Intern controleplan 2025

 

1. Inleiding

Vanaf 2023 is de verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur voor de rechtmatigheid benadrukt doordat het Dagelijks Bestuur een verantwoording1 over rechtmatigheid af moet geven in plaats van de accountant. Deze wijziging komt voort uit het rapport ‘Vernieuwing van de begroting en verantwoording van gemeenten’ van de commissie Depla. Het uitgangspunt van de wetgever is dat de reikwijdte van de verantwoording door het Dagelijks Bestuur niet wijzigt ten opzichte van de situatie waarin de accountant een oordeel gaf.

 

Uiteraard is het opstellen en publiceren van de verantwoordingstekst alleen niet voldoende. Er is binnen Laborijn een deugdelijke grondslag voor deze verantwoording nodig. Deze grondslag wordt de onderbouwing van de verantwoording genoemd. Het doel is om met een bepaalde mate van zekerheid vast te stellen dat de financiële handelingen hebben plaatsgevonden binnen de kaders van wet- en regelgeving. Dit interne controle plan 2025 draagt bij aan het creëren van een deugdelijke grondslag voor de verantwoording.

 

In dit interne controleplan leest u achtereenvolgens: een stuk theoretisch kader, de inrichting van de interne controle, hoe de verantwoordelijkheden zijn belegd, hoe de processen worden gecontroleerd op basis van risico’s, de planning en hoe de bevindingen worden gecommuniceerd en opgevolgd.

2. Het theoretisch kader

2.1 De rechtmatigheidsverantwoording

Het juridische begrip rechtmatigheid heeft betrekking op alle geldende wetten en regels. Rechtmatigheid is dan het handelen in overeenstemming met alle wetten en regels. Het begrip rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording is een minder omvattend begrip. Bij rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording bestaat er een duidelijke relatie met het financiële beheer. Er moet immers worden verantwoord dat baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. Het gaat om de financiële beheershandelingen.

Handelingen en beslissingen van niet-financiële aard dienen wel in algemene zin te worden betrokken bij de inschatting van het algemene risicobeleid en -beheer van de gemeenschappelijke regeling. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan claims inzake planschade. De ratio hiervan is dat niet-financiële handelingen wel kunnen leiden tot financiële risico’s, waarvoor door het Dagelijks Bestuur bijvoorbeeld een voorziening zou moeten worden gevormd.

 

Verplicht model

Het model (zie bijlage 2) wordt verplicht voorgeschreven, tekstuele aanpassingen zijn alleen op de aangegeven plaatsen toegestaan. Deze verplichting is opgenomen in de wetgeving.

 

Criteria

Het begrip financiële rechtmatigheid is in 2005 concreet gemaakt met behulp van negen

criteria. In de jaarrekening legt het Dagelijks Bestuur verantwoording af over alle negen criteria van rechtmatigheid. De eerste zes criteria, die betrekking hebben op getrouwheid en óók onderdeel zijn van rechtmatigheid, komen tot uitdrukking in de balans en het overzicht van baten en lasten. De drie specifieke rechtmatigheidscriteria komen tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording.

 

  • Calculatiecriterium

  • Valuteringscriterium

  • Adresseringscriterium

  • Volledigheidscriterium

  • Aanvaardbaarheidscriterium

  • Leveringscriterium

 

 

 

Afgedekt door balans en overzicht van baten en lasten (getrouwheid)

  • Begrotingscriterium

  • Voorwaardencriterium

  • Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium

 

 

 

Afgedekt door rechtmatigheids- verantwoording (rechtmatigheid)

 

 

Het kader van de (financiële) rechtmatigheidsverantwoording bestaat uit de volgende criteria:

 

  • begrotingscriterium

  • voorwaardencriterium

  • Misbruik en Oneigenlijk gebruik (M&O)

In de notitie ‘Rechtmatigheidsverantwoording’ van 20 maart 2020 licht de commissie BADO deze criteria toe en heeft zij in hoofdlijnen uitgewerkt wat nodig is voor een goede onderbouwing.

 

Bovenstaande criteria komen expliciet tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording. Rechtmatigheidscriteria die ook de getrouwheid raken zijn geen onderdeel van de rechtmatigheidsverantwoording. Bijvoorbeeld: de constatering van een verslaggevingsfout is geen onderdeel van de rechtmatigheidsverantwoording. Ook de constatering dat een post in de jaarrekening niet voldoet aan de uitgangspunten van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) hoeft niet opgenomen te worden in de rechtmatigheidsverantwoording.

 

In de komende hoofdstukken werken we de mogelijke elementen van een goede onderbouwing nader uit. Dit doen wij aan de hand van de aspecten zoals genoemd in de notitie ‘Rechtmatigheidsverantwoording’ van de commissie BADO. Het gaat hier om:

 

  • uitkomsten van interne controles inclusief controle op de drie rechtmatigheidscriteria

  • bevindingen naar aanleiding van gesprekken met het management

  • bewuste keuzes om af te wijken van wet- en regelgeving

  • fraudesignalen

  • data-analyses

Onderdeel van de interne controles is de controle op de eerdergenoemde drie rechtmatigheidscriteria.

 

  • 1.

    Bij het begrotingscriterium gaat het om controle op overschrijdingen van de geautoriseerde begroting na begrotingswijzigingen in het boekjaar. Onderdeel van de rechtmatigheidsonderbouwing is vaststellen of er sprake is van dit soort overschrijdingen en of ze passen binnen het Laborijn-beleid en met reden zijn toegelicht in de jaarrekening. Als de overschrijdingen zijn toegelicht en de jaarrekening wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur, zijn deze overschrijdingen alsnog rechtmatig.

  • 2.

    Bij het voorwaardencriterium wordt vooral gekeken of de financiële beheershandelingen binnen Laborijn voldoen aan de voorwaarden zoals die gesteld zijn in de wet- en regelgeving. Denk hierbij aan de voorwaarden in de Laborijn-verordeningen die in het normenkader zijn opgenomen.

    Dit zijn bijvoorbeeld voorwaarden met betrekking tot:

    • de verstrekking aan de juiste doelgroep

    • hantering van gestelde termijnen voor aanvragen en toekennen van verstrekkingen

    • toepassen van afgesproken grondslagen

    • gestelde eisen aan administratieve bepalingen

    • hanteren van opgenomen normbedragen

    • functiescheiding ten aanzien van bevoegdheden

    • het aantoonbaar maken middels bewijsstukken

    • toepassen van de criteria recht, hoogte en duur bij diverse verstrekkingen

  • In de Kadernota Rechtmatigheid van de commissie BBV staan de minimale vereisten (recht, hoogte en duur) nader uitwerkt. Deze elementen (recht, hoogte en duur) zie je veelal bij subsidie- en uitkeringsprocessen.

    Bij inkopen gaat het vaak om het volgen van de aanbestedingsrichtlijnen.

    In de rechtmatigheidsverantwoording is het van belang dat toereikend is vastgesteld dat binnen Laborijn aan deze voorwaarden is voldaan.

  • 3.

    Het derde criterium betreft Misbruik en Oneigenlijk gebruik. In artikel 8b van de Participatiewet is het M&O kader vastgelegd. Veelal zie je dat M&O-beleid geïntegreerd is binnen de werkprocessen van de organisatie. Qua onderbouwing van de verantwoording op dit gebied kan daarom enerzijds gebruik worden gemaakt van de procescontroles die worden uitgevoerd om vast te stellen of voldaan is aan het voorwaardencriterium. Anderzijds gaat het bij Misbruik en Oneigenlijk gebruik ook over fraude- en integriteitsignalen. In de praktijk is het opstellen van frauderisicoanalyse mede een goede onderbouwing voor dit criterium.

