Blad gemeenschappelijke regeling van Vervoerregio Amsterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Vervoerregio Amsterdam | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 1321 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Vervoerregio Amsterdam | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 1321 | beleidsregel |
Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de regioraad van de Vervoerregio Amsterdam
De regioraad van de Vervoerregio Amsterdam;
gelezen het voorstel van de regioraad BBV/2025/14970 van 27 mei 2025;
gelet op artikel 26 van de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio Amsterdam en artikel 22 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;
gezien het advies van de Commissie algemene zaken en werkwijze van 6 mei 2025;
besluit het volgende Reglement vast te stellen:
Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de regioraad van de Vervoerregio Amsterdam
Artikel 4 Secretaris-directeur
Voor de vervanging van de secretaris-directeur geldt de Vervangingsregeling secretaris-directeur Vervoerregio Amsterdam.
De regioraad kan commissies van advies instellen, zoals bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet.
De regioraad kan ook de volgende bijzondere commissies van advies instellen:
vaste commissies van advies aan het dagelijks bestuur of de voorzitter, zoals bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de wet;
een gemeenschappelijke adviescommissie, op voorstel van de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten, zoals bedoeld in artikel 24a van de wet. Deze commissie bestaat uit leden van die gemeenteraden.
De regioraad regelt de taken, bevoegdheden, samenstelling en werkwijze van de commissies, zoals bedoeld in het eerste, tweede lid en derde lid in een aparte verordening. Dit met toepassing van artikel 24, artikel 24a, onderscheidenlijk artikel 25 van de wet.
Artikel 8 Plaats van de leden in de vergaderzaal
De regioraad bepaalt waar de leden in de vergaderzaal zitten. Het uitgangspunt is dat raadsleden van dezelfde gemeente bij elkaar zitten.
Hoofdstuk 2. Regioraadsvergaderingen
Artikel 11 Openbare kennisgeving en ter inzage leggen van stukken
Tegelijk met de oproep maakt de voorzitter openbaar bekend op welk moment (dag, tijdstip) en waar (plaats) de regioraadsvergadering is. De voorlopige agenda en bijbehorende stukken, behalve de informatie die volgens het vierde lid geheim moet blijven, worden tegelijkertijd beschikbaar gesteld voor iedereen om in te zien. De manier waarop dit wordt gedaan wordt aangegeven in de openbare kennisgeving.
Voor stukken waarover geheimhouding is opgelegd, is artikel 23 van de wet van toepassing.
Als de voorzitter volgens het eerste lid de vergadering niet kan openen, leest de voorzitter de namen van de afwezige leden voor en stelt vast dat de vergadering niet kan doorgaan vanwege te weinig aanwezigen. De voorzitter sluit de bijeenkomst. In het verslag worden de namen van de aanwezige en afwezige leden genoteerd.
Bij de nieuwe vergadering zoals bedoeld in het derde lid, is het eerste lid niet van toepassing. De regioraad mag echter over andere onderwerpen alleen beraadslagen of besluiten, als uit de presentielijst blijkt dat meer dan de helft van de regioraadsleden aanwezig is. Deze andere onderwerpen zijn onderwerpen die niet op de agenda stonden van de niet geopende vergaderingen zoals bedoeld in het eerste lid.
Artikel 18 Voorstellen van orde
De voorzitter en ieder regioraadslid kunnen tijdens de vergadering een mondeling voorstel van orde doen over de vergadering. De regioraad beslist direct over dit voorstel.
De voorzitter kan de vergadering ook schorsen als een regioraadslid hierom vraagt vanwege de beraadslagingen. Bij een dergelijke vraag wordt aangegeven hoe lang de schorsing duurt. De beraadslaging over een onderwerp kan maximaal drie keer onderbroken worden door een schorsing. De eerste schorsing mag niet langer zijn dan 30 minuten. De tweede en de derde schorsing duurt maximaal 15 minuten. Na elke schorsing opent de voorzitter de vergadering opnieuw en gaat de bespreking verder.
Na het sluiten van de beraadslaging, en voordat de regioraad gaat stemmen, kunnen regioraadsleden uitleggen hoe zij van plan zijn te stemmen door een korte stemverklaring.
Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, kunnen de aanwezige regioraadsleden in het verslag laten opnemen dat zij tegen het voorstel zouden hebben gestemd of dat zij, volgens artikel 22 van de wet en artikel 28 van de Gemeentewet, niet zouden hebben deelgenomen aan de stemming.
Artikel 25 Stemming; procedure hoofdelijke stemming
Bij een hoofdelijke stemming geven de aanwezige regioraadsleden die zich niet moeten onthouden van stemmen volgens artikel 22 van de wet en artikel 28 van de Gemeentewet, aan of ze ‘voor’ of ‘tegen’ zijn, zonder verdere opmerkingen.
Als een regioraadslid een fout maakt bij het stemmen, kan het regioraadslid dit herstellen tot het volgende lid heeft gestemd. Als de fout later wordt opgemerkt, kan het regioraadslid na de bekendmaking van de uitslag gevraagd worden om een aantekening van de vergissing. Dit verandert de uitslag niet.
Artikel 27 Stemming over personen
Aanwezige regioraadsleden zijn verplicht een stembriefje van het stembureau in te leveren. Behalve de regioraadsleden die zich van de stemming moeten onthouden volgens artikel 22 van de wet in samenhang met artikel 28 van de Gemeentewet.
Artikel 29 Tot stand komen beslissing bij stemming
Elk regioraadslid dat door de gemeenteraad van Amsterdam is aangewezen heeft twee stemmen. Dit volgt uit artikel 28, eerste lid, in samenhang met artikel 17, eerste lid van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam.
Een volledige vergadering is een vergadering waarin alle leden van de regioraad, die zich niet van stemming moesten onthouden volgens artikel 22 van de wet in samenhang met artikel 28 van de Gemeentewet, hun stem hebben uitgebracht.
Paragraaf 5 Besloten regioraadsvergaderingen
Artikel 35 Toepassing reglement op besloten vergaderingen
Voor een besloten regioraadsvergadering geldt dit Reglement ook, zolang het niet in strijd is met het besloten karakter van de vergadering.
Hoofdstuk 3. Bevoegdheden en instrumenten regioraadsleden
Artikel 40 Amendementen en subamendementen
Regioraadsleden dienen amendementen en subamendementen schriftelijk bij de voorzitter in vóór het sluiten van de beraadslaging over het voorstel waarop deze betrekking heeft. Een amendement kan voorstellen om een geagendeerd voorstel in delen te splitsen, zodat er apart over elk deel besloten kan worden.
Artikel 43 Interpellatie; mondelinge inlichtingen
Interpellatie is het recht van een regioraadslid om tijdens een vergadering over een niet geagendeerd onderwerp mondelinge inlichtingen te vragen aan een of meer leden van het dagelijks bestuur. Regioraadsleden sturen een schriftelijk verzoek naar de voorzitter als ze een interpellatie willen. In het verzoek staat duidelijk waarover ze informatie willen en welke vragen ze willen stellen.
Lid 1: voorbeelden van commissies zoals bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet, zijn de drie vaste regioraadscommissies van de Vervoerregio Amsterdam. Dit zijn de commissie algemene zaken en werkwijze, de rekeningcommissie en de commissie bezwaarschriften.
sub a: voorbeelden van vaste commissies van advies aan het dagelijks bestuur en of de voorzitter, ingesteld door de regioraad, zoals bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de wet zijn: de reizigers advies raad en de commissies van advies voor de concessiegebieden in de Vervoerregio Amsterdam.
Lid 3: hier zijn geen voorbeelden van, nu of in het verleden.
Lid 5: in de praktijk wordt er soms een klankbordgroep van regioraadsleden ingesteld, bijvoorbeeld bij de aanbesteding voor Zaanstreek-Waterland in 2022 en de inbesteding van de concessie voor Amsterdam in 2024.
Artikel 7 Insprekers en publiek
Iedereen kan inspreken tijdens een vergadering van de regioraad of een schriftelijke inspraakreactie indienen. Wel moet een inspraakreactie gaan over een bevoegdheid van de regioraad, het dagelijks bestuur of de voorzitter. Inspraak is niet mogelijk over onderwerpen waar deze bestuursorganen niet over gaan.
