Subsidieregeling ten behoeve van reizigers in Zaanstreek-Waterland 2025-2026

 

Het dagelijks bestuur van de Vervoerregio Amsterdam;

gelet op artikel 2.1, vijfde lid, van de Subsidieverordening Wet personenvervoer 2000 (2019), zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van de regioraad van de Vervoerregio Amsterdam op 10 december 2019;

besluit vast te stellen de

 

Subsidieregeling ten behoeve van reizigers in Zaanstreek-Waterland 2025-2026

 

Artikel 1 BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN

In deze regeling wordt verstaan onder:

 

concessiebesluit: het besluit van het dagelijks bestuur gedateerd 23 juni 2022 en genaamd “Concessiebesluit betreffende het Openbaar Vervoer in de Concessie Zaanstreek-Waterland 2024”, inclusief bijlagen;

 

concessiehouder: EBS Public Transportation B.V.;

 

dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de Vervoerregio Amsterdam, als bedoeld in artikel 16, onder b, van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam;

 

gemeente: ieder van de volgende gemeenten: Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad;

 

programma van eisen: het op 23 juni 2022 door het dagelijks bestuur vastgestelde programma van eisen “Concessie Zaanstreek-Waterland 2024”, inclusief bijlagen, dat onderdeel uitmaakt van het concessiebesluit;

 

concessiegebied Zaanstreek-Waterland: het gebied dat de gemeenten Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad omvat, met inbegrip van de “uitlopers” zoals beschreven in het programma van eisen;

 

subsidieverordening: Subsidieverordening Wet personenvervoer 2000 (2019);

 

Vervoerregio Amsterdam: de publiekrechtelijke rechtspersoon die is ingesteld krachtens de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam.

Artikel 2 TOEPASSINGSBEREIK

Het bepaalde in deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op de subsidieverstrekking door het dagelijks bestuur voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.

Artikel 3 ACTIVITEITEN

Subsidie wordt uitsluitend verstrekt ten behoeve van activiteiten die ten goede komen aan reizigers in het concessiegebied Zaanstreek-Waterland.

Artikel 4 DOELGROEP: SUBSIDIEAANVRAGER EN SUBSIDIEONTVANGER

Subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd door een gemeente die een project of actie wil initiëren, eventueel gezamenlijk met (een) andere gemeente(n).

Artikel 5 DE SUBSIDIE
  • 1

    De subsidie bevat de aanspraak op financiële middelen voor de activiteiten zoals bedoeld in artikel 3.

  • 2

    De hoogte van de subsidie wordt bepaald aan de hand van de naar het oordeel van het dagelijks bestuur redelijk gemaakte werkelijke kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van de activiteiten zoals bedoeld in artikel 3.

  • 3

    De beschikking voor subsidieverlening bevat ten minste een beschrijving van de activiteiten, de hoogte van de subsidiabele kosten en de planning van de activiteiten.

Artikel 6 SUBSIDIEPLAFOND

  • 1

    Voor aanvragen op grond van deze subsidieregeling is vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot en met 31 december 2026 per gemeente een subsidieplafond van toepassing.

  • 2

    Het subsidieplafond per gemeente is als volgt vastgesteld:

Gemeente

Bedrag

Edam-Volendam

€ 232.777

Landsmeer

€ 73.528

Oostzaan

€ 61.125

Purmerend

€ 600.075

Waterland

€ 110.503

Wormerland

€ 104.367

Zaanstad

€ 1.017.626

  • 3

    Subsidie wordt slechts verleend onder de voorwaarde dat het subsidieplafond per gemeente niet wordt overschreden.

Artikel 7 AANVRAAG VOOR SUBSIDIEVERLENING

  • 1

    Een aanvraag om een beschikking voor subsidieverlening wordt schriftelijk ingediend bij het dagelijks bestuur, met gebruikmaking van het door het dagelijks bestuur vastgestelde formulier.

  • 2

    Aanvragen kunnen tot en met 31 december 2026 worden ingediend.

  • 3

    Aan één gemeente kunnen meerdere subsidies worden verstrekt zolang het onder artikel 6, tweede lid, genoemde subsidieplafond voor die gemeente niet wordt overschreden.

  • 4

    In geval van een gezamenlijke aanvraag treedt een van de gemeenten op als penvoerder.

  • 5

    Bij de aanvraag verstrekt de subsidieontvanger de volgende gegevens:

    a. een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

    b. een onderbouwing van de kosten dan wel begroting van de activiteiten, ter beoordeling van de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 5, tweede lid, en artikel 9;

    c. een onderbouwing in hoeverre aan de toetsingscriteria van artikel 8, tweede lid, wordt voldaan;

    d. eventuele andere gegevens waarvan het dagelijks bestuur het noodzakelijk acht dat zij in het kader van de aanvraag worden verstrekt.

