Vragen van het lid Tijs van den Brink (CDA) aan de Staatssecretaris van Defensie en
de Minister van Justitie en Veiligheid over het bericht «Defensie overweegt versoepeling
drugsbeleid: «Geen direct ontslag»» (ingezonden 4 februari 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Boswijk (Defensie), mede namens de Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport (ontvangen 13 april 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar
2025–2026, nr. 1289.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Defensie overweegt versoepeling drugsbeleid: «Geen
direct ontslag»»?1
Vraag 2 en 3
Klopt het dat Defensie overweegt het drugsbeleid te versoepelen?
Wat is de exacte motivatie om dat te doen?
Antwoord 2 en 3
Het Defensiebeleid ten aanzien van het gebruik van en handel in drugs stamt uit 1997
en betreft in de kern een zerotolerance beleid. De norm daarbij is helder: Defensie
en drugs gaan niet samen. Het gebruik of in bezit hebben van drugs, om welke reden
dan ook, door militairen wordt niet getolereerd.
De enige uitzondering die is geformuleerd, betreft het eenmalig gebruik van softdrugs
door een militair in privétijd. In dat soort gevallen wordt volstaan met een waarschuwing.
Het drugsbeleid binnen Defensie is in het bijzonder gericht op sanctionering indien
sprake is van een overtreding van het beleid en biedt weinig ruimte om in individuele
gevallen af te kunnen wijken. Defensie vindt het belangrijk dit beleid te onderzoeken
om te bepalen of er aanpassingen nodig zijn. Daarbij hebben we oog voor preventie,
het bespreekbaar maken van de problematiek en de wijze waarop wordt gesanctioneerd.
Vraag 4
Wat is uw reactie op de in het artikel genoemde overweging van Defensie om het beleid
rondom drugsgebruik door militairen tegen het licht te houden omdat de «opvattingen
over drugsgebruik aan het verschuiven zijn»?
Antwoord 4
De overgrote meerderheid van de Nederlanders gebruikt geen drugs. De Minister van
Justitie en Veiligheid en de Staatssecretaris van Jeugd, Preventie & Sport schreven
in de brief over het drugsbeleid uit mei 2025 (Kamerstuk 24 077, nr. 556) dat de nadruk van het Nederlandse drugsbeleid ligt op het voorkomen en beperken
van drugsgebruik. De opvatting over drugsgebruik binnen Defensie blijft in lijn met
het landelijk beleid dat gevoerd wordt op drugs. In aansluiting daarop wil ik de normen
van het Defensie drugsbeleid niet loslaten, maar aanvullend meer aandacht vragen voor
bewustwording, voorlichting en preventie. Ook onderzoek ik mogelijkheden om Defensie
in staat te stellen om op een meer op de persoonlijke omstandigheden gerichte wijze
uitvoering te geven aan het bestaande drugsbeleid. De opvatting over drugsgebruik
binnen Defensie blijft gebaseerd op de operationele taakuitvoering waarbinnen geen
ruimte is voor drugsgebruik of de effecten daarvan.
Vraag 5
Hoe verhoudt deze overweging zich tot het kabinetsbeleid, dat gericht is op voorkomen
en denormaliseren van (hard)drugsgebruik?
Antwoord 5
Het kabinetsbeleid blijft gericht op het voorkomen van drugsgebruik. Het gebruik van
drugs past niet in een normale, gezonde leefstijl en draagt bij aan de instandhouding
van een criminele industrie. Deze uitgangspunten gelden zeker voor defensiepersoneel
mede gezien de taakstelling. Zoals ik stel in de beantwoording van bovenstaande vragen,
wordt het gebruik of in bezit hebben van drugs door militairen niet getolereerd. Defensie
neemt initiatieven die moeten leiden tot meer bewustwording van de schadelijke effecten
van drugsgebruik op de inzetbaarheid van militairen.
Vraag 6
Hoe vaak leidde drugsgebruik bij Defensie in de afgelopen jaren tot ontslag?
Antwoord 6
In de afgelopen vijf jaar is jaarlijks aan tussen de 45 en de 65 militairen ontslag
verleend onder toepassing van het drugsbeleid.
Vraag 7
Hoe waarborgt u dat de operationele gereedheid en veiligheid van militairen niet in
het geding komen bij een eventuele versoepeling van het zero-tolerance drugsbeleid?
Antwoord 7
Een direct en onvoorwaardelijk inzetbare krijgsmacht vraagt om een scherp drugsbeleid,
gelet op de negatieve effecten die drugs hebben op de inzetbaarheid. Ook vanuit een
oogpunt van veiligheid van het personeel is het ontoelaatbaar dat militairen drugs
gebruiken, mede gelet op de lange tijd dat de werkzame stoffen actief zijn in het
lichaam. Om meer in te zetten op preventie, voorlichting en bewustwording van de schadelijke
effecten van drugsgebruik op de gezondheid en inzetbaarheid, is er een programma met
preventiemaatregelen ontwikkeld. Dit wordt in 2026 stapsgewijs uitgerold binnen de
organisatie.
Vraag 8
Kunt u deze vragen beantwoorden voor het commissiedebat over drugsbeleid van de commissie
Justitie en Veiligheid op 26 februari 2026?
Antwoord 8
Vanwege de interdepartementale afstemming was er helaas meer tijd benodigd voor de
beantwoording van de vragen.