Vragen van het lid Mohandis (GroenLinks-PvdA) aan de Minister en de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de veiligheid van schrijvers en boekhandels (ingezonden 1 april 2026).

Antwoord van Minister Letschert (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap), mede namens de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (ontvangen 22 april 2026)

Vraag 1

Deelt u de mening dat het Thorbecke-adagium ten aanzien van cultuur niet alleen moet betekenen «dat de regering geen oordeel, noch enig gezag heeft op het gebied der kunst» maar ook een waarborg van de veiligheid van kunstenaars door de regering, omwille van een bloeiend cultureel leven?1

Antwoord 1

Het Thorbecke-adagium houdt in dat de regering zich niet inhoudelijk uitlaat over artistieke uitingen. Dit is van belang voor de vrijheid van cultuur. Een belangrijke randvoorwaarde voor dit adagium is dat kunstenaars in vrijheid kunnen werken, zonder bedreiging of intimidatie.

Vraag 2

Bent u evenals uw ambtsvoorganger «doorlopend in gesprek met de sector over veiligheid» en over externe bedreigingen, met bijvoorbeeld PersVeilig en SchrijversVeilig, maar ook met het Koninklijke Boekverkopersbond?2

Antwoord 2

Ja. In mijn gesprekken met culturele organisaties sta ik geregeld stil bij veiligheid. Het ministerie heeft contact met partijen als de Groep Algemene Uitgevers, de Koninklijke Boekverkopersbond en de Auteursbond.

SchrijversVeilig heeft als doel om de positie van geïntimideerde en bedreigde auteurs te versterken en is opgezet naar voorbeeld van PersVeilig. Het ministerie steunt SchrijversVeilig sinds mei 2024, samen met de Auteursbond en de Groep Algemene Uitgevers, en zet deze steun voort. PersVeilig vervult haar functie sinds 2019 voor journalisten. In 2025 is de stichting PersVeilig opgericht; zij ontvangt structurele financiering.

Vraag 3

Hoe beoordeelt u in dit verband dat één op de zeven schrijvers in Nederland agressie of intimidatie ervaart vanwege zijn werk, met een remmend effect op nieuwe publicaties en boekwinkeliers die al langer subtiele vormen van druk ervaren?3

Antwoord 3

Zie vraag 1 en 2.

Vraag 4

Bent u bereid om gehoor te geven aan de oproep van de auteurs van het artikel om de collectievrijheid van culturele instellingen te verdedigen en in te grijpen wanneer die vrijheid onder druk komt te staan? Zo ja, welke mogelijkheden staan u ter beschikking om deze bereidheid gestalte te geven? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 4

Als Minister sta ik pal voor de vrijheid van makers. Boekhandels zijn van groot belang voor de vrijheid van ideeën en de vrije toegang tot informatie. Hetzelfde geldt voor bibliotheken en andere culturele voorzieningen. Dit komt ook tot uitdrukking in de steun voor onder meer PersVeilig en SchrijversVeilig. Het is onacceptabel dat de vrijheid van cultuur door bedreiging of intimidatie wordt ingeperkt.

Vraag 5

Deelt u de mening dat het Thorbecke-adagium verankert dient te worden in onze wetgeving? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn kan de Kamer dan voorstellen daartoe tegemoet zien?

Antwoord 5

De Raad voor Cultuur heeft recent een waardevol advies uitgebracht over artistieke vrijheid. Of het Thorbecke-adagium verankerd dient te worden in wetgeving, is een vraag die nadere bestudering verdient. Daarbij speelt de juridische haalbaarheid een rol. Mijn voornemen is de Tweede Kamer in de loop van dit jaar mijn visie hierop te sturen.


X Noot
1

De Minister van Binnenlandse Zaken, Jan Roelof Thorbecke: «Ik zal niet zeggen dat ik er geen belang in stel: een groot deel van mijn leven was daaraan gewijd. Maar het is geen zaak van regering. De regering is geen oordelaar van wetenschap en kunst.» (Handelingen II, vergaderjaar 1862–1863, blz. 36)

X Noot
2

Kamerstuk 36 800 VIII, nr. 131, blz. 54.

X Noot
3

Trouw, d.d. 1 april 2026, «Opinie: Boekverkopers slaan alarm: «Sluipenderwijs gaan wij Amerika achterna»» (www.trouw.nl/opinie/opinie-boekverkopers-slaan-alarm-sluipenderwijs-gaan-wij-amerika-achterna~b344f258/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F)


X Noot
1

De Minister van Binnenlandse Zaken, Jan Roelof Thorbecke: «Ik zal niet zeggen dat ik er geen belang in stel: een groot deel van mijn leven was daaraan gewijd. Maar het is geen zaak van regering. De regering is geen oordelaar van wetenschap en kunst.» (Handelingen II, vergaderjaar 1862–1863, blz. 36)

X Noot
2

Kamerstuk 36 800 VIII, nr. 131, blz. 54.

X Noot
3

Trouw, d.d. 1 april 2026, «Opinie: Boekverkopers slaan alarm: «Sluipenderwijs gaan wij Amerika achterna»» (www.trouw.nl/opinie/opinie-boekverkopers-slaan-alarm-sluipenderwijs-gaan-wij-amerika-achterna~b344f258/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F)

Naar boven