    Bij ontbreken van deze gegevens kan het dagelijks bestuur besluiten om de aanvraag niet te behandelen op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht.

  • 5

    Het dagelijks bestuur besluit binnen tien weken op de aanvraag. Het dagelijks bestuur kan deze termijn met zes weken verlengen.

Artikel 8 WIJZE VAN VERDELING

  • 1

    Honorering van aanvragen die in aanmerking komen voor subsidie en die niet worden geweigerd, geschiedt totdat het voor de betrokken gemeente vastgestelde subsidieplafond, zoals genoemd in artikel 6, tweede lid, is bereikt.

  • 2

    Toetsingscriteria

    a. de activiteit komt ten goede aan de reiziger in het concessiegebied Zaanstreek-Waterland;

    b. zoveel mogelijk reizigers hebben baat bij de activiteit;

    c. de activiteit is gerelateerd aan het busvervoer in de gemeente(n);

    d. de activiteit valt niet reeds onder een verplichting van de concessiehouder op grond van het concessiebesluit, waaronder het programma van eisen;

    e. de activiteit is nieuw en valt niet reeds onder de reguliere taken van de subsidieontvanger;

    f. met de activiteit is een éénmalige uitgave gemoeid;

    g. de subsidieontvanger heeft overleg gehad met de concessiehouder over de uitvoerbaarheid van de activiteit;

    h. de uitvoering van de activiteit is vóór 1 januari 2028 afgerond.

Artikel 9 KOSTEN DIE VOOR SUBSIDIE IN AANMERKING KOMEN

  • 1

    Voor subsidie komen in aanmerking de naar het oordeel van het dagelijks bestuur redelijk gemaakte werkelijke kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van de activiteit als bedoeld in artikel 3.

  • 2

    De in het eerste lid bedoelde kosten zijn in ieder geval:

    a. de kosten voor de uitvoering van de activiteit;

    b. organisatiekosten;

    c. kosten voor marketing en communicatie.

  • 3

    Niet voor subsidie komen in aanmerking:

    a. de kosten voor de verwerving van de subsidie;

    b. de te betalen of reeds betaalde omzetbelasting over de activiteiten.

Artikel 10 AANVULLENDE WEIGERINGSGRONDEN

Een aanvraag om een beschikking voor subsidieverlening kan worden geweigerd als:

a. de kosten naar het oordeel van het dagelijks bestuur niet redelijk zijn;

b. de aanvraag niet voldoet aan de in artikel 7, vijfde lid, van deze subsidieregeling genoemde vereisten;

c. er gegronde redenen bestaan aan te nemen dat de subsidieontvanger niet aan de voorwaarden, verplichtingen en bepalingen van deze regeling zal voldoen;

d. de activiteiten niet passen binnen de beleidsdoelstellingen van de Vervoerregio Amsterdam.

Artikel 11 VASTSTELLING

  • 1

    Subsidieontvanger dient vóór 1 juni volgend op het jaar waarin de activiteit is afgerond een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in, bestaande uit:

    a. een inhoudelijk verslag;

    b. een financieel verslag.

  • 2

    In afwijking op artikel 5 van de subsidieverordening hoeft subsidie tot € 50.000,- niet te worden verantwoord.

  • 3

    Binnen vier maanden na ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling beslist het dagelijks bestuur over de subsidievaststelling.

  • 4

    Indien de subsidieontvanger niet vóór de in het eerste lid genoemde datum een aanvraag heeft ingediend, kan het dagelijks bestuur de subsidie ambtshalve vaststellen.

Artikel 12 OVERIGE VERPLICHTINGEN

  • 1

    De subsidieontvanger verleent op verzoek van het dagelijks bestuur medewerking aan openbaarmaking van de gegevens en de resultaten van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt.

  • 2

    De subsidieontvanger is verplicht de op de subsidie betrekking hebbende administratie en de daarbij behorende stukken tot zeven jaar na de subsidievaststelling te bewaren.

Artikel 13 BEVOORSCHOTTING

  • 1

    Het dagelijks bestuur kan op verzoek voorschotten verstrekken voor een subsidie die nog niet is vastgesteld.

  • 2

    Het voorschot bedraagt maximaal 100% van de hoogte van de subsidie.

  • 3

    Betaling van het voorschot vindt plaats zoals is bepaald in de beschikking tot subsidieverlening.

Artikel 14 SLOTBEPALINGEN

  • 1

    Deze subsidieregeling treedt in werking na bekendmaking in het Blad Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam.

  • 2

    Deze subsidieregeling vervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verstrekt.

  • 3

    Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling ten behoeve van reizigers in Zaanstreek-Waterland 2025-2026.

