Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden - Wijziging artikel 40:1:1:1 van de AVR RDOG HM betreffende de vergoeding paraatheidsdiensten

Het dagelijks bestuur van de Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg (RDOG HM),

 

Overwegende dat:

 

De pandemieregeling, zoals deze door ons is vastgesteld in onze vergadering van 17 november 2011, per 1 januari 2016 integraal is ingetrokken;

 

De regeling paraatheidsdiensten, zoals deze regeling door ons is vastgesteld in onze vergadering van 11 juni 2007 en nadien gewijzigd, per 1 januari 2016 integraal is ingetrokken;

 

De vernieuwde regeling Paraatheidsdiensten RDOG HM 2016 per 1 januari 2016 in werking is getreden;

 

De pandemieregeling, zoals hiervoor aangeduid, vanaf 1 januari 2016 deel uitmaakt van de vernieuwde regeling Paraatheidsdiensten RDOG HM 2016;

 

Gelet op:

 

Hoofdstuk 40 van de Arbeidsvoorwaardenregeling RDOG HM (AVR RDOG HM);

 

Mede gelet op het besluit van het algemeen bestuur van de RDÖG HM d.d. 28 juni 2006 waarin het algemeen bestuur van de RDOG HM het dagelijks bestuur RDOG HM mandaat heeft verleend tot vaststelling van de arbeidsvoorwaardenregeling RDOG HM.

 

BESLUIT

 

Te rekenen met ingang van 1 januari 2016 de volgende wijzigingen in de AVR RDOG HM vast te stellen:

 

1. De artikelen 40:1 :1 :1a en 40:1:1:1b komen te vervallen.

 

2. Er wordt een nieuw artikel 40:1:1:1 ingevoegd met de volgende inhoud:

 

Artikel 40:1:1:1 Vergoeding paraatheidsdiensten op basis van de Regeling paraatheidsdiensten

 

1. Voor de paraatheidsdiensten zoals omschreven in artikel 3 onder 2.1 (voor zover het de achterwachtfunctie betreft), 2.2, 2.3, 2.4, 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 van de regeling paraatheidsdiensten wordt een vergoeding toegekend van:

a. € 29,00 indien de paraatheidsdienst wordt uitgevoerd op een maandag, dinsdag, woensdag, donderdag of vrijdag;

b. € 58,00 indien de paraatheidsdienst wordt uitgevoerd op een zaterdag, zondag of feestdag.

 

2. Voor de paraatheidsdienst zoals omschreven in artikel 3 onder 2.1 (voor zover het de voorwachtfunctie betreft) van de regeling paraatheidsdiensten wordt een vergoeding toegekend van:

a. € 44,00 indien de paraatheidsdienst wordt uitgevoerd op een maandag, dinsdag, woensdag, donderdag of vrijdag;

b. € 86,00 indien de paraatheidsdienst wordt uitgevoerd op een zaterdag, zondag of feestdag.

 

3. Voor paraatheidsdiensten zoals omschreven in artikel 5 onder 6 van de regeling paraatheidsdiensten, worden de volgende vergoedingen toegekend:

a. Arrestantenzorg politiebureau: € 82,00

b. Euthanasie: € 130,50

c. Bloedproef/urineproef/afname DNA: € 82,00

d. Onderzoek zedendelict/slachtoffer: € 130,50

e. Consult penitentiaire inrichting: € 107,50

f. Overige inzet voorwacht, uurtarief: € 76,00

g. Lijkschouw: € 219,00

h. Telefonisch consult voorwacht per 15 minuten: € 19,00

 

4. Voor de paraatheidsdiensten zoals omschreven in artikel 2.1 (voor zover het de achterwachtfunctie betreft), 2.2 en 2.3 (voor zover deze wordt uitgevoerd door een arts) geldt een uurtarief van: € 76,00

 

5. Voor de paraatheidsdienst zoals omschreven in artikel 2.3 (voor zover deze wordt uitgevoerd door een verpleegkundige) is de vergoeding € 52,00.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van 19 november 2015.

Het dagelijks bestuur van de Regionale Dienst Openbare Gezondheidzorg Hollands Midden

De secretaris,

J.M.M. de Gouw

De voorzitter,

J.A. de Jager

Naar boven