35 608 Voorstel van wet van de leden Bromet en Tjeerd de Groot tot wijziging van de Waterschapswet in verband met het schrappen van de geborgde zetels voor de categorie bedrijven, het schrappen van de eis dat ten minste één lid van het dagelijks bestuur houder is van een geborgde zetel en het introduceren van een vaste verdeling van de resterende geborgde zetels

E BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR INFRASTRUCTUUR, WATERSTAAT EN OMGEVING1

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 september 2022

De vaste commissie voor Infrastructuur, Waterstaat en Omgeving acht het dienstig dat de Eerste Kamer voorlichting vraagt aan de Afdeling advisering van de Raad van State over het voorstel van wet van de leden Bromet en Tjeerd de Groot tot wijziging van de Waterschapswet in verband met het schrappen van de geborgde zetels voor de categorie bedrijven, het schrappen van de eis dat ten minste één lid van het dagelijks bestuur houder is van een geborgde zetel en het introduceren van een vaste verdeling van de resterende geborgde zetels.2 De commissie heeft een concept-voorlichtingsaanvraag opgesteld, die u in de bijlage bij deze brief aantreft. Ik verzoek u het concept te agenderen voor de vergadering van de Eerste Kamer van 27 september 2022, opdat de voorlichtingsaanvraag op die datum formeel kan worden vastgesteld.

De voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur, Waterstaat en Omgeving, H.J. Meijer

CONCEPT-VOORLICHTINGSAANVRAAG

Raad van State

T.a.v. mr. Th. C. de Graaf

Postbus 20019

2500 EA DEN HAAG

Geachte heer De Graaf,

Bij de Eerste Kamer is momenteel in behandeling het voorstel van wet van de leden Bromet en Tjeerd de Groot tot wijziging van de Waterschapswet in verband met het schrappen van de geborgde zetels voor de categorie bedrijven, het schrappen van de eis dat ten minste één lid van het dagelijks bestuur houder is van een geborgde zetel en het introduceren van een vaste verdeling van de resterende geborgde zetels.2 Waar het oorspronkelijke wetsvoorstel voorzag in het schrappen van alle geborgde zetels, heeft het gewijzigd amendement-Grinwis c.s.3bewerkstelligd dat (alleen) de geborgde zetels voor de categorie bedrijven verdwijnen, terwijl voor de categorieën ongebouwd en natuurterreinen geborgde zetels behouden blijven, zij het minder dan voorheen. Nu het karakter van het wetsvoorstel door de amendering in belangrijke mate is gewijzigd, acht de Eerste Kamer het gewenst de Afdeling advisering van de Raad van State om voorlichting te vragen. Concreet ontvangt de Kamer graag een beschouwing over de gevolgen van aanvaarding van het amendement-Grinwis c.s. voor de kwaliteit, consistentie en evenwichtigheid van het wetsvoorstel. Daarbij zou de Afdeling advisering in het bijzonder in moeten gaan op de volgende vragen:

  • Welke representatievormen komen in het geamendeerde wetsvoorstel tot uitdrukking en staan die in een evenwichtige verhouding tot elkaar, mede gelet op het belang van iedere vertegenwoordigde categorie bij het waterbeheer en het aandeel van iedere categorie in de kosten van het waterschap?

  • Wat voor invloed heeft het geamendeerde wetsvoorstel op de stabiliteit van de bestuurlijke basis van de waterschappen, nu er één van de drie geborgde categorieën verdwijnt?

  • Hoe kijkt de Afdeling advisering aan tegen de consistentie van het geamendeerde voorstel voor wat betreft de rol van de provinciale overheid? Achtergrond: volgens het voorstel zoals het thans voorligt bepaalt het provinciebestuur niet meer het aantal zetels per geborgde categorie, maar nog wel de totale omvang van het algemeen bestuur van een waterschap.

De Eerste Kamer ziet met belangstelling uit naar de voorlichting.

De voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, J.A. Bruijn


X Noot
1

Samenstelling:

Atsma (CDA), De Boer (GL), Van Dijk (SGP), Pijlman (D66), Klip-Martin (VVD), Baay-Timmerman (50PLUS), A.J.M. van Kesteren (PVV), arbouw (VVD), Bezaan (PVV), Fiers (PvdA), Dessing (FVD), Geerdink (VVD), Janssen (SP), Kluit (GL), Van der Linden (Fractie-Nanninga), Meijer (VVD) (voorzitter), Moonen (D66), Nicolaï (PvdD), Prins (CDA), Recourt (PvdA), Rietkerk (CDA), Vendrik (GL), Verkerk (CU), De Vries (Fractie-Otten), Van Pareren (Fractie-Nanninga), Raven (OSF) en Karakus (PvdA) (ondervoorzitter).

X Noot
2

Kamerstukken 35 608.

X Noot
3

Kamerstukken II 2021/22, 35 608, nr. 17.

Naar boven