Blad gemeenschappelijke regeling van Uitvoeringsorganisatie Baanbrekers
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Uitvoeringsorganisatie Baanbrekers | Blad gemeenschappelijke regeling 2023, 1074 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Uitvoeringsorganisatie Baanbrekers | Blad gemeenschappelijke regeling 2023, 1074 | beleidsregel |
Regeling melding vermoeden misstand van Baanbrekers
De directeur namens het Dagelijks Bestuur van de uitvoeringsorganisatie Baanbrekers,
Gelet op het feit dat Baanbrekers hecht aan het voeren van een deugdelijk integriteitsbeleid als onderdeel van het beleid m.b.t. de psycho sociale arbeidsbelasting (PSA);
Gelet op de instemming van de ondernemingsraad datum 17 oktober 2023.
REGELING MELDING VERMOEDEN MISSTAND VAN BAANBREKERS
In deze regeling wordt verstaan onder:
Melder: een ieder die in dienst is of is geweest bij Baanbrekers, of de verbonden partijen (bijvoorbeeld Stichting Bevordering Werkgelegenheid Midden-Langstraat (SBW) of Stichting Fidant of Ruelong B.V.) op grond van een arbeidsovereenkomst, maar ook diegene die niet in dienst is, maar wel een werkrelatie heeft gehad met Baanbrekers of met één van de verbonden partijen;
Artikel 2. Bescherming van de melder tegen benadeling
De melder zal als gevolg van de melding van een vermoeden van een misstand geen enkel nadelig gevolg ondervinden tijdens en na de behandeling van deze melding bij de werkgever, een andere organisatie of een externe instantie. Onder nadelige gevolgen worden in ieder geval verstaan:
Als de melder vindt dat er daadwerkelijk sprake is van benadeling, kan hij dat bespreken met de vertrouwenspersoon van Baanbrekers. De vertrouwenspersoon en de melder bespreken welke maatregelen genomen kunnen worden om benadeling tegen te gaan. De vertrouwenspersoon maakt een verslag van deze bespreking en stuurt dit na goedkeuring door de melder naar het bevoegd gezag.
Artikel 4. De vertrouwenspersoon
De vertrouwenspersoon maakt jaarlijks een geanonimiseerd verslag van de aard en de omvang van het aantal interne meldingen m.b.t. een vermoeden van een misstand, zoals deze zijn gedaan bij de vertrouwenspersoon. Dit verslag wordt aan het bevoegd gezag en de Ondernemingsraad gestuurd en openbaar gemaakt.
Artikel 5. Het externe meldpunt
Het Huis voor klokkenluiders heeft tot taak een door de melder gemeld vermoeden van een misstand te laten onderzoeken door de afdeling onderzoek van het Huis voor klokkenluiders, zoals bedoeld in artikel 3a, derde lid van de Wet bescherming klokkenluiders, en/of zich daarover te laten adviseren door de afdeling advies van het Huis voor klokkenluiders, zoals bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de Wet bescherming klokkenluiders.
HOOFDSTUK 2. Interne meldingsprocedure
Het heeft de voorkeur dat de melder zijn melding intern doet. Maar de melder kan rechtstreeks bij het externe meldpunt melding doen van een vermoeden van een misstand. Een externe melding is aan orde op grond van artikel 13 lid 2 namelijk als het eerst doen van een interne melding in redelijkheid niet van hem kan worden gevraagd.
Artikel 7. Melding door personen niet zijnde werknemers
De oud-werknemer of diegenen die geen werknemer zijn maar anderszins werkgerelateerde activiteiten verrichten of hebben verricht voor Baanbrekers en die een vermoeden van een misstand willen melden doen dit schriftelijk of mondeling via de telefoon of d.m.v. een gesprek op locatie binnen een periode van 24 maanden na ontslag of beëindiging van de werkzaamheden voor Baanbrekers bij een vertrouwenspersoon van Baanbrekers.
Artikel 8. Informeren van bevoegd gezag, vertrouwelijke omgang met de melding en identiteit melder
Als het vermoeden van een misstand is gemeld en de melder geen toestemming heeft gegeven zijn identiteit bekend te maken, wordt alle correspondentie over de melding verstuurd aan defunctionaris bij wie de melder zijn melding heeft gedaan of aan degene die de melder bijstaat. Deze persoon stuurt deze correspondentie onverwijld door aan de melder.
Artikel 9. Ontvangstbevestiging door het bevoegd gezag
Het bevoegd gezag zendt aan de melder, of de vertrouwenspersoon bij wie het vermoeden van een misstand is gemeld, binnen 7 dagen na ontvangst van een melding een ontvangstbevestiging. In het laatste geval stuurt de vertrouwenspersoon de ontvangstbevestiging door aan de melder. De ontvangstbevestiging bevat een zakelijke beschrijving van het gemelde vermoeden van een misstand, de datum waarop de melder het vermoeden heeft gemeld en een afschrift van de melding.
Artikel 10. Uitvoering intern onderzoek door het bevoegd gezag
Het bevoegd gezag draagt het onderzoek op aan onderzoekers die onafhankelijk en onpartijdig zijn. Dit kan de afdeling onderzoek van het Huis voor Klokkenluiders zijn of een andere bevoegde autoriteit (denk aan de Autoriteit Persoonsgegevens, de Autoriteit Financiële Markten, DNB etc.) of een andere partij.
Als de melder in reactie op het onderzoeksrapport onderbouwd aangeeft dat het vermoeden van een misstand niet daadwerkelijk of niet deugdelijk is onderzocht, of in het rapport of in het standpunt van het bevoegd gezag sprake is van wezenlijke onjuistheden, reageert het bevoegd gezag hierop en stelt hij zo nodig een nieuw of aanvullend onderzoek in. Voor dit nieuwe of aanvullende onderzoek gelden dezelfde regels als voor het eerste onderzoek.
Artikel 11. Standpunt en kennisgeving door het bevoegd gezag
Indien niet binnen twaalf weken een standpunt kan worden gegeven worden de melder, of de vertrouwenspersoon bij wie de melding is gedaan, voordat deze termijn is verstreken, daarvan door middel van een kennisgeving schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte gesteld. Het bevoegd gezag kan het in te nemen standpunt met ten hoogste vier weken verdagen.
HOOFDSTUK 3. Externe meldingsprocedure
Artikel 12. Melding bij het externe meldpunt
Indien zwaarwegende belangen de toepassing van de interne meldingsprocedure in de weg staan, kan de melder het vermoeden van een misstand rechtstreeks melden bij het externe meldpunt. Dat is in ieder geval aan de orde indien dit uit enig wettelijk voorschrift voortvloeit of er sprake is van:
Artikel 14. Publicatie, jaarverslag en evaluatie
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2023-1074.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.