 

Het dagelijks bestuur van de Vervoerregio Amsterdam

Namens deze,

 

G. Slegers

Lid van het dagelijks bestuur

30 september 2025

Bijlage TOELICHTING

ALGEMENE TOELICHTING

Het dagelijks bestuur van de Vervoerregio Amsterdam heeft EBS een boete van € 2,2 miljoen opgelegd vanwege de prestaties tijdens de implementatie en de eerste maand van uitvoering van de concessie Zaanstreek-Waterland, die eind 2023 is ingegaan. Het dagelijks bestuur heeft daarbij besloten dat de boete ten goede moet komen aan de reiziger in het concessiegebied Zaanstreek-Waterland.

Om duidelijk te krijgen wat de wensen voor besteding van de boete zijn, is advies gevraagd aan de Reizigersadviesraad (RAR) en de Adviescommissie Zaanstreek-Waterland. De Adviescommissie heeft geadviseerd het geld naar rato van het aantal inwoners te verdelen over de gemeenten in Zaanstreek-Waterland. Dit met het doel de gemeenten zelf te laten beslissen over hoe zij geld het beste kunnen inzetten om reizigers tegemoet te komen. Het dagelijks bestuur heeft dit advies opgevolgd en de ideeën van de RAR over de besteding van de boete als suggesties aan de gemeenten meegegeven. Ook is gewezen op de suggesties die zijn gedaan vanuit het Reizigersparlement van EBS.

De gemeenten kunnen op basis van deze subsidieregeling aanspraak maken op subsidie voor een activiteit die ten goede komt aan reizigers in het concessiegebied Zaanstreek-Waterland.

 

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING

 

Artikel 4 Doelgroep: subsidieaanvrager en subsidieontvanger

Iedere gemeente kan zelf subsidie aanvragen maar gemeenten kunnen er ook voor kiezen gezamenlijk met (een) andere gemeente(n) een subsidieaanvraag te doen. Bijvoorbeeld wanneer zij gezamenlijk een project of actie willen starten. Dit beperkt de administratieve lasten van het subsidieproces.

 

Artikel 6 Subsidieplafond

Het beschikbare bedrag van € 2,2 miljoen is onderverdeeld naar rato van het inwonertal van de gemeenten in Zaanstreek-Waterland met een peildatum van 1 januari 2024. Daarmee is de verdeling van het boetegeld over de verschillende gemeenten als volgt:

GEMEENTE

INWONERTAL

PERCENTAGE

SUBSIDIEPLAFOND

Wormerland

16552

4,74

€ 104.367,37

Zaanstad

161389

46,26

€ 1.017.625,95

Waterland

17525

5,02

€ 110.502,54

Purmerend

95168

27,28

€ 600.074,52

Oostzaan

9694

2,78

€ 61.124,77

Landsmeer

11661

3,34

€ 73.527,54

Edam-Volendam

36917

10,58

€ 232.777,31

 

348906

 

€ 2.200.000,00

Op basis hiervan heeft het dagelijks bestuur een subsidieplafond per gemeente vastgesteld.

De gemeenten kunnen tot en met 31 december 2026 aanspraak maken op een subsidie tot het voor die gemeente vastgestelde subsidieplafond. Indien na deze datum middelen binnen het subsidieplafond resteren, vallen deze toe aan het Kwaliteitsfonds voor de concessie Zaanstreek-Waterland.

Het Kwaliteitsfonds kan door EBS worden aangesproken om de kwaliteit van het openbaar vervoer in de concessie Zaanstreek-Waterland te verhogen. De voorwaarden waaronder EBS aanspraak kan maken op het Kwaliteitsfonds zijn vastgelegd in de concessie. Daarmee komen de middelen, via een andere weg, alsnog ten goede aan de reizigers in Zaanstreek-Waterland.

 

Artikel 7 Aanvraag voor subsidieverlening

Indien gemeenten ervoor kiezen gezamenlijk een aanvraag in te dienen, treedt een van de gemeenten op als penvoerder. De penvoerder dient mede namens de andere gemeente(n) de subsidieaanvraag in. De penvoerder is verantwoordelijk voor de aanvraag en de verantwoording van de subsidie en treedt op als contactpersoon voor de Vervoerregio.

De subsidie wordt verleend aan de penvoerder en deze zorgt voor doorbetaling van de subsidie aan de andere gemeente(n). Op de penvoerder rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke gemeente feitelijk is belast met de uitvoering van de activiteiten.

Het is de verantwoordelijkheid van de gemeenten om hier onderling goede afspraken over te maken en ervoor te zorgen dat de penvoerder gemachtigd is om namens de andere gemeente(n) op te treden.

 

Arti kel 11 Vaststelling

Om administratieve lasten voor met name kleinere gemeenten te beperken is in het tweede lid bepaald dat subsidies onder de € 50.000 niet hoeven te worden verantwoord. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om een aanvraag ‘op te knippen’ in meerdere kleinere aanvragen zodat de subsidie niet hoeft te worden verantwoord

Naar boven