Blad gemeenschappelijke regeling van Sociaal
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Sociaal | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 3102 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Sociaal | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 3102 | beleidsregel |
Beleidsregels Terugvordering, Invordering & Verhaal Drechtsteden
Hoofdstuk 2 – Terug- en invordering
Artikel 5 Ambtshalve kwijtschelding
Het Dagelijks Bestuur ziet op grond van artikel 58 Participatiewet dan wel op grond van artikel 25 IOAW/IOAZ ambtshalve af van verdere invordering na 60 maanden indien de vordering niet het gevolg is van het opzettelijk niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenverplichting en:
a. belanghebbende gedurende drie jaar volledig aan de aflossingsverplichtingen heeft voldaan; of
b. belanghebbende in één keer een bedrag overeenkomend met 75% van de restantvordering heeft afgelost.
De in het eerste lid genoemde kwijtscheldingstermijn kan worden opgeschort indien sprake is van een gehonoreerd verzoek om uitstel van betaling of een periode waarin de aflossing tijdelijk wordt opgeschort. De termijn van kwijtschelding wordt in die gevallen verlengd met de duur van respectievelijk het uitstel of de opschorting.
Artikel 6 Buiten invordering stellen
Het Dagelijks Bestuur kan op grond van artikel 58 Pw dan wel op grond van artikel 25 IOAW/IOAZ afzien van verdere invordering als de vordering niet het gevolg is van het niet nakomen van de inlichtingenverplichting, belanghebbende gedurende vijf jaar geen betalingen heeft verricht en het niet aannemelijk is dat deze nog gaan worden verricht.
Er kan afgezien worden van een vordering als gevolg van schending inlichtingenplicht, alsmede een bestuurlijke boete opgelegd in de zin van artikel 18a Participatiewet, de IOAW en IOAZ, artikel 14a Algemene bijstandswet en het Boetebesluit socialezekerheidswetten, of waarvoor een aangifte van misbruik van sociale zekerheid is gedaan bij het Openbaar Ministerie, als de verschuldigde tien jaar volledig aan zijn of haar afbetalingsverplichtingen heeft voldaan.
Wanneer bij belanghebbende van verdere invordering als bedoeld in het eerste lid wordt afgezien, houdt het Dagelijks Bestuur de mogelijkheid in te vorderen bij de persoon die op grond van artikel 59 Pw dan wel artikel 26 IOAW/IOAZ mede hoofdelijk aansprakelijk is voor de terugbetaling van de kosten van bijstand, ook als zij op dat moment niet meer gehuwd zijn.
Artikel 7 Hoogte van het af te lossen bedrag
Indien de belanghebbende uitstroomt naar arbeid en na beëindiging van de uitkering een restantvordering resteert, kan het Dagelijks Bestuur besluiten de restantvordering kwijt te schelden indien dit voldoet aan de toets aan dringende redenen en het evenredigheidsbeginsel met het oog op behoud van bestaanszekerheid.
Opgebouwde vakantietoeslag wordt verrekend met openstaande vorderingen als er sprake is van een betalingsachterstand . Bij een lopende uitkering gebeurt dit met inachtneming van de beslagvrije voet. Bij beëindiging van de uitkering wordt de nog uit te betalen vakantietoeslag volledig verrekend met een nieuw ontstane vordering, tenzij dit onevenredig is gelet op de persoonlijke omstandigheden.
Artikel 8 Terugvordering loonbelasting en premies (brutering)
Over de uitkering afgedragen loonbelasting en premies volksverzekeringen worden teruggevorderd, tenzij:
Artikel 9 Medewerking aan schuldregeling
Artikel 10 Volgorde van invordering
Indien sprake is van meerdere openstaande vorderingen, hanteert het Dagelijks Bestuur bij het bepalen van de looptijd van de aflossing de volgende systematiek:
Alle vorderingen waarbij geen sprake is van opzet, grove schuld of schending van de inlichtingenplicht kunnen, nadat de eventuele vorderingen genoemd in lid 2a zijn afgelost, worden afgelost binnen een aanvullende termijn van vijf jaar (60 maanden). Met in achtneming van artikel 5 van deze beleidsregels.
Artikel 11 Niet of niet meer nakomen van de betalingsverplichting
Als de belanghebbende geen minnelijke betalingsregeling treft of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet nakomt, kan het terugvorderingsbesluit worden uitgevoerd via executoriaal beslag volgens artikelen 479b tot en met 479g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, met uitzondering van artikel 479e, tweede lid, of via beslag zoals beschreven in het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Dit op basis van een executoriale titel uit een dwangbevel, zoals aangegeven in artikel 4:114 van de Awb, nadat de betalings- en aanmaningsprocedure van artikel 4:117 Awb is doorlopen.
Artikel 12 Gebruikmaking wettelijke bevoegdheid
Het Dagelijks Bestuur verhaalt de kosten van bijstand tot de grens van de onderhoudsplicht als bedoeld in Boek I van het Burgerlijk Wetboek tot maximaal de totale kosten van bijstand:
op degene die zijn onderhoudsplicht op grond van artikel 395a van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek niet of niet behoorlijk nakomt jegens zijn meerderjarig kind aan wie bijzondere bijstand is verleend.
Indien er geen rechtelijke uitspraak is stelt het Dagelijks Bestuur de verhaalsbijdrage vast aan de hand van de meest recente Tremanormen als vastgesteld door de werkgroep alimentatienormen van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (Rapport alimentatienormen). Van deze regeling kan in individuele gevallen worden afgeweken indien het resultaat redelijkerwijs niet aanvaardbaar is.
Het Dagelijks Bestuur kan, met toepassing van artikel 61 van de Participatiewet, geheel of gedeeltelijk afzien van verhaal indien:
uit vooronderzoek blijkt dat de onderhoudsplichtige over onvoldoende middelen beschikt om een verhaalsbijdrage op te kunnen leggen, wordt afgezien van verhaal in verband met het ontbreken van draagkracht. Als wordt ingeschat dat het om een tijdelijke situatie gaat, dan wordt tijdelijk afgezien van verhaal en kan middels een heronderzoek bezien worden of alsnog tot verhaal kan worden overgegaan;
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2025-3102.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.