33 046 Wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de loonbelasting 1964 in verband met verhoging en koppeling aan de ontwikkeling van de levensverwachting van de pensioenleeftijd, extra verhoging van het AOW-ouderdomspensioen en introductie van de mogelijkheid het AOW-ouderdomspensioen desgevraagd geheel of gedeeltelijk eerder of later te laten ingaan (Wet verhoging pensioenleeftijd, extra verhoging AOW en flexibilisering ingangsdatum AOW)

Nr. 29 MOTIE VAN HET LID SCHOUTEN

Voorgesteld 2 februari 2012

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende, dat de minister eerder heeft toegezegd dat vertegenwoordigers van zowel jongeren- als ouderenorganisaties betrokken worden in het overleg over het inpassen van de oude rechten in het nieuwe pensioenstelsel;

van mening, dat het betrekken van vertegenwoordigers van zowel jongeren- als ouderenorganisaties leidt tot een groter draagvlak voor het nieuwe pensioenstelsel;

verzoekt de regering tijdig de vertegenwoordigers van zowel jongeren- als ouderenorganisaties actief te betrekken in het overleg voordat de definitieve keuze over de vormgeving van het ftk wordt genomen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Schouten

Naar boven