zittend ziekenvervoer wordt verstaan vervoer anders dan ambulancevervoer, zoals per auto, taxi of openbaar vervoer.
Artikel 15a. Eigen bijdrage medicijnen
In afwijking van artikel 11 verleent het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand voor de eigen bijdrage voor voorgeschreven medicijnen die gedeeltelijk worden vergoed door de zorgverzekeraar, mits de medicijnen zijn voorgeschreven door een arts en zijn opgenomen in het Geneesmiddelenvergoedingssysteem. Deze bijzondere bijstand wordt om niet verstrekt.
Paragraaf 4.3 Specifieke medische kosten
Artikel 18. Vervoerskosten medische behandeling
In afwijking van artikel 11 verleent het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand voor vervoerskosten indien:
het gaat om vervoerskosten van de belanghebbende van en naar de dichtstbijzijnde specialist en/of revalidatiecentrum voor een behandeling van de belanghebbende die vergoed wordt door de zorgverzekeraar indien de behandeling langer dan drie maanden duurt en de enkele reisafstand van de woning tot de dichtstbijzijnde specialist of revalidatiecentrum meer dan tien kilometer betreft;
Paragraaf 5. Chronisch zieken en gehandicapten
Artikel 20. Extra kosten medisch noodzakelijk energieverbruik
In afwijking van artikel 11 verleent het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand voor de extra energiekosten in verband met een chronische ziekte of handicap, indien het gaat om energiekosten die uitkomen boven de door het Nibud vastgestelde gemiddelde energiekosten én de energiekosten verband houden met een chronische ziekte of handicap.
Artikel 21. Bewassing en kledingslijtage
In afwijking van artikel 11 verleent het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand voor:
Artikel 23. Communicatie en alarmering
In afwijking van artikel 11 verleent het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand voor de abonnementskosten van om medische of sociale redenen noodzakelijke personenalarmering. Van een sociale reden kan bijvoorbeeld sprake zijn als belanghebbende slachtoffer is van huiselijk geweld.
Artikel 25. Bijzondere bijstand 18 t/m 20-jarigen in inrichting
Het Dagelijks Bestuur kan bijzondere bijstand voor zak- en kleedgeld verlenen aan personen van 18, 19 of 20 jaar die in een inrichting verblijven, indien zij geen financieel beroep kunnen doen op hun ouders. De hoogte van de bijzondere bijstand wordt bepaald op de normen algemene bijstand die gelden voor personen van 21 jaar of ouder die in een inrichting verblijven, maar is nooit hoger dan de voor hen geldende jongerennormen, zoals bepaald in artikel 20 van de wet.
Artikel 27. Inrichtingskosten en duurzame gebruiksgoederen
Het Dagelijks Bestuur verleent in uitzonderlijke situaties bijzondere bijstand voor inrichtingskosten, waaronder de duurzame gebruiksgoederen. In overige gevallen wordt geen bijzondere bijstand verleend, omdat deze kosten behoren tot de incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. In ieder geval is sprake van een uitzonderlijke situatie als belanghebbende door bijzondere omstandigheden niet in de gelegenheid is geweest om te reserveren.
De bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen die niet in natura worden verstrekt, wordt conform artikel 51 van de wet verstrekt in de vorm van een lening, voor zover deze kosten in 36 maanden terugbetaald kunnen worden. De kosten voor stoffering vallen niet onder de noemer duurzame gebruiksgoederen en worden daardoor in beginsel om niet verstrekt.
Artikel 28. Doorbetaling vaste lasten tijdens verblijf in een inrichting
De bijzondere bijstand als bedoeld in het eerste lid wordt voor maximaal een jaar verleend, met dien verstande dat de bijzondere bijstand nog voor maximaal drie maanden wordt verstrekt vanaf het moment dat de inrichting tot de conclusie komt dat terugkeer naar de maatschappij niet te verwachten is. Bij een gedwongen opname wordt de bijzondere bijstand verleend vanaf de dag van opname tot de einddatum zoals genoemd in de rechterlijke machtiging.
Artikel 28a. Doorbetaling vaste lasten tijdens kortdurende detentie
De bijzondere bijstand wordt verstrekt in de vorm van een renteloze geldlening als bedoeld in artikel 48, tweede lid, onder b van de wet. De lening kan na de detentie worden omgezet in ‘om niet’ op advies van het Veiligheidshuis wanneer belanghebbende aan de gestelde aanvullende voorwaarden heeft voldaan.
In afwijking van het eerste lid kan het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand verlenen voor de kosten van de eerste huurnota (huur van de lopende maand en de maand erop volgend), de administratiekosten en de kosten van een naamplaatje, indien de verhuizing noodzakelijk is en de belanghebbende geen eigen mogelijkheden heeft om in de kosten te voorzien.
Artikel 30. Woonkostentoeslag huurders
In afwijking van de vorige leden kan het Dagelijks Bestuur, indien de woonkosten hoger zijn dan de subsidiabele huur waarover huurtoeslag wordt verstrekt een aanvullende woonkostentoeslag verlenen. De hoogte hiervan wordt bepaald op de feitelijke woonkosten minus de eigen bijdrage die verschuldigd zou zijn bij een huur gelijk aan de maximale subsidiabele huur.
