Blad gemeenschappelijke regeling van Samenwerking De Bevelanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Samenwerking De Bevelanden | Blad gemeenschappelijke regeling 2023, 1085 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Samenwerking De Bevelanden | Blad gemeenschappelijke regeling 2023, 1085 | ander besluit van algemene strekking |
Financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking De Bevelanden 2024
Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Bevelanden;
gelet op artikel 212 van de Gemeentewet en artikel 24 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Bevelanden;
vast te stellen de Financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking De Bevelanden 2024.
In deze verordening wordt verstaan onder:
1.1 Gemeenschappelijke regeling: gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Bevelanden;
1.2 Algemeen Bestuur: Algemeen Bestuur als bedoeld in artikel 8 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Bevelanden;
1.3 Dagelijks Bestuur: Dagelijks Bestuur als bedoeld in artikel 12 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Bevelanden;
1.4 Werkorganisatie: de ambtelijke organisatie werkzaam binnen de regeling;
1.5 Team: iedere organisatorische eenheid binnen de regeling met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan de directeur;
1.6 Inkomsten: totaal van de baten voor onttrekking reserves;
1.7 Netto schuld: bruto schuld minus de omvang van de geldelijke bezittingen die niet zijn ingezet voor de publieke taak;
1.8 Bruto schuld: totaal van langlopende leningen, kortlopende schulden, crediteuren en overlopende passiva;
1.9 Geldelijke bezittingen die niet zijn ingezet voor de publieke taak: totaal van langlopende uitzettingen, vorderingen, liquide middelen en overlopende activa.
2.1 Het Dagelijks Bestuur stelt elk jaar vóór 30 april een meerjarenbegroting en een ontwerpbegroting van baten en lasten voor het komend dienstjaar op, voorzien van de nodige toelichting en specificaties.
2.2 De ontwerpbegroting bevat in ieder geval per gemeente een overzicht van de met de gemeenten afgesloten overeenkomsten tot het leveren van producten en diensten en de bijdrage per gemeente hiervoor.
2.3 In de begroting wordt een post onvoorzien van 0,5% van de totale lasten opgenomen.
2.4 Het Dagelijks Bestuur stelt elk jaar vóór 30 april de jaarstukken op van baten en lasten van het vorige kalenderjaar, voorzien van de nodige toelichting en specificaties, met de balans en toelichting.
Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken
3.1 Bij de begroting en de jaarstukken worden onder elk van de programma’s de lasten en baten weergegeven.
3.2 Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het krediet van het lopende boekjaar weergegeven.
3.3 Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten, inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting en meerjarenraming en de investeringen.
3.4 In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven.
Artikel 4. Autorisatie begroting en investeringskredieten
Bij de begrotingsbehandeling geeft het Algemeen Bestuur aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.
Het Dagelijks Bestuur informeert het Algemeen Bestuur vooraf als ze verwacht dat de lasten de geautoriseerde lasten of de investeringsuitgaven de geautoriseerde kredieten dreigen te overschrijden of de baten de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden. Het Algemeen Bestuur geeft vervolgens aan of hij hiervoor een voorstel wil voor wijziging van het budget of een voorstel voor bijstelling van het beleid.
Voor een investering waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd legt het Dagelijks Bestuur vooraf aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan het Algemeen Bestuur voor.
Artikel 5. Tussentijdse rapportage
de aan- en verkoop van goederen, werken en diensten en het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties tot een bedrag van € 200.000 indien deze niet in de lopende begroting zijn opgenomen;
de aan- en verkoop van goederen, werken en diensten en het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan € 200.000 dan nadat het Algemeen Bestuur is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het Dagelijks Bestuur te brengen.
Wanneer het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare
overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het Dagelijks Bestuur het Algemeen Bestuur of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het Dagelijks Bestuur een aanpassing nodig acht, doet het Dagelijks Bestuur een voorstel aan het Algemeen Bestuur voor het wijzigen van de begroting
Hoofdstuk 2. Financieel beleid
Artikel 8. Waardering en afschrijving vaste activa
Het totaal van de reservepositie van de gemeenschappelijke regeling bedraagt maximaal 5% van alle baten van de GR.
In de paragraaf financiering bij de begroting en de jaarstukken neemt het Dagelijks Bestuur naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 13 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op;
Artikel 11. Weerstandsvermogen & risicobeheersing
In de deze paragraaf bij de begroting en de jaarstukken neemt het Dagelijks Bestuur naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op:
Hoofdstuk 4. Financiële organisatie en financieel beheer
De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij dienstbaar is voor:
Artikel 13. Financiële organisatie
Het Dagelijks Bestuur zorgt voor:
opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan.
Het Dagelijks Bestuur zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a van de Gemeentewet, en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het Dagelijks Bestuur maatregelen tot herstel.
Het Dagelijks Bestuur zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het vermogen met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd conform het vastgesteld controleplan.
Artikel 15. Rechtmatigheidsverantwoording en toetsing begrotingscriterium
Bij meerjarige investeringsbudgetten mogen budgetten per jaarschijf worden gecompenseerd met budgetten van de volgende jaarschijf. Zolang aannemelijk is dat het totaal van de uitgaven binnen een investeringsbudget blijft, levert overschrijding van een jaarschijf geen onrechtmatigheid op. De onder- en overschrijding wordt wel toegelicht in de jaarrekening.
Begrotingsonrechtmatigheden die binnen de beleidskaders van de raad passen, moeten worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de rechtmatigheidsverantwoording.
Begrotingsonrechtmatigheden die onderdeel zijn van de verantwoording en daar ook worden toegelicht, zijn:
Budgetoverschrijdingen betreffende activiteiten welke achteraf als onrechtmatig moeten worden beschouwd omdat dit bijvoorbeeld bij nader onderzoek van de subsidieverstrekker, belastingdienst of een toezichthouder blijkt (bijvoorbeeld een belastingnaheffing). Het zal hier in de praktijk vaak gaan om interpretatieverschillen bij de uitleg van wet- en regelgeving die na het verantwoordingsjaar aan het licht komen.
Budgetafwijkingen welke in financiële zin binnen de begroting blijven, maar waarbij zeer duidelijk is dat aanzienlijk minder prestaties zijn geleverd c.q. activiteiten zijn ontplooid dan in de financiële begroting specifiek als doelstelling was aangegeven, tenzij deze in de jaarrekening zijn toegelicht.
16.1 Deze verordening treedt in werking per 1 januari 2024 met dien verstande dat artikel 15 met terugwerkende kracht met ingang van 1 januari 2023 in werking treed.
16.2 Deze verordening vervangt de “Financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking De Bevelanden” zoals vastgesteld bij besluit van het Algemeen Bestuur van 8 december 2014.
Deze verordening wordt aangehaald als: “Financiële verordening van Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking De Bevelanden 2024”.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Bevelanden op 30 oktober 2023
Bijlage afschrijvingsbeleid bij artikel 8
Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met economisch nut
Activa met economisch nut en een verkrijgingsprijs van minder dan € 25.000 worden niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen. Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven.
Verbouwingen dienen qua termijn aan te sluiten met de termijn van levensduur verlenging van het gebouw en maximaal de termijn van de hoofdinvestering.
De volgende materiële vaste activa met economisch nut worden lineair afgeschreven in:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2023-1085.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.