MANDAATBESLUIT DIRECTEUR SVHW TEN AANZIEN VAN HET LID VAN DE DIRECTIERAAD VERANTWOORDELIJK VOOR ONDER ANDERE VERGUNNINGVERLENING, TOEZICHT EN HANDHAVING VAN WATERSCHAP HOLLANDSE DELTA VAN DIVERSE BEVOEGDHEDEN TER ZAKE VAN DE ZUIVERINGSHEFFING EN DE VERONTREINIGINGSHEFFING

DE DIRECTEUR VAN HET SVHW;

 

overwegende dat het Dagelijks Bestuur van het SVHW bij besluit per 30 augustus 2023 de directeur van het SVHW ter zake van waterschapsbelastingen heeft aangewezen als ambtenaar belast met de heffing, bedoeld in artikel 124, vijfde lid, onderdeel a van de Waterschapswet

 

B E S L U I T :

 

 

 

 

Artikel I

Tot mandatering van diverse bevoegdheden ter zake van de zuiveringsheffing en de verontreinigingsheffing aan het Lid van de Directieraad, verantwoordelijk voor onder andere Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving, van Waterschap Hollandse Delta. Het betreft de bevoegdheden, opgenomen in de volgende wet- en regelgeving:

 

  • Art. 47, 49 en 50 van de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen;

  • Art. 128a van de Waterschapswet;

  • Art. 7:5, tweede lid, van de Waterwet;

  • Art. 4 van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026;

  • Art. 5 vierde tot en met achtste lid van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026;

  • Art. 6 van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026;

  • Art. 7 eerste en tweede lid van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026;

  • Art. 8 tweede, derde, vijfde en zesde lid van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026;

  • Art. 10 eerste lid van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026;

  • Art. 2, 5 en 6 van het Besluit vervuilingswaarde ingenomen water 2009.

 

Artikel II

Van het mandaat wordende bevoegdheden betreffende bezwaar en beroep tegen de opgelegde aanslagen zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing uitgezonderd.

 

Artikel III

Het verleende mandaat omvat tevens de mogelijkheid tot het eenmalig verlenen van ondermandaat.

 

Artikel IV

Dit mandaat vervangt het mandaat van 30 december 2015.

 

Artikel V

Dit mandaat geldt voor het eerst ter zake van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Waterschap Hollandse Delta 2026 en tevens voor alle volgende verordeningen zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing die zullen gelden tot de intrekking van dit mandaat.

 

Artikel VI

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026.

 

 

 

 

Klaaswaal, 19 november 2025,

Directeur SVHW,

Naar boven