Blad gemeenschappelijke regeling van Omgevingsdienst Midden-Holland

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Omgevingsdienst Midden-HollandBlad gemeenschappelijke regeling 2019, 987Overige besluiten van algemene strekking



Mandaat- en volmachtbesluit personeel en organisatie Omgevingsdienst Midden-Holland 2020

 

Het dagelijks bestuur en de voorzitter van de Omgevingsdienst Midden-Holland, ieder voor zover bevoegd;

Overwegende dat decentralisatie van bevoegdheden en verantwoordelijkheden naar managementfunctionarissen een leidend uitgangspunt is binnen de Omgevingsdienst;

Gelet op:

 

De Algemene wet bestuursrecht, het Burgerlijk Wetboek, de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland, de Organisatieverordening Omgevingsdienst Midden-Holland, de van toepassing zijnde CAO en het Personeelshandboek met de lokale regelingen.

 

BESLUITEN

 

vast te stellen het:

 

Mandaat- en volmachtbesluit personeel en organisatie Omgevingsdienst Midden-Holland 2020

 

  •  

     

Artikel 1: Mandaat- en volmachtverlening

  • 1.

    Aan de directeur, bedoeld in artikel 26 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland, wordt in mandaat opgedragen de taak, bedoeld in artikel 23 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland, tot het regelen van de ambtelijke inrichting van de organisatie van de Omgevingsdienst.

  • 2.

    Aan de directeur, bedoeld in artikel 26 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland, wordt, voor zover het personele of rechtspositionele aangelegenheden betreft, in mandaat gegeven de bevoegdheid tot het uitoefenen van de in artikel 19, vijfde en zesde lid van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland en de in artikel 27, eerste lid, van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland bedoelde taken.

  • 3.

    Aan de directeur, bedoeld in artikel 26 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland, wordt volmacht en machtiging gegeven om de Omgevingsdienst in en buiten rechte te vertegenwoordigen met betrekking tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten en wordt ten aanzien van personele of rechtspositionele aangelegenheden, volmacht en machtiging gegeven voor het nemen van beslissingen en het verrichten van handelingen voorvloeiend uit de wetgeving, de geldende CAO en de lokale regelingen die zijn opgenomen in het Personeelshandboek, behoudens de uitzonderingen die in artikel 2 zijn opgenomen.

  • 4.

    Aan afdelingshoofden en overig leidinggevend personeel van de Omgevingsdienst Midden-Holland wordt ten aanzien van personele of rechtspositionele aangelegenheden, volmacht en machtiging gegeven voor het nemen van beslissingen en het verrichten van handelingen voorvloeiend uit de wetgeving, de geldende CAO en de lokale regelingen die zijn opgenomen in het personeelshandboek voor zover dat is toegestaan op grond van de bij dit besluit behorende volmachtlijst.

  • 5.

    Aan de directeur, bedoeld in artikel 26 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden-Holland, wordt volmacht en machtiging gegeven tot het instellen van een geschillencommissie of om zich aan te sluiten bij een regionale geschillencommissie.

  • 6.

    In een lokale regeling kan zijn of worden bepaald dat ten aanzien van personele aangelegenheden een beslissing wordt genomen of een handeling wordt verricht door een afdelingshoofd of een andere leidinggevende. In dat geval is, naast het afdelingshoofd of de leidinggevende, tevens de directeur bevoegd.

  • 7.

    De directeur kan medewerkers van de Omgevingsdienst Midden-Holland machtigen om de dienst te vertegenwoordigen in hoorzittingen in het kader van gerechtelijke procedures en kan vertegenwoordigers voor het lokaal overleg aanwijzen.

 

Artikel 2: Uitzonderingen en kaders mandaat en volmacht

  • 1.

    Een besluit ten aanzien van de directeur wordt genomen door het dagelijks bestuur met uitzondering van besluiten betreffende aanstelling en ontslag. Voor deze besluiten blijft het algemeen bestuur bevoegd.

  • 2.

    Niemand is bevoegd om een beslissing te nemen ten aanzien van zichzelf, zijn eigen functie of zijn eigen functioneren. Voor die gevallen is een hogere leidinggevende bevoegd.

  • 3.

    Het vaststellen van functiebeschrijvingen en –waarderingen, het bepalen van het systeem van functiewaardering, het vaststellen van de conversietabel en geschilbeslechting zijn uitgezonderd van mandaat- en volmachtverlening. Deze besluiten en handelingen zijn voorbehouden aan het dagelijks bestuur.

 

Artikel 3: Ondertekening

  • 1.

    In geval een volmacht is verleend om namens de Omgevingsdienst Midden-Holland privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten, houdt deze bevoegdheid tevens in het namens de Omgevingsdienst Midden-Holland in plaats van de voorzitter ondertekenen van stukken. Ingeval van het afsluiten van een arbeidsovereenkomst, wordt de overeenkomst als volgt ondertekend:

de Omgevingsdienst Midden-Holland,

vertegenwoordigd door

<<naam>>

Directeur

  •  

  • 2.

    Voor het ondertekenen van stukken of beslissingen kan worden gekozen voor een digitale ondertekening, bijvoorbeeld door te accorderen of paraferen in het betreffende digitale systeem.

 

Artikel 4: Slotbepalingen

  • 1.

    Dit besluit kan worden aangehaald als Mandaat- en volmachtbesluit personeel en organisatie Omgevingsdienst Midden-Holland 2020.

  • 2.

    Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Blad gemeenschappelijke regeling van Omgevingsdienst Midden-Holland en treedt in werking per 1 januari 2020.

  • 3.

    Het Mandaatbesluit personeel en organisatie Omgevingsdienst Midden-Holland van 18 april 2012 vervalt op het moment dat het Mandaat- en volmachtbesluit personeel en organisatie Omgevingsdienst Midden-Holland 2020 in werking treedt, tenzij sprake is van nog lopende of mogelijke bezwaarschriftprocedures over beslissingen die zijn genomen voor inwerkingtreding van de Wet normalisatie rechtspositie ambtenaren. In dat geval blijft het Mandaatbesluit personeel en organisatie Omgevingsdienst Midden-Holland van 18 april 2012 gelden ten aanzien van die specifieke beslissing(en) en de als gevolg daarvan gestarte procedures totdat alle bezwaar- en beroepsprocedures zijn afgerond.

 

Aldus besloten in de vergadering van het dagelijks bestuur van 20 november 2019

 

De voorzitter, C. van der Kamp

 

De secretaris, A. Mutter

 

 

Aldus besloten door de voorzitter op 20 november 2019

 

De voorzitter,

C. van der Kamp

*