Blad gemeenschappelijke regeling van Regionale uitvoeringsdienst Zeeland

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Regionale uitvoeringsdienst ZeelandBlad gemeenschappelijke regeling 2015, 76Beleidsregels
Besluit van het Algemeen Bestuur van RUD Zeeland, houdende de vaststelling van gratificaties bij ambtsjubilea (Jubileumgratificatieregeling RUD Zeeland 2015)
 
Artikel 0 Dit artikel moet nog worden gesplitst
Het Algemeen Bestuur van RUD Zeeland,
Gelet op artikel C.19 van de CAP;
Besluit vast te stellen:
de Jubileumgratificatieregeling RUD Zeeland 201 5.
 
Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen
 
Artikel 1
Deze regeling verstaat onder:
  • CAP: De Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies;
  • belanghebbende: de ambtenaar zoals omschreven in artikel A.1 van de CAP.
 
Artikel 2
  • 1.
    Deze regeling verstaat onder diensttijd:
    • a.
      de tijd doorgebracht in een burgerlijke dienstbetrekking bij de Nederlandse overheid. Voor de toepassing van deze regeling wordt daaronder mede de voormalige N.V. Artillerie-Inrichtingen begrepen;
    • b.
      de tijd, tot uiterlijk 1 maart 1993 doorgebracht bij de N.V. Nederlandse Spoorwegen;
    • c.
      de tijd doorgebracht in een betrekking, als bedoeld in artikel B2 van de Algemene burgerlijke pensioenwet (Stb. 1966, 6) of een betrekking, als bedoeld in artikel B 3 van genoemde wet, alsmede (voor en na 1 januari 1966) in een betrekking, als bedoeld in artikel U 2 van die wet;
    • d.
      de tijd doorgebracht in burgerlijke dienst bij de overheid in de landen Suriname (tot 25 november 1975), de Nederlandse Antillen en Aruba en bij de voormalige gouvernementen van Suriname en Curaçao;
    • e.
      de tijd doorgebracht bij het niet-openbaar onderwijs in de onder d genoemde landen en voormalige overzeese rijksdelen, voor zover zulks de belanghebbende onder de werkingssfeer van een overheidspensioenregeling bracht, of zou hebben gebracht, indien hij in vaste dienst was geweest;
    • f.
      de tijd doorgebracht in Nederlandse militaire dienst of daarmee gelijkgestelde dienst, waaronder begrepen dienst bij de troepen in Suriname (tot 25 november 1975) en de Nederlandse Antillen en Aruba;
    • g.
      de tijd, doorgebracht bij de overheid als stagiair, volontair of practicant met een volledige dagtaak;
  • 2.
    Niet als diensttijd wordt aangemerkt:
    • a.
      de tijd, doorgebracht op non-activiteit wegens het bekleden van een politiek ambt, als bedoeld in artikel D.14 van de CAP;
    • b.
      de tijd gedurende welke betrokkene volledig onbetaald verlof dan wel levensloopverlof heeft genoten, zulks voor zover dat onbetaald verlof of levensloopverlof zich uitstrekte over een aaneengesloten periode van meer dan 6 maanden;
    • c.
      de tijd gedurende welke betrokkene deeltijd levensloopverlof direct voorafgaand aan pensionering heeft genoten waarbij dit verlof zodanig is gecombineerd met deeltijdpensioen dat deze combinatie feitelijk leidt tot een volledig vervroegde uittreding bij de RUD Zeeland..
  • 3.
    Samenvallende diensttijd telt voor de toepassing van deze regeling slechts eenmaal mee;
Diensttijd doorgebracht binnen de keerkringen of in andere bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gebieden, als bedoeld in hoofdstuk 5 van het Pensioenreglement, wordt voor de toepassing van deze regeling niet dubbel geteld.
 