Artikel 31. Woonkostentoeslag eigenaren
De woonkostentoeslag als bedoeld in het eerste lid wordt berekend conform de systematiek van de Wet op de huurtoeslag, waarbij alleen de volgende woonkosten voor woonkostentoeslag in aanmerking komen:
de zakelijke lasten in verband met het hebben van eigendom, zoals de rioolrechten, het eigenaarsdeel van de waterschapslasten, het erfpachtcanon, de premies van verzekeringen tegen brand- en stormschade (alleen voor de opstallen) en het eigenaarsdeel onroerende zaakbelasting (dus niet het gebruikersdeel);
In afwijking van de vorige leden kan het Dagelijks Bestuur, als de woonkosten hoger zijn dan de subsidiabele huurgrens in de Wet op de huurtoeslag, op grond van individuele omstandigheden een (aanvullende) woonkostentoeslag verlenen. De hoogte van de woonkostentoeslag wordt bepaald op de woonkosten minus de eigen bijdrage die verschuldigd zou zijn bij een huur gelijk aan de subsidiabele huurgrens en het belastingvoordeel.
Het Dagelijks Bestuur kan bijzondere bijstand verlenen voor de kosten die gemaakt moeten worden om het traject van thuis naar het verblijfadres van een ziek gezins- of familielid (veelal ziekenhuis, verpleeginstelling) af te leggen, waarbij de bezoekfrequentie in het individuele geval wordt bepaald.
De hoogte van de bijzondere bijstand wordt bepaald op basis van het reguliere OV-tarief 2e klas, snelste route. In afwijking hiervan kan, als door omstandigheden niet met het openbaar vervoer kan worden gereisd, de hoogte van de bijzondere bijstand worden bepaald aan de hand van de routeplanner van de ANWB op basis van de snelste route en gebaseerd op een vergoeding van het in de bijlage van deze beleidsregels genoemde bedrag per kilometer.
Artikel 33. Reiskosten ouderlijk huis - instelling
Indien door omstandigheden niet met het openbaar vervoer kan worden gereisd, kan de hoogte van de bijzondere bijstand in afwijking van het tweede lid worden bepaald aan de hand van de routeplanner van de ANWB op basis van de snelste route en gebaseerd op een vergoeding van het in de bijlage van deze beleidsregels genoemde bedrag per kilometer.
Artikel 34. Reiskosten voor bezoek aan gedetineerde
In afwijking van het eerste lid kan het Dagelijks Bestuur bijzondere bijstand verlenen aan familieleden in de eerste en tweede graad indien in een individuele situatie sprake is van onvermijdelijke noodzakelijke kosten, waarbij alleen de reiskosten binnen Nederland voor bijzondere bijstand in aanmerking komen. De hoogte van de bijzondere bijstand wordt bepaald op basis van reguliere OV-tarief 2e klas, snelste route.
Artikel 37. Rechtsbijstand en mediation
De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan de daadwerkelijk gemaakte kosten, tenzij de Raad voor Rechtsbijstand bij de toekenning van de toevoeging is uitgegaan van een te hoog inkomen en de belanghebbende heeft nagelaten tijdig een peiljaarverlegging aan te vragen. In dat geval wordt de bijzondere bijstand vastgesteld op basis van de eigen bijdrage die zou gelden bij een inkomen op bijstandsniveau.
Aldus besloten in de vergadering van het Dagelijks Bestuur van 1 december 2025,
E.M. Groen, C.C. van Benschop
secretaris a.i., voorzitter
HOOFDSTUK 3 COLLECTIEVE (AANVULLENDE) ZORGVERZEKERING
Artikel 3 Collectieve (aanvullende) zorgverzekering
HOOFDSTUK 4 INDIVIDUELE BIJZONDERE BIJSTAND
De vergoeding voor vervoer per auto bedraagt € 0,23 per kilometer.
Het normbedrag per maaltijd bedraagt € 8,50 voor 365 dagen.
De maandelijkse kosten van personenalarmering bedraagt € 21,98.
Verlaging woonlasten met € 50,- per maand.
De maximumvergoeding voor inrichtingskosten (stoffering + duurzame gebruiksgoederen) bedraagt:
€ 2.760,00 (€ 865,00 + € 1.895,00) voor een alleenstaande;
€ 3.640,00 (€ 1.230,00 + € 2.410,00) voor een gezin bestaande uit 2 personen;
€ 4.240,00 (€ 1.470,00 + € 2.770,00) voor een gezin bestaande uit 3 personen.
Bij kosten van groot onderhoud worden de onderhoudskosten bedoeld die in geval van bewoning van een huurhuis voor rekening van de verhuurder komen (bijvoorbeeld buitenschilderwerk). Kosten van klein onderhoud moeten worden voldaan uit de bijstandsnorm of het daarmee vergelijkbare inkomen. Voor kosten van ingrijpende reparaties moet afzonderlijk bijstand worden verleend. Als richtlijn voor de kosten van groot onderhoud geldt het volgende bedrag per 1 januari 2024:
€ 794,00 voor een woning van vóór 1945;
€ 679,00 voor een woning na 1945.
Voor appartementen geldt een toeslag liftinstallatie € 101,- en een toeslag algemeen beheer en administratiekosten van € 196,-.
Afwijking van deze bedragen kan alleen in bijzondere omstandigheden. Niet als een bijzondere omstandigheid kan gelden dat de betrokkene een zeer grote woning bewoont en daarom hogere onderhoudskosten heeft. De bovengemiddelde kosten zijn niet noodzakelijk en komen daarom niet in aanmerking voor bijstandsverlening
De vergoeding voor vervoer per auto bedraagt € 0,23 per kilometer.
De vergoeding voor vervoer per auto bedraagt € 0,23 per kilometer.
De vergoeding voor vervoer per auto bedraagt € 0,23 per kilometer.
De maximumvergoeding voor uitvaartkosten bedraagt € 5.488,00.
De maximumvergoeding voor een babypakket bedraagt € 190,00.
De maximumvergoeding voor een ledikant/matras/kinderwagen bedraagt € 445,00.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2025-3128.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.