In het tweede lid zijn onderwerpen/situaties beschreven die in ieder geval van inspraak zijn uitgesloten. Insprekers of organisaties die al in een eerdere vergadering van de regioraad hebben ingesproken, kunnen niet nog eens over hetzelfde onderwerp inspreken. Dit is alleen anders als zich sindsdien nieuwe feiten of omstandigheden rond dit onderwerp hebben voorgedaan. Verder is inspraak over personen niet mogelijk. Hierbij valt te denken aan benoemingen, keuzes, voordrachten of aanbevelingen van personen, maar ook aan gedragingen van personen waarop het klachtrecht van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is. Ook het noemen van namen van ambtenaren is niet toegestaan. Personen en organisaties mogen het inspreekrecht niet gebruiken om hiermee een commercieel belang na te streven.
Bij twijfel of inspraak is toegestaan beslist de voorzitter zoals bepaald in het achtste lid. Ook kan de voorzitter op basis van dit lid in bijzondere gevallen afwijken van de regels in het eerste tot en met het zevende lid en maatwerk toepassen. Als zich een geval voordoet waarin dit artikel niet voorziet, beslist de regioraad op voorstel van de voorzitter volgens artikel 45 (Uitleg reglement).
Gegeven de eindtijd van de vergadering van 22.30 uur geldt een maximum aan het aantal insprekers per onderwerp. Als zich voor een onderwerp meer dan vijf insprekers hebben aangemeld, zal in dat geval één inspreker per organisatie worden toegelaten. Zijn er dan nog steeds meer dan vijf insprekers, kan de voorzitter van de regel afwijken en/of een nadere regel stellen zoals bepaald in het achtste lid. Het begrip ‘organisatie’ moet hier ruim worden uitgelegd. Hieronder vallen ook informele samenwerkingsverbanden die opkomen voor een bepaald belang of zich inzetten voor een bepaald doel.
Bij de keuze voor een schriftelijke inspraakreactie wordt deze toegevoegd als ingekomen stuk bij het agendapunt Inspraak. Deze zal niet worden voorgelezen in de vergadering. Voor een schriftelijke inspraakreactie gelden ook de regels voor het onderwerp waarover mag worden ingesproken, zoals opgenomen in het eerste en tweede lid.
Deze toelichting geldt ook voor andere artikelen die gaan over bevoegdheden van de voorzitter of de secretaris-directeur.
Vanuit hogere wetgeving (Wet gemeenschappelijke regelingen en Gemeentewet) hebben de voorzitter en de secretaris-directeur bevoegdheden. Deze bevoegdheden hebben een plek gekregen in dit voorliggende Reglement.
De regioraad kiest aan het begin van een nieuwe zittingsperiode een technisch voorzitter en een plaatsvervangend technische voorzitter uit de leden van de regioraad. Zie artikel 3, tweede lid, van dit Reglement. Daarnaast is in een apart mandaatbesluit bepaald welke bevoegdheden van de voorzitter worden uitgevoerd door de technisch voorzitter.
Ook voor de taken van de secretaris-directeur is een apart mandaatbesluit. Hierin wordt bepaald welke bevoegdheden van de secretaris-directeur worden uitgevoerd door de ambtelijk secretaris.
Deze toelichting geldt ook voor andere artikelen die gaan over regioraadsleden.
Leden van het dagelijks bestuur zijn ook regioraadsleden. Dit volgt uit artikel 14, eerste lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen en uit artikel 33 Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam. De verhouding regioraad en dagelijks bestuur is een monistisch stelsel. Dit in tegenstelling tot de verhouding gemeenteraad en college van burgemeester en wethouders bij gemeente. Dit is een dualistisch stelsel.
Dit betekent dat bevoegdheden die bij regioraadsleden zijn belegd, zoals benoemd in dit Reglement, ook gelden voor de leden van het dagelijks bestuur. Bijvoorbeeld het vragen om een schorsing (artikel 20, tweede lid, Reglement), het meedoen aan stemmen (artikel 24 Stemmen) of het ontvangen van schriftelijke vragen van regioraadsleden (artikel 44, tweede lid, Schriftelijke vragen)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2025-1321.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.