Het dagelijks bestuur en de voorzitter van de gemeenschappelijke regeling Gemeentelijk Belastingkantoor Twente (hierna te noemen GBTwente), ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft,
Overwegende,
I. dat het dagelijks bestuur ingevolge artikel 13, sub b, e en m van de Gemeenschappelijke Regeling GBTwente, in ieder geval bevoegd is tot:
a. het voeren van rechtsgedingen en het instellen van (hoger) beroep en beroep in cassatie;
b. uitoefening van de bevoegdheden en verplichtingen die bij of krachtens de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Invorderingswet 1990, de Kostenwet invordering rijksbelastingen, de Gemeente-wet, de Wet milieubeheer en de Wet waardering onroerende zaken zijn toegekend aan de Minister van Financiën, het bestuur van 's Rijksbelastingdienst en de directeur, respectievelijk het college van burgemeester en wethouders of het dagelijks bestuur van de deelnemers;
c. het besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van het GBTwente;
II. dat de voorzitter, ingevolge artikel 16, derde lid Gemeenschappelijke Regeling GBTwente, GBTwente in en buiten rechte vertegenwoordigt;
III. dat, gelet op een effectieve en efficiënte taakuitvoering, het mandateren, volmacht verlenen en machtigen van de directeur van onderstaande bevoegdheden en handelingen inzake het voeren van verweer gewenst is;