Vragen van de leden Schilder en Lammers (beiden Groep Markuszower) aan de Minister
van Justitie en Veiligheid over de politiepublicatie «Game Over?!» en het profiel
van verdachten van bankhelpdeskfraude en nepagentpraktijken (ingezonden 24 maart 2026).
Antwoord van Minister Van Weel (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 28 april 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1621.
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de politiepagina «Game Over?!», waarin tientallen verdachten
van onder meer bankhelpdeskfraude en nepagentpraktijken herkenbaar in beeld worden
gebracht?1
Vraag 2, 3 en 4
Herkent u een bepaald daderprofiel bij deze daders? Zo ja, hoe ziet dit profiel eruit?
Zo nee, worden wij dan bedrogen door onze eigen ogen?
Kunt u bevestigen dat binnen deze dadergroep sprake is van oververtegenwoordiging
van mensen met een bepaalde herkomst? Zo nee, waarom wordt hier niet explicieter over
gerapporteerd?
Waarom wordt in publieke communicatie over deze criminaliteit terughoudend omgegaan
met het benoemen van daderprofielen, terwijl dit relevant is voor preventie en bewustwording?
Antwoord 2, 3 en 4
Zoals de campagne heeft laten zien zijn nepagenten en fraudeurs een groot probleem,
met soms ingrijpende gevolgen. Niet alleen in verband met de financiële gevolgen van
oplichting, maar ook het verlies van de samenleving in het vertrouwen dat je de deur
kan openen of gegevens kan delen. Dit kabinet geeft prioriteit aan de aanpak van criminaliteit
die burgers raakt, zowel offline als online. Met de actie Game Over?! wil de politie
zaken oplossen, oplichters aanpakken, criminele netwerken verstoren en laten zien
dat deze criminaliteit niet zonder gevolgen blijft. In het strafrecht staat het handelen
van een verdachte centraal. Herkomst, culturele achtergrond of geloof spelen geen
rol.
Vraag 5
In hoeverre is er bij dit type criminaliteit sprake van georganiseerde structuren
en welke rollen worden daarin onderscheiden? Indien sprake is van georganiseerde structuren,
zijn deze duidelijk in beeld bij de politie?
Antwoord 5
Bij oplichtingen door nepagenten is meestal sprake van een georganiseerde structuur
met een aantal rollen. De meeste fraudes verlopen volgens een vast stramien en met
een vaste rolverdeling. De rollen die je kunt onderscheiden zijn: de beller, de nepagent,
de chauffeur en de coördinator. Deze rollen zijn duidelijk. De «Game Over?!» campagne
focust zich specifiek op de rol van nepagent.
Vraag 6
Kunt u toelichten in hoeverre bij deze vormen van fraude sprake is van grensoverschrijdende
of internationaal georganiseerde criminaliteit? Indien hiervan sprake is, op welke
vlakken schieten opsporingsbevoegdheden en de samenwerking met andere landen tekort
in het aanpakken van deze criminaliteit?
Antwoord 6
De internationale component verschilt per type oplichting. Bij telefonische helpdeskfraude
(waar nepagenten en bankhelpdeskfraude onder vallen) is juist vaak sprake van Nederlandse
daders in alle rollen. Vloeiend en netjes Nederlands spreken is een vereiste om geloofwaardig
over te komen.
Er is ook een internationale context: Nederlandse daders plegen hun delicten ook in
België, zowel het oplichten, als het ronselen van personeel. Ook worden Nederlandse
loopjongens ingezet voor oplichtingen in België.
Vraag 7
Bent u voornemens de korpschef op te roepen, bij effectiviteit van deze maatregel
van publicatie, dit veel vaker in te zetten? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 7
Politie en Openbaar Ministerie gaan de «Game Over?!» campagne evalueren. Afhankelijk
van de uitkomst daarvan zullen zij beslissen over een vervolg.
Vraag 8
Bent u bereid de Kamer periodiek te informeren over ontwikkelingen in daderprofielen
en trends binnen deze vorm van criminaliteit?
Antwoord 8
Het Centraal Bureau voor de Statistiek levert maandelijks de kenmerken van bij de
politie geregistreerde verdachten naar incidentsoort. Deze zijn openbaar beschikbaar
via de website van het Centraal Bureau voor de Statistiek.2