Na het vaststellen van de kaders, moeten het beleid en de processen correct worden uitgevoerd, dat noemen we het uitvoerend proces. Deze paragraaf richt zich op de uit te voeren wettelijke regelingen die diensten, verstrekkingen en inkomensoverdrachten en beschrijft de beheersmaatregelen in de uitvoerende processen.
In de beheersmaatregelen onderscheiden we 3 fasen:
- 1.
Preventief; deze maatregelen worden genomen voorafgaande aan besluitvorming
- 2.
Toezicht; deze maatregelen worden genomen gedurende verstrekking/dienstverlening
- 3.
Repressief; deze maatregelen worden genomen na afloop van verstrekking, dienstverlening of na constatering van misbruik/oneigenlijk gebruik
B. Uitvoerend proces – direct aan de klant
Het uitvoerend proces delen we in aan de hand van de benoemde categorieën en het daarbij behorend risico, zoals benoemd in hoofdstuk 2.
|
Beheersmaatregelen behorend bij Hoog risico
Categorie 1: Inkomensoverdracht
Categorie 2: Verstrekking voorzieningen
|
Fase 1: Preventief
Uitvoerende rollen: consulenten, medewerkers, communicatie
Een correcte uitvoering van de organisatie en het kunnen voldoen aan verplichtingen, begint bij een goede voorlichting aan de inwoners die van de ISD een verstrekking aanvragen en/of ontvangen.
Daartoe wordt een aantal algemene communicatiemiddelen gebruikt als social media, gemeentewebsites, rubrieken in plaatselijke bladen.
Daarnaast is het essentieel dat het personeel gekwalificeerd is en op de hoogte van de door de burger op te volgen verplichtingen, het toezien op naleving daarvan en het eventueel sanctioneren of gedragsherstel na het niet nakomen van de aan de verstrekte voorziening verbonden verplichtingen.
De communicatie van de consulent (als vertegenwoordiger van de ISD) aan de burger is vervolgens afgestemd op de leefwereld van de burger. De consulent legt de regels uit, controleert of de burger dit heeft begrepen en legt eventueel aanvullende afspraken vast in de beschikking aan de burger. Informatievoorziening gebeurt ook middels brieven en beschikkingen aan de burger.
Richtlijnen hiervoor zijn vastgelegd in Hoofdstuk 4 van het Handhavingsbeleidsplan.
Fase 2: Toezicht
Uitvoerende rollen: consulenten, consulent handhaving, sociaal rechercheurs
Middels hercontroles wordt periodiek nagegaan of de voorziening nog nodig is, en of (de situatie van) de burger nog aan de voorwaarden voldoet. De frequentie van deze hercontroles is op hoofdlijnen vastgelegd in een richtlijn, maar wordt individueel bepaald aan de hand van de behoefte en situatie van de betreffende persoon of gezin.
Daarnaast kan het voorkomen dat er vanuit een digitaal systeem of informatieknooppunt (Basis Registratie Personen, Inlichtingenbureau, IKZ) een signaal komt dat er iets veranderd is in de situatie van een cliënt. Dat kan bijvoorbeeld gaan (niet limitatief) om verhuizing, overlijden, een wijziging in inkomen, of de monitoring van een ingezet traject of voorziening onder de Participatiewet/Bbz.
Deze signalen worden altijd opgevolgd en gecontroleerd.
Als er vanuit een hercontrole of een signaal een reden is om de verstrekking aan te passen wordt dit door de behandelend consulent verwerkt.
Sociaal rechercheur/handhaving/toezichthouder
Wmo
Ook de sociaal rechercheur(s) (BOA) of de toezichthouder Wmo doen onderzoek naar de rechtmatigheid van verstrekkingen of voorzieningen, op basis van signalen. Dat kan bestaan uit administratieve controle, hercontrole, opvragen van gegevens bij derde partijen, observatie of een huisbezoek.
Voor elk type onderzoek worden de wettelijke bevoegdheden en regels gevolgd.
De consulent handhaving en de sociaal rechercheur(s) zijn ook benoemd als toezichthouder als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Zowel voor de Wmo (rechtmatigheid), SDV als voor de PW. In de Awb zijn de bijzondere bevoegdheden geregeld die wettelijke toezichthouders hebben.
De kaders en werkwijzen zijn vastgelegd in het Protocol Huisbezoek en het Handboek Sociale Recherche en Handhaving.
Het toezichthouderschap voor Wmo bestaat uit twee elementen; naast rechtmatigheid is er ook toezicht op kwaliteit.
De kwaliteit van de voorziening wordt (steekproefsgewijs) gecontroleerd door de daartoe aangestelde Wmo toezichthouder. De toezichthouder kwaliteit is extern en is voor deze taak gemandateerd.
De toezichthouder controleert op basis van de kaders in hoofdstuk 3 van de Wmo 2015 en de gemeentelijke verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning. Het toezicht vindt plaats op basis van de eisen afkomstig uit landelijke en lokale regelgeving en het toetsingskader is openbaar te raadplegen.
Fase 3: Repressief
Beëindiging, terugvordering, maatregel of sanctie
Uitvoerende rollen: consulenten, boete ambtenaar
Is geconstateerd dat er mogelijk sprake is van misbruik of oneigenlijk gebruik van een voorziening, wordt er eerst het principe van hoor en wederhoor toegepast. Is geconstateerd dat er sprake is van teveel ontvangen voorziening of het niet voldoen aan verplichtingen, wordt ingezet op het herstellen van de rechtmatige situatie; teveel ontvangen middelen zullen worden teruggevorderd, en/of de verstrekking van de voorziening wordt beëindigd of zelfs ingetrokken.
Beleidsregels voor terugvordering zijn opgenomen in de Integrale uitvoeringsregels debiteuren ISD Bollenstreek 2022. Beleid over de afstemming (maatregel) van uitkeringen zijn opgenomen in de Afstemmingsverordening ISD Bollenstreek 2022.
In bepaalde gevallen schrijft de wet voor dat er een bestuurlijke boete moet worden overwogen/opgelegd.
Richtlijnen voor de Pw, IOAW, IOAZ en Bbz zijn opgenomen in de Integrale uitvoeringsregels debiteuren ISD Bollenstreek 2022.
Richtlijnen voor het opleggen van boetes inzake de inburgeringsplicht zijn opgenomen in de Wet inburgering 2021, het Besluit inburgering en de Regeling inburgering.
Controle achteraf (verbijzonderde) interne controle
Uitvoerende rollen: interne controle
Wij zetten interne controle in om de rechtmatigheid van de verstrekkingen (financieel) te controleren. Dit gebeurt middels steekproefsgewijze controle of middels themacontroles.
Aan de hand van de uitkomsten beoordelen we bijvoorbeeld of de administratieve organisatie bijgesteld moet worden of dat er een kwaliteitsverbetering moet plaatsvinden.
De interne controle vindt plaats conform de P&C cyclus met een jaarplan, een controleplan en een jaarplanning.