A. TITEL

Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag, nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten;

Londen, 19 juni 1951

B. TEKST

De tekst van het Verdrag en van de bij ondertekening van het Verdrag voor Nederland, België en Luxemburg afgelegde verklaring is geplaatst in Trb. 1951, 114.

C. VERTALING

Zie Trb. 1953, 10.

D. PARLEMENT

Zie Trb. 1954, 81, Trb. 1991, 157, Trb. 1994, 224 en Trb. 1996, 326.

E. BEKRACHTIGING

Zie Trb. 1954, 81 en Trb. 1963, 98.

F. TOETREDING

Zie Trb. 1954, 81 en Trb. 1963, 98.

Behalve de aldaar genoemde staten hebben nog de volgende staten in overeenstemming met artikel XVIII, derde lid, van het Verdrag een akte van toetreding bij de regering van de Verenigde Staten van Amerika nedergelegd:

Polen21 september 1999
Hongarije21 januari 2000

G. INWERKINGTREDING

Zie Trb. 1954, 81, Trb. 1963, 98 en Trb. 1990, 166.

H. TOEPASSELIJKVERKLARING

Zie Trb. 1963, 98.

J. GEGEVENS

Zie Trb. 1953, 10, Trb. 1954, 81, Trb. 1963, 98, Trb. 1965, 215, Trb. 1980, 163, Trb. 1990, 166, Trb. 1991, 157, Trb. 1994, 224 en 256 en Trb. 1996, 326.

Voor het op 4 april 1949 te Washington tot stand gekomen Noord-Atlantisch Verdrag zie ook Trb. 1999, 121.

Voor het op 28 augustus 1952 te Parijs tot stand gekomen Protocol bij het onderhavige Verdrag, nopens de rechtspositie van internationale militaire hoofdkwartieren, ingesteld uit hoofde van het Noordatlantisch Verdrag, zie ook, laatstelijk Trb. 2001, 27.

Voor de op 3 augustus 1959 te Bonn tot stand gekomen Aanvullende Overeenkomst bij het Navo-Verdrag nopens de rechtspositie der krijgsmacht betreffende de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde buitenlandse krijgsmachten, zie ook Trb. 1990, 167.

Op 6 juli 1998 is te Londen tot stand gekomen het Verdrag inzake de Europese groep van luchtmachten, gewijzigd bij een op 16 juni 1999 te Londen tot stand gekomen Protocol. Dit Verdrag, zoals gewijzigd door dat Protocol, vormt ingevolge zijn artikel 2, eerste lid, een aanvulling op het onderhavige Verdrag in de verhouding tussen de staten die Partij zijn bij het op 6 juli 1998 te Londen tot stand gekomen Verdrag. Tekst en vertaling van het Verdrag en het Protocol zijn geplaatst in Trb. 2000, 105; zie ook Trb. 2001, 29.

Uitgegeven de tweeëntwintigste februari 2001

De Minister van Buitenlandse Zaken,

J. J. VAN AARTSEN

Naar boven