2.2 Three Lines of Defence model

  • 1.

    De ‘business’ (1st line of primair proces) is eindverantwoordelijk voor de keuzes die ze maken en de risico’s die ze in de dagelijkse praktijk aangaan. Zij kunnen de risicobeheersing dus nooit delegeren. De eerste lijn is daarmee de belangrijkste vorm van risicobeheersing. Als het de organisatie dus zou lukken om de eerste lijn intrinsiek gemotiveerd te maken om de doelstellingen scherp te hebben, te reflecteren, regelmatig de risicodialoog te voeren en te vragen naar incidenten en hiervan te leren, dan is dat de beste vorm van risicobeheersing.

  • 2.

    De second line ontwikkelt de systemen voor een goed proces van risicomanagement en beheersing, altijd ter ondersteuning van de ‘business’. In deze second line of defence zitten vaak veel verschillende risicofuncties waaronder juridisch, finance, data analyse, compliance, kwaliteit. Ook wel experts van bedrijfsvoering genoemd (PIOFACH2). Elk van deze specialisten werkt met hun eigen identificatie- en rapportage-processen.

  • 3.

    De third line Internal Audit voorziet de hoogste leiding van zekerheid (assurance) over de kwaliteit van sturing en beheersing. Internal audit is daarmee het sluitstuk van de PDCA-cyclus. Ze is dus niet in directe zin verantwoordelijk voor de kwaliteit van het in control zijn van de organisatie maar wel verantwoordelijk voor de mate waarin ze in staat is om de inconsistenties in de opzet en het bestaan van de control frameworks te analyseren en zichtbaar te maken. Het auditprogramma wordt risico-gestuurd ingericht.

  • 4.

    De externe accountant kan gezien worden als de vierde (4th) line of defence.

2.3 Grensbedragen en oordeelsvorming

De verantwoordingsgrens is een door het Algemeen Bestuur vastgesteld bedrag, waarboven het Dagelijks Bestuur de afwijkingen moet opnemen in de rechtmatigheidsverantwoording. De verantwoordingsgrens valt binnen de bandbreedte van 0% tot 3% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. Voor zowel fouten als voor onduidelijkheden afzonderlijk geldt hetzelfde percentage. Fouten en onduidelijkheden worden niet bij elkaar opgeteld.

 

Grens voor afwijkingen

Onder afwijkingen wordt afzonderlijk verstaan fouten (dus het niet naleven van wet- en regelgeving) en posten waarvan bij het Dagelijks Bestuur onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid, omdat deskundigen en adviseurs (bijvoorbeeld juristen) van mening verschillen over de rechtmatigheid van een financiële beheershandeling die ten grondslag ligt aan baten en lasten en balansmutaties. Het kan hier onder andere gaan om staatsteun of (complexe) aanbestedingen. Bij staatsteun kan intern het vermoeden op staatsteun bestaan omdat een (klachten)procedure is ingesteld. Zo lang de procedure loopt, is niet duidelijk of sprake is van geoorloofde of ongeoorloofde staatsteun. Ook bij complexe aanbestedingen kan het voorkomen dat de jurist van de gemeente aangeeft dat een bepaalde wijze van gunnen van een opdracht toegestaan is, terwijl er klachten of signalen zijn dat het niet toegestaan is. Ook dan is de rechtmatigheid van een inkoop onduidelijk totdat eventueel een rechter een uitspraak doet. Het is belangrijk dat het Algemeen Bestuur ook over deze onduidelijkheden, voor zover ze de verantwoordingsgrens overschrijden, worden geïnformeerd via de rechtmatigheidsverantwoording.

 

Effect verantwoordingsgrens

De verantwoordingsgrens betekent dat rechtsmatigheidsfouten pas in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen en toegelicht, wanneer zij boven het door het Algemeen Bestuur vastgestelde percentage komen. Wanneer het voor het Dagelijks Bestuur niet duidelijk is of er financieel rechtmatig is gehandeld, worden deze onduidelijkheden eveneens pas in de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen en toegelicht indien zij boven het door het Algemeen Bestuur vastgestelde percentage komen.

 

Voor iedere gemeenschappelijke regeling (ongeacht de schaalgrootte) geldt dat het Algemeen Bestuur een afweging moet maken tussen enerzijds de hoogte van de verantwoordingsgrens en anderzijds de inspanningen die voor het ambtelijk apparaat verbonden zijn aan het detecteren en rapporteren van de rechtmatigheidsfouten en onduidelijkheden. Dit gesprek binnen de gemeenschappelijke regeling tussen het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur moet ten tijde van het bepalen van de verantwoordingsgrens gevoerd worden. Dit besluit kan gevolgen hebben voor de inrichting van de interne beheersing. Bij het bepalen van de verantwoordingsgrens is de

informatiebehoefte van het Algemeen Bestuur het vertrekpunt. Daarbij kunnen vervolgens de inspanningen die door de organisatie gedaan moeten worden om de informatie op een goede wijze te verkrijgen, het kwaliteitsniveau van interne beheersing, ervaringen met rechtmatigheid in het verleden, risicovolle processen zoals aanbestedingen, betrouwbaarheid begrotingsproces en visie op de sturingsfilosofie van de gemeente worden betrokken.

 

Omvang verantwoordingsgrens

De verantwoordingsgrens is vastgelegd in artikel 10 lid 2 van de financiële verordening en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves.

 

Normenkader

Bij de uitvoering van de interne controles wordt het door het Algemeen Bestuur vastgestelde normenkader als uitgangspunt gebruikt. Bij het opstellen van het normenkader wordt ook de actualisatie van de financiële-en controleverordening meegenomen.

3. Interne controles

3.1 Inrichting interne controle

De inrichting van de interne controle is per 1 januari 2023 zo onafhankelijk mogelijk vormgegeven onder de concerncontroller. De concerncontroller heeft een passeerbevoegdheid richting het Dagelijks Bestuur. Zie het plaatje hieronder:

3.2 Verantwoordelijkheden

Functionaris/orgaan

Verantwoordelijk voor

Algemeen Bestuur

Vaststellen jaarstukken (inclusief getekende rechtmatigheidsverantwoording door het DB)

Dagelijks Bestuur

Verantwoordelijk voor de rechtmatigheid in de organisatie. Ondertekenen rechtmatigheidsverantwoording die onderdeel uitmaakt van de jaarrekening

Algemeen directeur

Eindverantwoordelijk voor de ambtelijke organisatie, de rechtmatigheid in algemene zin en opvolging van de bevindingen

Concerncontroller

Inhoudelijk eindverantwoordelijk voor de interne controle

Auditor en medewerker interne controle

Verantwoordelijk voor het (tijdig en correct) uitvoeren van de interne controlewerkzaamheden zoals vastgelegd in het interne controleplan (3th line of defence)

Manager dienstverlening

Verantwoordelijk voor de inrichting van de werkprocessen dienstverlening, een goed functionerende administratieve organisatie en inrichting van interne beheersmaatregelen in de werkprocessen (1st line of defence)

Manager bedrijfsvoering

Verantwoordelijk voor de inrichting van de werkprocessen bedrijfsvoering, een goed functionerende administratieve organisatie en inrichting van interne beheersmaatregelen in de werkprocessen (1st/2nd line of defence)

Teamleider WLC

Verantwoordelijk voor de inrichting van de werkprocessen intern werk, een goed functionerende administratieve organisatie en inrichting van interne beheersmaatregelen in de werkprocessen (1st line of defence)

 

3.3 De hoofdlijnen van de interne controle per proces

Het is van belang om eerst te bepalen binnen welke financiële stromen zich materiële rechtmatigheidsafwijkingen kunnen voordoen. Het is aan te bevelen daarvoor de financiële stromen binnen Laborijn in financiële omvang in beeld te brengen (zie tabel in deze paragraaf). Het gaat hierbij om de stromen per proces, zoals uitkeringsproces, inkoopproces, subsidieverstrekking etc. Op basis van de verantwoordingsgrens wordt per stroom de diepgang van de controle bepaald.

