Compensatieregeling Huishoudelijke hulp

Deze compensatieregeling is geldig voor inwoners van de gemeenten Het Bildt, Franekeradeel, Harlingen, Leeuwarderadeel, Menameradiel en Terschelling.

Deze regeling is gebaseerd op de beleidskeuzen uit:

  • -

    het beleidsplan/ nota Sociaal domein in de praktijk;

  • -

    Beleidskeuze algemeen bestuur d.d. 1 oktober 2015.

Hoofdstuk 1.Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen
  • 1.

    Alle begrippen die in deze regeling worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

  • 2.

    In deze regeling wordt verstaan onder:

    • a.

      dienst: de dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;

    • b.

      dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;

    • c.

      gebiedsteam: een gebieds- of wijkteam die door de 7 aan de dienst deelnemende gemeenten is ingesteld om hulp en ondersteuning zo dicht mogelijk bij de inwoners van die gemeente te bieden. Hulp en ondersteuning wordt onder andere geboden op het terrein van werk, inkomen, uitkeringen, zelfstandig leven en meedoen in de samenleving.

Hoofdstuk 2. De doelstelling en doelgroep

Artikel 2. Doelstelling en doelgroep

  • 1.

    De Compensatieregeling Huishoudelijke hulp heeft tot doel om de personen die tot de doelgroep behoren tegemoet te komen in de noodzakelijke kosten van de huishoudelijke hulp als algemene voorziening. Op deze wijze wordt voorkomen dat om redenen van financiële aard eenvoudige huishoudelijke werkzaamheden zoals schoonmaken, licht huishoudelijk werk en wasverzorging niet uitgevoerd kunnen worden.

  • 2.

    Tot de doelgroep behoort de alleenstaande, de alleenstaande ouder of het gezin met een inkomen tot ten hoogste 130% van de voor de belanghebbende van toepassing zijnde bijstandsnorm zoals bedoeld in artikel 5 aanhef en onder c. van de Participatiewet.

    Bij de vaststelling van het inkomen wordt in aanmerking genomen het inkomen zoals dit wordt genoemd in artikel 31, 32 en 33 van de Participatiewet.

  • 3.

    De in het tweede lid genoemde personen hebben domicilie in één van de bij de dienst aangesloten gemeenten en staan als zodanig ingeschreven in de Basisregistratie personen (BRP).

  • 4.

    Niet voor de compensatieregeling in aanmerking komt:

    • a.

      de personen aan wie rechtens de vrijheid is ontnomen;

    • b.

      de persoon die jonger is dan 18 jaar;

    • c.

      vreemdelingen anders dan bedoeld in artikel 11, tweede en derde lid van de

      Participatiewet;

    • d.

      de alleenstaande die over een vermogen beschikt welke hoger is dan € 10.000,- en de alleenstaande ouder of het gezin die over een vermogen beschikt welke hoger is dan € 15.000,-. Voor wat betreft de overige bepalingen ten aanzien van het vermogen vindt aansluiting plaats met de Participatiewet.

      Het vermogen van de door de belanghebbende of diens gezin bewoonde eigen woning met bijbehorend erf telt niet mee;

    • e.

      als op andere wijze in de kosten van huishoudelijke hulp wordt voorzien.

Hoofdstuk 3.Voorwaarden voor het recht op compensatie

Artikel 3. De kosten en de noodzakelijkheid

  • 1.

    Financiële compensatie in de kosten van huishoudelijke hulp als algemene voorziening is alleen mogelijk als de kosten noodzakelijk zijn.

  • 2.

    De noodzakelijkheid, inclusief de omvang in uren, van de huishoudelijke hulp wordt beoordeeld door een professional uit het gebiedsteam.

    Er is geen sprake van noodzakelijkheid als de huishoudelijke hulp verricht kan worden door personen binnen het huishouden (gebruikelijke zorg).

Artikel 4. Aanvraag

  • 1.

    Een aanvraag tot het verkrijgen van financiële compensatie in de kosten van huishoudelijke hulp als algemene voorziening wordt bij de dienst ingediend door middel van een daarvoor vastgesteld aanvraagformulier en onder overlegging van de op het aanvraagformulier genoemde bewijsstukken.

  • 2.

    Een aanvraag om in aanmerking te komen voor de compensatieregeling kan alleen worden ingediend nadat de noodzakelijkheid, inclusief de omvang hiervan, door een professional uit het gebiedsteam is vastgesteld.

  • 3.

