Blad gemeenschappelijke regeling van Participatiebedrijf KempenPlus
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Participatiebedrijf KempenPlus | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 1144 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Participatiebedrijf KempenPlus | Blad gemeenschappelijke regeling 2025, 1144 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening Artikel 212 Gemeentewet: Financieel beleid, beheer en organisatie Participatiebedrijf KempenPlus 2025
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt.
Programmakosten: lasten en baten die ten laste c.q. ten gunste van de begrotingsprogramma’s van de deelnemende gemeenten en klantgemeenten komen en door Bedrijfsvoeringsorganisatie Participatiebedrijf KempenPlus namens de gemeenten worden betaald c.q. ontvangen. In de financiële verantwoording van de programmakosten is tevens het aandeel van de gemeente in de activa en passiva, verband houdende met de programmakosten opgenomen;
Paragraaf 2. Begroting en verantwoording
Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken
Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het investeringskrediet in het lopende boekjaar weergegeven.
Artikel 4. Kaders begroting en meerjarenraming
Het bestuur stelt gezamenlijk met de gemeenten een meerjarenbeleidsplan met het financiële beleid en de financiële kaders voor de begroting die ingaat een jaar na het huidige verslagleggingsjaar. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor het bepalen van het beleid en KempenPlus heeft hierbij een ondersteunende rol.
Artikel 5. Autorisatie begroting en investeringskredieten
Bij de begrotingsbehandeling geeft het bestuur aan welke nieuwe investeringen het op een later tijdstip met een apart voorstel autoriseert. De overige nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd. Investeringskredieten worden geautoriseerd en gemonitord op de volgende niveaus:
Bij de behandeling van de tussenrapportages bedoeld in artikel 6, lid 1, doet de directie voorstellen voor het wijzigen van geautoriseerde baten en lasten, de geautoriseerde investeringskredieten en stelt het beleid bij. Ingeval van investeringen met een meerjarig karakter wijzigt het bestuur indien nodig ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen de geautoriseerde investeringskredieten.
Artikel 6. Tussentijdse rapportages
In de tussenrapportages worden afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten toegelicht, ingeval deze afwijkingen groter zijn dan € 25.000. Afwijkingen bij investeringskredieten die groter zijn dan € 25.000 dan begroot worden toegelicht op het niveau zoals is vastgesteld in artikel 5.2.
Als het Rijk bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert de directie het bestuur of een aanpassing van de begroting nodig is. Als de directie een aanpassing nodig acht, doet zij een voorstel voor het wijzigen van de begroting.
Paragraaf 3. Rechtmatigheidsverantwoording
Artikel 11. Voorwaardencriterium
Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.
Artikel 12 Begrotingscriterium
Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door het bestuur geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;
Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerd kredietbedrag, zoals is opgenomen in artikel 5.
De hoogte van de investeringskredieten wordt bepaald op de volgende niveaus:
- Inventaris, installaties en Machines
Een overschrijding of onderschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.
Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid en acceptabel zijn (zie 12.4)worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.
Paragraaf 4. Financieel beleid
Artikel 15. Voorziening voor oninbare vorderingen
Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.
Artikel 16. Reserves en voorzieningen
KempenPlus houdt een algemene reserve aan die minimaal gelijk is aan 1 maal de in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer van de begroting opgenomen risico’s. De algemene reserve bedraagt maximaal 1,4 maal de in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer opgenomen risico’s van de begroting. Het meerdere wordt uitgekeerd aan de gemeenten conform de vastgestelde verdeelsleutel.
Paragraaf 6. Paragrafen bij de begroting en jaarstukken
Artikel 20. Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het bestuur stelt ten minste eens in de vier jaar een beleidsnota vast met de uitgangspunten voor het weerstandsvermogen en risicobeheersing.
Artikel 21. Onderhoud kapitaalgoederen
Het bestuur stelt ten minste eens in de vier jaar een onderhoudsplan voor de gebouwen vast. Het plan
bevat voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten aan de gebouwen.
In de paragraaf bedrijfsvoering bij de begroting en de jaarstukken wordt naast de
verplichte onderdelen op grond van artikel 14 BBV in ieder geval opgenomen:
Artikel 23. Verbonden partijen
Bij de begroting en de jaarstukken neemt het bestuur in de paragraaf verbonden partijen naast de
verplichte onderdelen op grond van artikel 15 van het Besluit begroting en verantwoording provincies
en gemeenten ook informatie op over de samenwerking met en opdrachtverlening aan
Paragraaf 7. Financiële organisatie en financieel beheer
De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor:
Het bestuur zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a, van de Gemeentewet en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b, van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het bestuur maatregelen tot herstel.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2025-1144.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.