Bij het opstellen van het controleplan kunnen de belangrijkste financiële stromen geïnventariseerd worden op basis van de begroting van dat begrotingsjaar of op basis van de werkelijke cijfers, wanneer controles jaarlijks achteraf plaatsvinden.

Aan het eind van het boekjaar is het aan te bevelen om deze ‘scoping’ nog een keer te doen met de cijfers van het gehele boekjaar. Dit om vast te stellen of er stromen bij zijn gekomen of in omvang gewijzigd.

 

De omvang van de uit te voeren werkzaamheden is afhankelijk van de verantwoordingsgrens die is overeengekomen met het Algemeen Bestuur. Deze ligt tussen de 0% en 3% van de lasten. Als Laborijn kiest voor 0%, moet Laborijn elke rechtmatigheidsfout melden en dus van elke euro weten of die rechtmatig is uitgegeven. Dit is in de praktijk niet haalbaar, omdat het leidt tot onevenredig veel controlewerkzaamheden. In de huidige situatie is de grens voor de accountantscontrole 1%. Bij de keuze voor een verantwoordingsgrens van bijvoorbeeld 3% kan het zijn dat het bestuur minder inzicht heeft in het rechtmatig handelen binnen de gemeenschappelijke regeling dan in de huidige situatie.

Er kan ook worden gekozen voor een groeimodel in de verantwoordingsgrens. Tijdens het gesprek over de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording binnen Laborijn moet dan ook het gesprek over de hoogte van de verantwoordingsgrens plaatsvinden. Afhankelijk daarvan en van de kwaliteit en risico’s van de interne beheersing in de primaire processen wordt de omvang en de ‘controlemix’ van de interne controlewerkzaamheden bepaald. Het is dan ook maatwerk per gemeenschappelijke regeling. Een lage verantwoordingsgrens gecombineerd met hoog risico binnen een proces zal leiden tot diepgaandere controlewerkzaamheden en meer detailwaarnemingen door de VIC3 dan waar een hogere verantwoordingsgrens en lage risico’s gelden.

 

Voor 2025 geldt een verantwoordingsgrens van 1%4, dit is € 740.000 volgens de vastgestelde begroting 2025.

 

Lasten Laborijn totaal incl. dotatie aan reserves

Begroting 2025

Inkomenszekerheid 

€ 30.099.044

Mensontwikkeling

€ 4.633.039

Inburgering

€ 1.300.000

Wsw*

€ 20.202.431

Overhead 

€ 16.948.586

Toevoeging aan reserves

€ 839.308

Totaal

€ 74.022.408

*De directe salarislasten zijn toegerekend aan het programma algemene overhead

 

Inkomenszekerheid

Lasten

 

1e lijns

2e lijns

3e lijns

Risico op onrechtmatigheid

Bijstand

€ 25.315.140

Systeemchecks in suite, functiescheiding, cursussen P-wet, duidelijke beleidsregels

Maand- en kwartaalrapportages,

analyse en bespreking in MT, instructies kwaliteit, data-analyse, controles, collegiale toetsing bij nieuwe medewerkers

IC

Laag

Loonkostensubsidie

€ 3.809.181

Bijzondere bijstand

€ 249.000

Individuele inkomenstoeslag

€ 500.000

Vangnetvoorziening Zelfstandigen

€ 40.000

Individuele Studietoeslag

€ 175.000

Bbz kapitaalverstrekkingen

€ 10.723

€ 30.099.044

 

Mensontwikkeling

Lasten

1e lijns

2e lijns

3e lijns

Risico op onrechtmatigheid

Ontwikkeling inwoners

€ 253.402

Financiële administratie, functiescheiding, budgettering, cijferanalyse, duidelijke beleidsregels

Maand- en kwartaalrapportages,

analyse en bespreking in MT, instructies kwaliteit, data-analyse, controles, collegiale toetsing bij nieuwe medewerkers

IC

Laag

Nieuwe inwoners

€ 578.755

Integrale samenwerking

€ 126.318

Arbeidstoeleiding

€ 1.601.825

Hulpmiddelen en vergoedingen

€ 179.900

Interne klantondersteuning

€ 1.892.839

€ 4.633.039

 

Inburgering

Lasten

1e lijns

2e lijns

3e lijns

Risico op onrechtmatigheid

Leerroutes

€ 800.000

Financiële administratie, functiescheiding, budgettering, cijferanalyse, duidelijke beleidsregels

Maand- en kwartaalrapportages,

analyse en bespreking in MT, instructies kwaliteit, data-analyse, controles, collegiale toetsing bij nieuwe medewerkers

IC

Laag

Maatschappelijke begeleiding

€ 425.000

Onderwijsroute

€ 75.000

€ 1.300.000

 

WSW

Lasten

1e lijns

2e lijns

3e lijns

Risico op onrechtmatigheid

Loonkosten Wsw

€ 17.072.589

Salarisadministratie, controles Visma, standenregister

Financiële administratie, loonwaardemeting, functiescheiding, budgettering, cijferanalyse, beleidsregels

Data-analyse, financiële analyse bij maand- en kwartaalrapportages

Maand- en kwartaalrapportages, analyse en bespreking in MT

Strakke monitoring op DVO

IC

IC

IC

Laag

Laag

Laag

Vervoerskosten Wsw

€ 664.742

Overige kosten Wsw

€ 420.140

Kosten begeleid werken

€ 809.742

Directe productiekosten

€ 28.777

Omzet deel af te dragen aan OIJ

€ 1.206.441

€ 20.202.431

 

Algemene overhead

Lasten

1e lijns

2e lijns

3e lijns

Risico op onrechtmatigheid

Loonkosten

€ 11.517.891

Salarisadministratie, controles Visma, standenregister

Financiële administratie, budgettering, cijferanalyse

Data-analyse, maand- en kwartaalrapportages, cijferanalyse

Maand- en kwartaalrapportages, analyse en bespreking in MT

IC

IC

Laag

Gemiddeld

Overige personeelskosten

€ 703.164

Huisvestingskosten

€ 1.523.006

Facilitaire kosten

€ 591.840

Automatiseringskosten

€ 1.579.481

Algemene kosten

€ 300.143

Incidentele laten

€ 733.061

€ 16.948.586

 

Bij het programma algemene overhead is voor de lasten (m.u.v. de loonkosten) het risico op onrechtmatigheid op gemiddeld ingeschat. Dit houdt verband met het risico op het niet uitvoeren van een Europese aanbesteding terwijl dit wel had gemoeten.

 

3.4 Controlewerkzaamheden per proces

De interne controle richt zich naast de rechtmatigheid op de volgende 3 elementen:

  • 1.

    Opzet van de administratieve organisatie en interne beheersing

    Bij de controle van de opzet van de administratieve organisatie en interne beheersing richt de interne controle zich in eerste instantie op de beschreven werkprocessen en werkinstructies. Tijdens de interne controle worden de werkprocessen doorgenomen en worden de interne beheersingsmaatregelen onderkend. Tijdens het doornemen van de processen zal tevens gekeken worden naar verbetermogelijkheden.

  • 2.

    Bestaan van de administratieve organisatie en interne beheersing

    Bij de controle op het bestaan van de administratieve organisatie en interne beheersing wordt op basis van 1 mutatie het bestaan van het werkproces met interne beheersingsmaatregelen vastgesteld. Door middel van deze controle kan worden vastgesteld of het proces zoals dit beschreven is, wordt nageleefd zoals beschreven en of de interne beheersingsmaatregelen worden vastgelegd zoals beschreven.