Hoofdstuk 2: De gratificatie
 
Artikel 3: De berekeningsgrondslag
Grondslag voor de berekening van de jubileumgratificatie is de bezoldiging per maand zoals omschreven in artikel A.1 van de CAP, van belanghebbende bij een volledige betrekking, op de dag van het jubileum, vermeerderd met de vakantie-uitkeringen en de eindejaarsuitkering.
 
Artikel 4: De jubileumgratificatie
  • 1.
    Aan de belanghebbende wordt bij het bereiken van een diensttijd van 12,5, 25, 40 of 50 jaren een gratificatie toegekend.
  • 2.
    De gratificatie bedraagt:
    • a.
      bij een 12,5-jarige diensttijd: 25% van de berekeningsgrondslag;
    • b.
      bij een 25-jarige diensttijd: 70% van de berekeningsgrondslag;
    • c.
      bij een 40-jarige diensttijd: een bedrag gelijk aan de berekeningsgrondslag;
    • d.
      bij een 50-jarige diensttijd: een bedrag gelijk aan de berekeningsgrondslag.
  • 3.
    Indien de betrokkene op de datum van zijn ambtsjubileum (gedeeltelijk) onbetaald buitengewoon verlof dan wel levensloopverlof geniet, wordt voor de berekening van zijn ambtsjubileumgratificatie uitgegaan van de bezoldiging die hij genoot direct voorafgaand aan het verlof.
  • 4.
    De gratificatie wordt naar boven afgerond op een veelvoud van vijf euro.
  • 5.
    Op de jubileumgratificatie worden loonheffingen en/of inhoudingen toegepast volgens de regelgeving zoals deze luidt op het moment waarop de gratificatie wordt uitbetaald.
 
Artikel 5: Proportionele gratificatie
  • 1.
    Aan de ambtenaar aan wie ontslag wordt verleend met toepassing van het bepaalde in artikel B.9, sub d, e, f of g van de CAP, wordt bij die gelegenheid een jubileumgratificatie toegekend indien hij bij voortzetting van zijn dienstverband voor of op de dag waarop hij de pensioengerechtigde leeftijd bereikt recht heeft op een jubileumgratificatie wegens een 25-, 40- of 50-jarig ambtsjubileum.
  • 2.
    De gratificatie wordt berekend volgens de formule: (d : e) x f, waarin
d voorstelt de totale diensttijd van belanghebbende, waarbij een gedeelte van een dienstjaar naar boven wordt afgerond op een heel dienstjaar;
e voorstelt het aantal jaren, behorende bij het eerstvolgende jubileum (25, 40 of 50 jaren);
f voorstelt het bedrag van de gratificatie, dat aan belanghebbende zou zijn uitgekeerd indien hij uiterlijk op de dag waarop hij de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, een diensttijd van 25, 40 of 50 jaar zou hebben voltooid.
 
Artikel 6: Geen gratificatie
Indien de belanghebbende ter zake van zijn dienstvervulling reeds - bijvoorbeeld als militair - een gratificatie of uitkering heeft ontvangen, welke naar haar aard overeenkomt met de gratificatie volgens deze regeling, vindt geen toekenning van een gratificatie plaats.
 
Artikel 7: Hardheidsclausule
In gevallen, waarin deze regeling niet of niet naar redelijkheid voorziet, kan het Dagelijks Bestuur van de RUD Zeeland, voor zover nodig in afwijking van de in deze regeling gestelde voorschriften, ten gunste van de belanghebbende incidenteel voorzieningen treffen.
Hoofdstuk 3: Slotbepalingen
 
Artikel 8: Citeertitel
Deze regeling kan worden aangehaald als Jubileumgratificatieregeling RUD Zeeland 201 5
 
Artikel 9: Bekendmaking en inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag nadat het is bekendgemaakt.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van de RUD Zeeland van 2 februari 2015 .
De voorzitter,
W.V.L. Ginjaar
 
De secretaris,
ing. A. van Leeuwen MPA