    Tot de gevraagde bewijsstukken behoort in ieder geval:

    • a.

      een geldig legitimatiebewijs van de aanvrager. Onder een geldig legitimatiebewijs wordt verstaan een document zoals bedoeld in artikel 17, derde lid van de Participatiewet.

      Is de identiteit van belanghebbende met Nederlandse nationaliteit bij de eerste aanvraag eenmaal vastgesteld en vastgelegd in het dossier, dan is bij het jaarlijks verlengen respectievelijk het opnieuw aanvragen van de Compensatieregeling Huishoudelijke hulp het opnieuw overleggen van een legitimatiebewijs niet nodig. Uitzondering hierop is de belanghebbende met de Nederlandse nationaliteit waarbij twijfels bestaan omtrent het voortduren van zijn Nederlanderschap. In dat geval is het overleggen van een geldig legitimatiebewijs wel vereist.

    • b.

      een arbeidsovereenkomst tussen de opdrachtgever en opdrachtnemer.

  • 4.

    Als door het dagelijks bestuur is vastgesteld dat er recht bestaat op financiële compensatie, wordt die compensatie toegekend vanaf de dag waarop dit recht is ontstaan, voor zover deze dag niet ligt uiterlijk drie maanden voor het moment waarop de belanghebbende de aanvraag heeft ingediend.

    •  

Artikel 5. Informatieplicht

De belanghebbende doet aan het dagelijks bestuur op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op deze regeling.

Artikel 6. De bijdrage

  • 1.

    De financiële compensatie bedraagt maximaal € 13,75 per uur en wordt verstrekt voor maximaal 3 uur per week.

  • 2.

    Als de belanghebbende gebruik maakt van huishoudelijke hulp, die door de zorgaanbieder middels een tijdelijke regeling Huishoudelijke Hulp Toelage wordt aangeboden, bedraagt de financiële compensatie voor de resterende voor eigen rekening komende

    kosten maximaal € 8,50 per uur.

  • 3.

    De hoogte van de financiële compensatie is afhankelijk van het inkomen van de belanghebbende. Voor wat betreft de inkomstenbepalingen vindt aansluiting plaats met de Participatiewet.

    • a.

      voor de belanghebbende met een inkomen tot en met 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm bedraagt de vergoeding 100% van de maximale vergoeding zoals genoemd in het eerste- en/of tweede lid;

    • b.

      voor de belanghebbende met een inkomen vanaf 120% tot en met 125% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm bedraagt de vergoeding 60% van de maximale vergoeding zoals genoemd in het eerste- en/of tweede lid;

    • c.

      voor de belanghebbende met een inkomen vanaf 125% tot en met 130% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm bedraagt de vergoeding 30% van de maximale vergoeding zoals genoemd in het eerste- en/of tweede lid;

    • d.

      voor de belanghebbende met een inkomen hoger dan 130% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm is er geen vergoeding.

  • 4.

    Een tijdelijke regeling Huishoudelijke Hulp Toelage wordt gezien als een voorliggende voorziening op de Compemnsatieregeling Huishoudelijke Hulp.

  • 5.

    Kosten van lidmaatschap van een zorgverlener of eenmalige bemiddelingskosten komen niet voor compensatie in aanmerking.

  • 6.

    Het maximum bedrag aan financiële compensatie wordt jaarlijks geïndexeerd aan de hand van het CPI-indexcijfer van het Centraal Bureau voor de statistiek (CBS), “Diverse goederen en diensten” over september van het jaar voorafgaande van het moment

    van inwerkingtreding.

Artikel 7. Terugvordering

Het dagelijks bestuur die de financiële compensatie heeft verleend, vordert de kosten van financiële compensatie terug voor zover die ten onrechte of tot een te hoog bedrag is ontvangen als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de informatieplicht zoals bedoeld in artikel 5.

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen.

Artikel 8. Onvoorziene gevallen

Het dagelijks bestuur kan in die gevallen waarin deze regeling niet voorziet op grond van individuele bijzondere omstandigheden afwijkend beslissen.

Artikel 9. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als Compensatieregeling Huishoudelijke hulp 2016.

Artikel 10. Inwerkingtreding en geldigheidsduur

Deze bijdrageregeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2016 en is geldig tot 1 januari 2017.

Artikel 11. Ambtshalve toekenning

De persoon die op 31 oktober 2015 in aanmerking kwam voor de Compensatieregeling Huishoudelijke hulp 2015 komt bij ongewijzigde omstandigheden over het kalenderjaar 2016 opnieuw in aanmerking voor deze regeling. Die persoon hoeft hiervoor niet opnieuw een aanvraag in te dienen.

Naar boven