  • 3.

    Werking van de administratieve organisatie en interne beheersing

    Bij de controle op de werking van de administratieve organisatie en interne beheersing wordt middels enkele proceduretests gekeken of de interne beheersingsmaatregelen adequaat zijn werk doen. Beoordeeld wordt of afwijkingen worden gesignaleerd en gedane correcties worden vastgelegd.

    Per proces zal tevens het doel, de risico’s, de beheersingsmaatregelen en de inhoud van de interne controle beschreven worden. De controle op schakistbankieren en de renterisiconorm wordt gedaan bij het aangaan van een nieuwe lening.

    In bijlage 4 wordt aangegeven welke processen worden gecontroleerd.

3.5 Planning uitvoering werkzaamheden

Nummer

Proces

Planning

Wie

Rechtmatigheids- verantwoording

1

Uitkeringen:

Bijstandsuitkering, IOAW, IOAZ, Bbz, bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslag en studietoeslag, leefgeldregeling Oekraïne.

Maandelijks

Auditor / Medewerker IC

Ja

2

LKS

Maandelijks

Auditor / Medewerker IC

Ja

3

Detacheringsovereenkomsten, urenverwerking en facturatie detachering

Maandelijks

Auditor / Medewerker IC

Nee

4

Productie WLC

Maandelijks

Auditor / Medewerker IC

Nee

5

Inkoop en Europese aanbestedingen

Ieder kwartaal

Auditor

Ja

6

Betaalproces/prestatieleveringen

Ieder kwartaal

Auditor

Ja

7

In- en uitdiensttreding en salarismutaties

Ieder kwartaal

Auditor

Nee

8

IOP’s

Ieder kwartaal

Auditor

Nee

9

Fiscale wet- en regelgeving

Ieder kwartaal

Auditor

Nee

10

Inburgering

Ieder kwartaal

Auditor

Ja

Opstellen IC-verslag en aanlevering bij concerncontroller

1 maand na afloop kwartaal

Auditor

Nee

 

3.6 Communicatielijnen over de bevindingen en hoe wordt de opvolging bewaakt

Ieder kwartaal wordt het IC-verslag opgesteld door de auditor en aangeleverd bij de concerncontroller en bij het MT. In dit verslag staan de bevindingen van de uitgevoerde IC-werkzaamheden in het afgelopen kwartaal en de opvolging van de bevindingen uit het vorige verslag. Na bespreking in het MT wordt het IC-verslag één keer per halfjaar gedeeld met het DB. De manager dienstverlening en manager bedrijfsvoering zijn verantwoordelijk voor de opvolging van de bevindingen. De auditor bewaakt de opvolging van de bevindingen.

Aldus vastgesteld door het dagelijks bestuur van Laborijn op 29 november 2024.

de secretaris,

J.T. Spruit

de voorzitter,

drs. E.J. Huizinga MBA

Bijlage 1 Interne Controle op de Participatiewet en aanverwante regelingen

 

Voor de externe verantwoording over de rechtmatigheid van de verstrekkingen en ontvangsten van uitkeringsgelden in het kader van de Participatiewet en aanverwante regelingen, worden door de auditor en de medewerker interne controle controles uitgevoerd op de onderstaande regelingen:

 

Gebundelde inkomensbudgetten (BUIG)

  • PW levensonderhoud

  • PW loonkostensubsidie

  • Bbz levensonderhoud

  • IOAW levensonderhoud

  • IOAZ levensonderhoud

Re-integratiebudget

  • Uitgaven re-integratiebudget

Overige regelingen

  • Bijzondere bijstand (controle op de taken die door de gemeenten bij Laborijn zijn ondergebracht)

  • Individuele inkomenstoeslag

  • Individuele studietoeslag

  • Leefgeldregeling Oekraïne (mandaat)

  • Inburgering

Kwaliteit in Controle ( KiC )

De controlewerkzaamheden op de Participatiewet en aanverwante regelingen worden vastgelegd in het controleprogramma KiC van Stimulansz. Het programma bevat standaard en op maat gemaakte normenlijsten aan de hand waarvan de auditor en de medewerker interne controle de controlewerkzaamheden uitvoeren. De vastlegging van de bevindingen en de bewaking op het herstellen van de fouten gebeurt ook in het controleprogramma. Daarnaast worden door het programma, op basis van betaallijsten, aselect de steekproeven getrokken.

 

Steekproefgrootte

De rechtmatigheidscontrole op de Participatiewet en aanverwante regelingen zal uitgevoerd worden op één controlemassa per regeling per gemeente. Door uniformering in procesuitvoering, beleid en richtlijnen is een aparte controle per gemeenten niet noodzakelijk. De steekproefaantallen zijn vastgesteld op basis van de omvang van de geldstromen, de bevindingen uit het verleden en op basis van een globale risico-inschatting.

Bijlage 2 Modelverantwoording rechtmatigheidsverantwoording

 

Verantwoordelijkheid college van burgemeester en wethouders5

De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het college van burgemeester en wethouders toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de raad op <datum> vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht.

 

Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt <x>% (maximaal 3) van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € <x>. De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024.

 

Bevinding

Het college stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen bedrag € <Y> bedraagt. Dit is lager/hoger dan de daarvoor gestelde grens van € <X>. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het college overigens een bedrag van € <Z> acceptabel op basis van door de gemeenteraad vastgestelde afspraken.

 

Optioneel opnemen overzicht paragraaf 4.2.2

 

De geconstateerde afwijkingen betreffen6:

 

 

In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met de raad aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het college ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

Bijlage 3 Begrippen

 

  • Rechtmatigheid: het voldoen aan wet- en regelgeving.

  • Financiële rechtmatigheid: het voldoen aan wet- en regelgeving bij het uitvoeren van financiële beheershandelingen.

  • Afwijkingen: posten die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen (fouten) en posten, waarbij voor het Dagelijks Bestuur een onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid.

  • Fouten: Rechtmatigheidsfouten treden op bij financiële beheershandelingen, waarbij de in het normenkader beschreven wet- en regelgeving niet is nageleefd.

  • Onduidelijkheden: Indien het Dagelijks Bestuur in het kader van de verslaggeving niet kan aangeven of er sprake is van een rechtmatigheidsfout of niet.

  • Begrotingsonrechtmatigheden: Hiervan is sprake als het Dagelijks Bestuur bij de realisatie van doelen en het realiseren van activiteiten afwijkt van de budgetten die door het Algemeen Bestuur zijn vastgesteld. Hiervan is sprake als het lasten- of investeringsbudget is overschreden(a), de baten (opbrengsten) door het doen of nalaten van een financiële beheershandeling lager zijn dan het door de raad vastgestelde budget (b) of voor het door de raad vastgestelde budget minder doelen of activiteiten zijn gerealiseerd dan begroot voor het betreffende budget (c).

  • Getrouwheid: Een oordeel van de accountant over of de informatie juist en toereikend/volledig is. Voorts geschikt is voor het doel waarvoor deze wordt verstrekt. En ten slotte of het bij de volksvertegenwoordigers en de burger (gebruikers van de verantwoording) geen ander beeld oproept, dan overeenkomt met de feiten.

  • Normenkader: Het normenkader voor een rechtmatigheidsverantwoording betreft de inventarisatie van de relevante regelgeving, waaronder die van de betreffende gemeente (zoals verordeningen). De inventarisatie beperkt zich tot regelgeving die relevant is voor financiële beheershandelingen. Het normenkader moet actueel worden gehouden en wordt aangepast op basis van nieuwe wet- en regelgeving. Daarom wordt het elk jaar opnieuw vastgesteld.

