31 288 Hoger Onderwijs-, Onderzoek- en Wetenschapsbeleid

Nr. 531 MOTIE VAN DE LEDEN DUISENBERG EN VAN MEENEN

Voorgesteld 31 maart 2016

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat onder meer de helft van de hbo-studenten niet tevreden is over de aansluiting op de arbeidsmarkt en wanneer het onderwijs niet goed aansluit, studenten lang op zoek moeten naar een baan, uiteindelijk een baan nemen op een lager niveau of zelfs helemaal geen baan vinden;

overwegende dat bij nieuwe opleidingen wel getoetst wordt of zij in potentie aansluiten op de arbeidsmarkt en maatschappij door middel van de macrodoelmatigheidstoets, maar bij bestaande opleidingen niet;

constaterende dat in het hogeronderwijsstelsel een prikkel ontbreekt voor opleidingen om aandacht te hebben voor de aansluiting op de arbeidsmarkt en maatschappij;

van mening dat opleidingen in het hoger onderwijs een goede aansluiting op de arbeidsmarkt en maatschappij moeten nastreven om een goed toekomstperspectief te kunnen bieden voor studenten en wanneer dit onvoldoende is, opleidingen zich moeten inspannen om dit te verbeteren, bijvoorbeeld door het onderwijsprogramma aan te passen;

verzoekt de regering om, in lijn met het voorstel van het Interstedelijk Studenten Overleg, een periodieke toetsing van de aansluiting op de arbeidsmarkt en maatschappij voor te stellen voor het bestaande aanbod in het hoger onderwijs met als ultimum remedium dat de Minister van Onderwijs kan ingrijpen bij opleiding(en) waar dit nodig is, en de Kamer uiterlijk deze zomer in de verkenning over macrodoelmatigheid te informeren over de manier waarop dit vorm kan krijgen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Duisenberg

Van Meenen

Naar boven