  • Rechtmatigheidsverantwoording: de rechtmatigheidsverantwoording wordt een nieuw onderdeel in de jaarrekening, waarin het college vanaf het verslagjaar 2023 aangeeft of er rechtmatigheidsfouten en –onzekerheden waren.

  • Verantwoordingsgrens: de grens waarboven het Dagelijks Bestuur afwijkingen moet melden aan het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur stelt deze verantwoordingsgrens vast met een maximum van 3% van de totale lasten.

  • Misbruik: het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen.

  • Oneigenlijk gebruik: Het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan.

  • Fraude: Dit omvat opzettelijke handelingen door één of meerdere personen binnen de gemeente, waarbij gebruik wordt gemaakt van misleiding teneinde een onrechtmatig of onwettig voordeel te behalen.

Bijlage 4 Uit te voeren controles

 

1. Proces uitkeringen (voorwaardencriterium en juistheid)

Het proces bestaat uit de deelprocessen aanvraag, beheer uitkering (waaronder mutaties, afstemming, boeteproces en het betaalbaar stellen van de uitkering), beëindigingen, terug- en invorderen, verhaal en beheer debiteuren met betrekking tot de uitkeringen en toeslagen van de Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz, bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslag en studietoeslag, leefgeldregeling Oekraïne.

 

Doel:

Het doel van de IC is het vaststellen van de financiële rechtmatigheid en getrouwheid (volledigheid, tijdigheid en juistheid) van de betalingen. Tevens is het doel van de IC het vaststellen van het bestaan, de opzet en de werking van de AO/IB in en om het proces.

 

Risico’s:

  • Uitkeringsgelden worden onrechtmatig verstrekt als gevolg van een foutieve beoordeling van kring van rechthebbenden, voorliggende voorzieningen, ingangsdatum, hoogte norm, vermogen of inkomsten.

  • Er wordt een te hoog of een te laag bedrag aan uitkering verstrekt in de maandelijkse uitkeringsrun.

  • Uitkeringen worden niet of te laat betaalbaar gesteld.

  • Uitkeringen worden op het verkeerde bankrekeningnummer uitbetaald.

  • Wijzigingssignalen (uit wijzigingsformulieren, signaalafhandeling BRP, signaalafhandeling Inlichtingenbureau en overige signalen) worden niet of te laat opgepakt.

  • Inkomsten worden niet of foutief gekort.

  • Terugvorderingsacties worden niet opgestart.

  • Verhaalsacties worden niet opgestart.

  • Besluiten worden niet binnen de wettelijke beslistermijn genomen.

  • Kostenveroordeling op grond van de wet dwangsom, reputatieschade en oninvorderbare vorderingen in verband met ten onrechte verstrekte voorschotten.

Interne beheersingsmaatregelen:

  • De kwaliteit van de uitvoering van nieuwe medewerkers wordt gecontroleerd totdat het akkoord bevonden is dat deze medewerkers het werk goed uitvoeren (1ᵉ).

  • De kwaliteit van de uitvoering van medewerkers wordt periodiek gecontroleerd middels kwaliteitsonderzoeken (1ᵉ).

  • Er wordt actief gewerkt aan scholing van de medewerkers (1ᵉ).

  • Er is binnen de meeste subprocessen functiescheiding aangebracht tussen beschikkende medewerkers en medewerkers die in het uitkeringsdossier registreren (1ᵉ).

  • Er is functiescheiding aangebracht tussen de beschikkende/ registrerende medewerkers en de medewerkers die de uitkeringen/ toeslagen betaalbaar stellen (1ᵉ).

  • Er zijn ondersteunende processen ingericht voor het waarborgen van de signalering van wijzigingen in de BRP en voor de signalering van samenloopsignalen (Inlichtingenbureau) (2ᵉ).

  • Er zijn waarborgen ingericht in het registratiesysteem Suite van Centric, zoals rollentoewijzing, matrix van de normeringen en andere voor het recht belangrijke criteria (bv leeftijd). Er is een goed ingerichte proces- en taakstroomlijning conform de procesbeschrijving in Engage. En er zijn zeer uitgebreide werkinstructies en richtlijnen in het juridisch handboek Schulinck (1ᵉ en 2ᵉ)

  • De uitkeringsadministratie voert een aantal systeemcontroles uit, t.b.v. de juistheid van de boekingen in de betaalrun, voorafgaande aan het aanleveren van de betaalrun aan de boekhouding. Deze systeemcontroles zijn aanvullend op de meldingenlijst die vanuit Suite gegenereerd wordt aan de hand van de ingegeven matrixen (1ᵉ).

Interne verbijzonderde controle:

  • Maandelijkse steekproefcontrole op betaalregels van de diverse uitkeringen. De betaalregels worden gecontroleerd aan de hand van criterialijsten opgesteld door Stimulansz (officieel gecertificeerd). De bevindingen worden geregistreerd in het controleprogramma Kwaliteit in Controle (KiC) van Stimulansz.

    Voor 2025 is gekozen om de volgende aantallen te hanteren op jaarbasis:

    PW

    Doetinchem: 80

    Aalten: 24

    In totaal: 104

    IOAW

    Doetinchem: 4

    Aalten: 2

    In totaal: 6

    IOAZ

    Doetinchem: 3

    Aalten: 1

    In totaal: 4

    Bbz

    Doetinchem: 2

    Aalten: 1

    In totaal: 3

  • Verdiepingscontrole bij signalering van financiële fouten of onzekerheden voortkomend uit onderzoeken van de interne controle, kwaliteit, bezwaar en beroep of op verzoek van de leidinggevende.

  • Steekproefcontrole bij de processen waar functiescheiding tussen beschikken en registreren in het uitkeringsdossier niet middels rollentoewijzing is gewaarborgd. (Dit betreft het proces “aanvraag individuele inkomenstoeslag”)

  • Controle op de signaalafwikkeling van 30 signalen van het Inlichtingenbureau.

  • Controle op de signaalafwikkeling van 30 signalen vanuit de BRP-koppeling.

  • De openstaande debiteuren, buiten invordering stellingen en correcties op de vorderingen worden elk kwartaal integraal gecontroleerd.

2. Verstrekking forfaitaire en langdurige loonkostensubsidies (voorwaardencriterium)

Doel:

Het vaststellen dat de forfaitaire en langdurige loonkostensubsidies (LKS) rechtmatig en doelmatig worden verstrekt en het vaststellen van opzet, bestaan en werking van de AO/IB in en om het proces.

 

Risico’s:

  • De LKS wordt verstrekt zonder beschikking (onrechtmatig).

  • De langdurige LKS wordt verstrekt zonder een loonwaardemeting middels Competensys uit te voeren (onrechtmatig).

  • De LKS wordt onterecht verstrekt (doelmatig).

  • Er wordt een foutief subsidiebedrag aan LKS betaald (meer/ minder betalen dan in de beschikking staat of betalen terwijl er sprake is van ziekteverzuim of betalen terwijl er sprake is van beëindiging werkzaamheden)

  • De loonkostensubsidie wordt langer verstrekt dan volgens de beschikking is bepaald.

  • De beschikking van de loonkostensubsidie wordt ondertekend door een niet bevoegde functionaris.

  • De loonwaardemeting wordt uitgevoerd door een niet gecertificeerde medewerker.

  • De langdurige LKS vindt wordt niet geregistreerd in de activiteiten in Suite4werk (financieel).

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Registratie van de afgegeven loonkostensubsidies met bijbehorende looptijd in Suite en het actueel houden hiervan (1ᵉ).

  • Monitoren of de werkelijke uitgaven in lijn liggen met de aangegane verplichting (2ᵉ).

  • De nieuwe Suite-inrichting heeft meer waarborgen, zoals het ophogen van de subsidie bij indexering WML of WML-stijging door leeftijdsverandering, blokkade bij einde subsidietijdvak (2ᵉ).

Interne verbijzonderde controle:

Jaarlijks wordt vanuit de in Suite geregistreerde activiteiten langdurige LKS van 27 betaalde bedragen (12 voor Aalten en 15 voor Doetinchem) nagaan of:

  • er een Competensys loonwaardemeting is uitgevoerd en of aan de voorwaarden is voldaan voor het toekennen van een langdurige LKS

  • de Competensys loonwaardemeting door een gecertificeerde medewerker is uitgevoerd

  • de loonwaarde correct is vastgesteld

  • de uitbetaalde bedragen overeenkomen met de bedragen en looptijd uit de beschikking

  • de beschikking is getekend door de bevoegde functionaris

  • de langdurige LKS beschikkingen die verlengd gaan worden zijn opgeboekt middels een werkproces in Suite

3. Detacheringsovereenkomsten, urenverwerking detacheringen en facturatie detacheringen (volledigheid)

Doel:

Het doel van de interne controle is:

  • het nagaan of de detacheringsovereenkomsten volledig, correct en tijdig zijn opgesteld

  • het vaststellen van de juiste verwerking van de urensheets

  • het vaststellen van de volledigheid van de opbrengsten van de detacheringen aan de hand van de verwerkte urensheets

  • het vaststellen van opzet, bestaan en werking van de AO/IB in en om het proces

Risico’s:

  • Nieuwe detacheringen worden niet of niet tijdig doorgegeven aan de administratie waardoor er geen detacheringsovereenkomst opgesteld wordt en er niet gefactureerd wordt.

  • De detacheringsovereenkomsten zijn onvolledig waardoor afspraken niet worden nagekomen.

  • De afspraken staan niet juist in de detacheringsovereenkomsten waardoor de verkeerde prijzen worden gefactureerd.

  • Detacheringsovereenkomsten worden niet getekend.

  • Detacheringsovereenkomsten worden niet (op tijd) verlengd.

  • Detacheringsovereenkomsten lopen onterecht door onder verkeerde condities.

  • Urensheets worden niet ontvangen waardoor er niet of niet tijdig gefactureerd kan worden (volledigheid).

  • Urensheets worden wel ontvangen maar worden niet juist verwerkt.

  • De detacheringstarieven zijn verkeerd overgenomen op de urensheets.

  • De prijsindexaties worden niet juist verwerkt op de urensheets.

  • Afspraken die zijn gemaakt over verwerking van pauze-, stilstand- en overwerkuren worden niet correct verwerkt.

  • Niet alle gewerkte uren worden gefactureerd.

  • Niet voor alle gedetacheerden wordt een factuur gestuurd.

  • De gewerkte uren worden tegen een te laag tarief gefactureerd.

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Er is functiescheiding tussen het opstellen van de detacheringsovereenkomsten en de controle van de detacheringsovereenkomsten (1ᵉ).

  • Er is functiescheiding tussen de registratie van de uren, de controle op de uren en de facturatie van de uren door Administratie Werk en het verwerken van de ontvangsten door Financiën (1ᵉ).

  • Er is functiescheiding tussen de verwerking van tariefswijzigingen en afspraken over de verwerking van pauze-, stilstand- en overwerkuren op de urensheets en de controle hiervan.

  • De contracten van de groepsdetacheringen zijn opgeslagen op Labobrein en de contracten van de individuele detacheringen zijn in Visma opgeslagen. Hierdoor zijn de contracten goed toegankelijk voor de medewerkers van de administratie (1ᵉ).

  • Er wordt maandelijks een herrineringsmail naar de inleners gestuurd waarin gevraagd wordt om de uren van de afgelopen maand aan te leveren (1ᵉ).

  • Er vindt maandelijks een omzetvergelijking per bedrijf plaats. Afwijkingen worden besproken en verklaard (2ᵉ).

  • Maandanalyse van verantwoorde omzet en begrote omzet van de groepsdetacheringen per klant (2ᵉ).

  • Bij naderend einde looptijd contract wordt een signaal aan de accountmanager gegeven via Visma zodat deze tijdig vernieuwd kan worden.

Interne verbijzonderde controle:

  • Maandelijks wordt een steekproef getrokken van 5 individueel gedetacheerde medewerkers en 5 medewerkers die in een groepsdetachering gedetacheerd zijn. Van deze 10 medewerkers wordt gecontroleerd:

    • of de detacheringsovereenkomsten volledig, nog actueel en getekend zijn.

    • of de jaarlijkse indexering van het uurtarief juist is toegepast.

    • of de ontvangen urenbriefjes van deze medewerkers juist en volledig verwerkt zijn.

    • of de urenbriefjes tegen het juiste tarief en in overeenstemming met de gewerkte uren gefactureerd zijn.

    • of de verlofuren en ziekteuren juist geregistreerd zijn in Visma.

4. Productie werk-leercentrum (WLC) (volledigheid)

Doel:

Het vaststellen dat de omzet intern werk volledig wordt verantwoord en het vaststellen van opzet, bestaan en werking van de AO/IB in en om het proces.

 

Risico’s:

  • Het werk wordt uitgevoerd maar er wordt geen of een te lage omzet gefactureerd (volledigheid en fraude risico).

  • Er is geen goede registratie van prijsafspraken waardoor niet te achterhalen is wat de afgesproken prijs is met als risico dat “buiten de boeken om” iets afgesproken wordt (financieel en fraude risico).

  • Orders worden niet tijdig geleverd (financieel).

Interne beheersingsmaatregelen:

  • De opdrachten zijn vastgelegd in een contractenregister (1ᵉ).

  • De kostprijsberekening wordt bekeken voordat de prijs definitief wordt afgesproken. Indien de accountmanager een lagere prijs wil afspreken dan de kostprijsberekening wordt dit ter accordering voorgelegd aan de manager (1ᵉ).

  • Er vindt een controle plaats tussen de aantallen genoemd in de overeenkomst en de geleverde aantallen en dit wordt zichtbaar vastgelegd (1e).

  • Er is een zichtbare controle tussen de geleverde aantallen (afleverbon) en de gefactureerde aantallen (1ᵉ).

  • Er is functiescheiding tussen de functionaris die de voorwaarden van de overeenkomst bepaalt en de kostprijsberekening uitvoert, de werkelijke uitvoering van de werkzaamheden, de facturatie en de registratie van de ontvangsten (1ᵉ)

  • Interne verbijzonderde controle:

  • Per kwartaal wordt gecontroleerd of alle orders leiden tot een factuur.

  • Per kwartaal wordt van 4 orders (12 per jaar) nagegaan of de offerte/opdracht aanwezig is, of de offerte/opdracht door een bevoegde functionaris van Laborijn en door de klant getekend is, of de juiste prijs is doorberekend, of er een afleverbon aanwezig is en of de hoeveelheden op de afleverbon overeenkomen met de factuur.

5. Inkopen en (Europese) aanbestedingen (juistheid, volledigheid en rechtmatigheid) inclusief de interne controle op het intern inkoopbeleid

Doel:

Het doel van de IC is het vaststellen van de betrouwbaarheid (juistheid en volledigheid) en rechtmatigheid van de bestedingen en het vaststellen van opzet, bestaan en werking van de AO/IC in en om het proces inkopen.

 

Risico’s:

  • De selectie van opdrachtgevers/bestelling vindt niet onafhankelijk plaats. Er ontstaat een schijn van belangenverstrengeling. Er worden privé-uitgaven ten laste van de organisatie worden gebracht. (Misbruik en oneigenlijk gebruik)

  • Bestellingen worden aangegaan door niet gemandateerde medewerkers.

  • Facturen worden ten onrechte (juistheid & rechtmatigheid) geboekt en betaald (bijv. dubbel).

  • Facturen worden ten onrechte in het verslagjaar geboekt (opmaken van budgetten) of juist in het nieuwe jaar (budget was op).

  • Onrechtmatige Europese aanbestedingen: Het risico dat de Europese regelgeving t.a.v. aanbestedingen niet wordt nageleefd (rechtmatigheid). Dit risico is met name aanwezig bij diensten en leveringen omdat de drempelbedragen voor Europese aanbesteding daar relatief laag zijn.

  • De inkoopprocedure is niet helder of bekend.

  • Het interne inkoopbeleid wordt niet nageleefd.

  • Afgewezen offertes worden niet centraal opgeslagen.

  • Contracten worden door diverse medewerkers aangegaan en er wordt geen overzicht van alle lopende contracten en de termijnen bijgehouden (volledigheid middels contractenregister).

  • Risico's zoals de aansprakelijkheid van partijen worden niet of onvoldoende contractueel afgedekt.

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Er zijn controle technische functiescheidingen tussen het aangaan van een verplichting (inkoop), de ontvangst van de goederen (magazijn), het scannen/ vastleggen van facturen (financiën), het coderen van facturen (financiën), de prestatieverklaring (manager) en de betaling van de facturen (1ᵉ en 2ᵉ autorisatie BNG).

  • Alleen facturen die op naam zijn gesteld van Laborijn worden ingescand en een routing meegegeven.

  • Bij Europese aanbestedingen wordt veelal de samenwerking gezocht met Cedris.

Interne verbijzonderde controle:

  • Om de Europese aanbestedingen te controleren wordt elk kwartaal een spendanalyse opgesteld waarbij een selectie gemaakt wordt van de leveranciers waarvan de uitgaven over een periode van 4 jaar boven de Europese aanbestedingsgrens komen. Van deze leveranciers worden de onderliggende contracten opgezocht en wordt bepaald of de EU-aanbestedingsrichtlijnen worden nageleefd (rechtmatigheid).

  • Van alle nieuwe Europese aanbestedingen wordt gecontroleerd of de aanbestedingsprocedure juist gevolgd is en of alle stukken van de aanbesteding aanwezig zijn.

  • Van aanbestedingen waarvan meerdere offertes aanwezig zouden moeten zijn wordt gecontroleerd of deze gearchiveerd zijn (rechtmatigheid en naleving procedures).

  • Er wordt beoordeeld of de verplichtingen volledig zijn aan de hand van de financiële administratie en of de termijnen worden bewaakt.

  • Van 60 inkoopfacturen per jaar wordt beoordeeld of de juiste aanbestedingsprocedure is gevolgd, of er voldoende functiescheiding is aangebracht tussen het aangaan van de verplichting en het accorderen van de prijs/prestatie, of de prestatie geleverd is, of de factuur voldoet aan de btw eisen en of de btw juist geboekt is.

6. Betaalproces/ prestatielevering

Doel:

Het doel van de IC is het vaststellen van de juistheid, tijdigheid en volledigheid van het proces van betalingen en het vaststellen van opzet, bestaan en werking van de AO/IB in en om het betaalproces.

 

Risico’s:

  • Betalingen worden dubbel uitgevoerd (frauderisico).

  • Betalingen worden niet tijdig uitgevoerd (tijdigheid).

  • Betalingen worden gedaan naar een verkeerd bankrekeningnummer (frauderisico).

  • Er worden facturen betaald waarover geen overeenstemming bestaat tussen de factuur en de geleverde prestaties. Hieronder valt ook het risico van een valse factuur die aan Laborijn wordt gestuurd en betaald wordt of het risico dat ambtenaren privé-uitgaven ten laste van Laborijn brengen.

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Systeemcontrole BNG-bank bij invoer betaalbatch die al eerder is ingevoerd.

  • Functiescheiding tussen het aangaan van de verplichting, het accorderen van de geleverde prestatie, het accorderen van de inkoopfactuur, het verwerken van de inkoopfactuur en het betaalbaar stellen van de inkoopfactuur.

  • Betaling moeten in het bankpakket door 2 medewerkers geautoriseerd worden.

  • Van de gemuteerde crediteur stambestand gegevens wordt een mutatieoverzicht uitgedraaid en geaccordeerd door een medewerker van financiën.

Interne verbijzonderde controle:

  • Per jaar wordt van 60 facturen de prestatielevering gecontroleerd.

7. In- en uitdiensttreding Wsw , ambtelijk en overige doelgroepen (getrouwheid)

Doel:

Het doel van de IC is het vaststellen van de juiste verwerking van de in- en uitdiensttreding van Wsw medewerkers, medewerkers die onder Cao Aan de slag vallen en ambtelijk personeel (juistheid en volledigheid) en het vaststellen van opzet, bestaan en werking van de AO/IB in en om het proces van in- en uitdiensttreding.

 

Risico’s:

  • De personeelsdossiers zijn niet volledig/voldoen niet aan de eisen (rechtmatigheid).

  • Het salaris wordt onjuist of te lang doorbetaald (juistheid en volledigheid).

  • Medewerkers zijn niet of onvoldoende voorgelicht.

  • Het verkeerde salaris (schaal en/of periodiek) wordt verloond.

  • De premiepercentages in Visma zijn onjuist waardoor deze verkeerd worden doorgerekend in de loonstroken.

  • Salarismutaties worden niet juist of onvolledig verwerkt.

  • Er wordt salaris uitbetaald aan medewerkers die niet meer in dienst zijn.

  • Medewerker worden niet tijdig aan- en afgemeld bij het pensioenfonds (PKWI/ABP).

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Functiescheiding tussen aanstellen/ontslaan van medewerkers (manager/algemeen directeur), het registreren van de personeelsgegevens en salarisgegevens in Visma (HRM administratie), en het controleren van de salarisgegevens (salarisadministrateur) (1ᵉ)

  • Personeelsdossiers worden digitaal bijgehouden in Visma. Hierin zitten invoercontroles zodat de invoer van minimale gegevens gewaarborgd is (volledigheid) (1ᵉ).

  • Bij in- en uitdiensttreding wordt gewerkt met checklists van te bespreken onderwerpen (1ᵉ).

  • Er vindt een controle plaats op invoer van de salarisgegevens door iemand anders dan degene die de salarisgegevens invoert.

  • Er is functiescheiding tussen het aanmaken van een nieuwe medewerker en het invoeren van de salarisgegevens in Visma (HRM) en de controle op de salarisgegevens (salarisadministratie).

  • De salarisadministratie mag enkel salarisgegevens muteren na schriftelijke accordering HRM-adviseur.

  • Significante afwijkingen die voortkomen uit de analyse standenregister worden gecontroleerd en ter accordering afgetekend

  • De invoer van de premies in Visma geschiedt door de applicatiebeheerder in samenwerking met financiën.

  • Er wordt per dossier gewerkt met checklists, die zichtbaar worden gebruikt en getekend indien alle stappen zijn afgerond.

Interne verbijzonderde controle:

  • Van 12 in dienst getreden Wsw-medewerkers of medewerkers die onder Cao Aan de Slag vallen wordt integraal het personeelsdossier doorgelopen op volledigheid en juistheid. Daarnaast wordt gecontroleerd of de invoer in de salarisadministratie heeft geleid tot een juiste salarisstrook en wordt de aanmelding bij het pensioenfonds gecontroleerd.

  • Van 12 in dienst getreden ambtelijk medewerkers wordt integraal het personeelsdossier doorgelopen op volledigheid en juistheid. Daarnaast wordt gecontroleerd of de invoer in de salarisadministratie heeft geleid tot een juiste salarisstrook en wordt de aanmelding bij het pensioenfonds gecontroleerd.

  • Van 12 Wsw-medewerkers of medewerkers Cao Aan de Slag die uit dienst gaan wordt gecontroleerd of deze ook uitgeschreven zijn uit Visma en geen salaris meer ontvangen. Daarnaast wordt ook de afmelding bij het pensioenfonds gecontroleerd.

  • Van 12 ambtelijke medewerkers die uit dienst gaan wordt gecontroleerd of deze ook uitgeschreven zijn uit Visma en geen salaris meer ontvangen. Daarnaast wordt ook de afmelding bij het pensioenfonds gecontroleerd.

  • De handmatig ingevoerde premies in Visma worden periodiek gecontroleerd.

  • Per jaar wordt van 16 salarismutaties beoordeeld of deze juist doorgevoerd zijn in de loonstrook.

  • Maandelijks worden de loonstroken van de applicatiebeheerders en salarisadministrateurs die salarisgegevens in Visma kunnen muteren integraal gecontroleerd

8. Individueel Ontwikkel Plan (IOP) voor de Wsw

Doel:

Het vaststellen dat er voor iedere Wsw-medewerker een (actueel) IOP is en dat de ontwikkelingsafspraken zijn vastgelegd in dit plan.

 

Risico’s:

  • Er wordt niet gewerkt aan de ontwikkeling van een Wsw-medewerker waardoor deze medewerker onnodig lang intern werkt

  • Er kan niet worden voldaan aan de verplichting uit artikel 9 van de cao Sw

  • Interne beheersingsmaatregelen:

  • In de maandrapportages wordt periodiek gerapporteerd over de aantallen uitgevoerde IOP’s (2ᵉ)

  • Interne verbijzonderde controle:

  • Van 12 Wsw-medewerkers wordt beoordeeld of er een IOP is en of deze inhoudelijk gaat over de ontwikkeling van de Wsw-medewerker.

9. Interne controle op fiscale wet- en regelgeving

Doel:

Het doel van de interne controle is vaststellen dat de werkzaamheden om te komen tot een correcte belastingaangifte zijn uitgevoerd. Daarnaast beoogt de interne controle te beoordelen of Laborijn aan de eisen voldoet die zijn gesteld bij het Horizontaal Toezicht convenant.

 

Risico’s:

  • De tarieven van de loonheffing en pensioenpremies worden niet correct ingevoerd.

  • De afspraken in het horizontaal toezicht convenant worden niet nagekomen.

  • De doorschuifregeling wordt niet correct uitgevoerd.

  • Dat Laborijn onbewust VPB plichtig is geworden omdat we niet meer voldoen aan de SW-vrijstelling.

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Goed geschoolde mensen bij het team financiën en de salarisadministratie (1ᵉ).

  • Het standenregister wordt bijgehouden (1ᵉ).

  • Er is functiescheiding tussen het aanmaken, muteren, controleren, journaliseren en betalen (1ᵉ).

  • Er vindt een jaarlijkse afstemming tussen financiën en concerncontrol plaats met betrekking tot de laatste btw-aangifte van het boekjaar (2ᵉ).

  • De fiscale risico’s zijn goed in beeld (2ᵉ).

Interne verbijzonderde controle:

  • De fiscale controlewerkzaamheden zoals opgenomen in het HT-convenant worden uitgevoerd. Deze zien met name op opzet, bestaan en werking van het proces om te komen tot een correcte belastingaangifte (BTW en loonheffing).

  • Jaarlijkse wordt gecontroleerd of we nog voldoen aan de SW-vrijstelling voor de VPB-belasting.

  • Jaarlijks wordt van 60 verkoopfacturen gecontroleerd of de factuur voldoet aan de btw eisen en of de btw juist geboekt is.

10. Inburgering

Doel:

Het doel van de interne controle is om vast te stellen dat de inburgering binnen de wettelijke termijn van 3 jaar (tijdigheid) op alle onderdelen volledig is afgerond (volledigheid) en dat de kosten overeenkomen met wat opgenomen is in het PIP.

 

Risico’s:

  • De brede intake en het opstellen van het persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP) worden niet binnen de wettelijke termijn uitgevoerd.

  • De onderdelen van het inburgeringstraject (participatieverklaringstraject, de leerroute en de module arbeidsmarkt en participatie) worden te laat afgerond waardoor de wettelijke termijn van 3 jaar niet gehaald wordt.

  • Er wordt niet tijdig een verlenging van de inburgeringstermijn aangevraagd voor de inburgeraars waarvoor dit mogelijk is.

  • De vorderingen van de inburgeraar worden niet goed bijgehouden in DUO waardoor Laborijn mogelijk SPUK-gelden misloopt.

Interne beheersingsmaatregelen:

  • Er worden ten minste twee voortgangsgesprekken per jaar gevoerd met de inwoner (1ᵉ).

  • Er worden cultuurvertalers ingezet om de taal- en cultuurbarrière te overbruggen (1ᵉ).

  • De voortgang van de inburgeringstrajecten wordt gemonitord op Tableau (2ᵉ).

Interne verbijzonderde controle:

  • Van 30 inburgeraars per jaar wordt gecontroleerd of de PIP binnen de wettelijke termijn is opgesteld, of de inburgering binnen de wettelijke termijn is afgerond, of de leverancier van het inburgeringsexamen/zelfredzaamheidsroute gecertificeerd is en of de factuur binnen het PIP valt.

Bijlage 5 Inleeskalender 2025

 

De aantallen in onderstaande tabel worden na afloop van de periode ingelezen.

Controles

Januari

Februari

Maart

April

Mei

Juni

Juli

Augustus

September

Oktober

November

December

Totaal

BBZ

A

1

3

D

1

1

BRP-koppeling

3

3

3

3

3

3

2

2

2

2

2

2

30

Btw-afdracht

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

60

Europese aanbestedingen

Integraal

Inburgering

A

3

3

3

30

D

7

7

7

Personeel in dienst

Ambtelijk

3

3

3

3

24

WSW / cao aan de slag

3

3

3

3

Personeel uit dienst

Ambtelijk

3

3

3

3

24

WSW / cao aan de slag

3

3

3

3

Individuele inkomenstoeslag

A

1

1

1

1

8

D

1

1

1

1

Individuele ontwikkelingsplannen

3

3

3

3

12

Inkoopfacturen (incl. btw en prestatielevering)

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

60

IOAW

A

1

1

6

D

1

1

1

1

IOAZ

A

1

4

D

2

1

Leefgeld Oekraïne

A

1

1

1

1

8

D

1

1

1

1

Oekraïne eigen bijdrage

A

1

1

1

1

8

D

1

1

1

1

Loonkostensubsidie

A

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

27

D

2

2

2

1

1

1

1

1

1

1

1

1

Ontvangsten debiteuren

A

1

1

6

D

1

1

1

1

Participatiewet

A

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

104

D

8

8

7

7

7

7

6

6

6

6

6

6

Productie WLC

4

4

4

4

16

Re-integratievoorziening

A

1

1

1

1

12

D

2

2

2

2

Salarismutaties (componenten)

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

12

Salarismutaties (contract)

1

1

1

1

4

Signalen inlichtingenbureau

3

3

3

3

3

3

2

2

2

2

2

2

30

Studietoeslag

A

1

1

1

1

8

D

1

1

1

1

Urenverwerking en facturatie groepsdeta’s

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

60

Urenverwerking en facturatie individuele deta’s

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

60

Naar boven